Stichting Houtense Hodoniemen

Onderzoekt straatnamen, boerderijen, onroerend goed en adellijke families in Houten en omgeving

Familie Bosch van Drakestein - Vast- en Onroerend Goed


Verworven gronden, landerijen, boerderijen en landgoederen door Jhr. Paulus Wilhelmus Bosch van Drakestein (1771-1834) tussen 1798 en 1832.





De tot nu toe bekende uitgezochte gegevens door SHH van grond aankopen door Jhr. Paulus Wilhelmus Bosch van Drakestein tussen 1798 en 1832. Let op: galerij wordt van tijd tot tijd aangevuld met meer kaarten van grondaankopen.



 Toelichting bij de aangekochte vast- en onroerende goederen


Families Bijleveld, Bosch (van Drakestein- Van Oud-Amelisweerd) en Michiels van Kessenich hadden aan het einde van de achttiende eeuw en de eerste vijfentwintig jaar van de negentiende eeuw meer vastgoed dan we hier op deze pagina staat beschreven. Het gaat dan voornamelijk om binnenstedelijk panden binnen Utrecht stad. Deze heeft de stichting verder niet uitgezocht. Historisch bewoningsonderzoek in de binnenstad van Utrecht en de eigendomsverhouding daarin in het eind van de achttiende eeuw is namelijk niet het onderzoeksgebied en de kunde van de stichting.

De stichting heeft zich voornamelijk gericht op betrouwbaar krantenonderzoek uit kranten van de achttiende- en begin negentiende eeuw, gehaald uit de database Delpher.nl van de Koninklijke Bibliotheek te Den Haag. In kranten werden in die tijdsperiode divers vast- en onroerend goed te koop aangeboden of aangekondigd voor aanstaande veilingen.

De grote in oppervlakten van (Ridder)hofsteden, landerijen en landgoederen in morgen of hectaren die waren te herleiden naar een goede locatie, die heden te vinden zijn op onlinekaarten over de provincies Utrecht en Gelderland. Zijn het dat de stichting ervoor gekozen heeft deze aankopen van vast- en onroerende goederen van boven genoemde families te onderzoeken en erover te publiceren. Het is niet uitgeloten dat zij meer hadden in vast- en onroerend goed. Gelegen in andere provincies of steden/dorpen buiten de provincies Utrecht en Gelderland.




Aankoop informatie en/of verervingen van families Bosch en Bijleveld zijn ook uit de online database van getranscribeerde notariële akten van Het Utrechts Archief gehaald.

Na het overlijden van Jhr. Paulus Wilhelmus Bosch van Drakestein en zijn neef Jan Willem Hendrik Bosch zijn erin de loop van de negentiende eeuw nog diverse familieleden Bosch geweest die ook andere stukken land kochten. Om van de opbrengst van de pachten te rentenieren. De stichting heeft de meest van deze aankopen niet meegenomen in het hieronder omschreven overzicht.



De Tiende van de gemeente Ommeren

Verpachting van tienden op diverse landbouwgronden in de ambachtsheerlijkheid Ommeren op vrijdag 17 april 1665. Bron: Het Utrechts Archief, archief Bosch van Drakestein 635 32.Verpachting van tienden op diverse landbouwgronden in de ambachtsheerlijkheid Ommeren op vrijdag 17 april 1665. Bron: Het Utrechts Archief, archief Bosch van Drakestein 635 32.



Op vrijdag 17 april 1665 wordt erop een fiche een nieuwe verpachtingsronden gehouden door de toenmalige houder van de tiendrechten in de ambachtsheerlijkheid Ommeren en Lienden (Gelderland). In de zeventiende eeuw behoorde deze tiendrechten bij diverse aanzienlijke lieden die in de omgeving van het dorp (kerspel) van Ommeren woonde. Later vermoedelijk eind 18e eeuw is het tiendrecht overgegaan naar de Heer van Drakestein en De Vuursche.

Bij het opmaken van de Memories van Successie van Jhr. Paulus Wilhelmus Bosch van Drakestein in 1834. Wordt er geschreven over het recht op tiendheffing (recht) op diverse landerijen en landbouwgronden in de gemeente Lienden bij en om het dorp Ommeren in de provincie Gelderland. Een tiend was het recht op het heffen van opbrengsten op landbouwgronden of boomgaarden om een tiende gedeelte hiervan af te staan aan de heer die het recht op de tiendheffing had. Het tiendrecht is in de jaren tien van de twintigste eeuw afgeschaft en afgekocht. Destijds door de toenmalige grootgrondbezitters van die tijd. Vermoedelijk heeft familie Bosch van Drakestein ook in deze tijd het tiendrecht bij Ommeren afgekocht.


Wegen en watergangen kaart van het dorp Ommeren in de voormalige gemeente Lienden. Bron: Regionaal Archief Rivierenland Tiel 0669 102.Wegen en watergangen kaart van het dorp Ommeren in de voormalige gemeente Lienden. Bron: Regionaal Archief Rivierenland Tiel 0669 102.


 

Bouw- en weiland gronden in dorp 't Goy (gem. Houten)

Gronden aangekocht op 08-08-1735 door Hendrik Bosch voor zijn onmondige zoon Theodorus Gerardus Bosch. Na zijn overlijden in 1802 komen ze in het bezit van Paulus Wilhelmus Bosch. Situatie op de kaart ingetekend op 1 oktober 1832.Gronden aangekocht op 08-08-1735 door Hendrik Bosch voor zijn onmondige zoon Theodorus Gerardus Bosch. Na zijn overlijden in 1802 komen ze in het bezit van Paulus Wilhelmus Bosch. Situatie op de kaart ingetekend op 1 oktober 1832.



Op maandag 8 augustus 1735 werd ten overstaan van notaris Johannes Sluyterman te Utrecht door Hendrik Willem als voogd van zijn onmondige zoon Theodorus Gerardus Bosch 8 morgen bouw en weiland aangekocht naast het Uurdijkje gelegen in 't Goy. Bij de koop behoorde ook 3 en halve morgen en 9 roeden land en een halve morgen land in erfpacht bij het kapittel Ten Dom te Utrecht. Gelegen tussen de Tuurdijk ten het noordoosten en Beusichemseweg in het zuidwesten. Na het overlijden van Theodorus in 1802 vererven de landerijen in 't Houten bij Houten op zijn zoon Paulus Wilhelmus Bosch. In 1832 zijn de landerijen in het bezit van de neef van Paulus, Jan Hendrik Willem Bosch. Maar behoren dan bij de landerijen van boerderij Schoneveld (Leedijkerhout 15-17).


 

Hofstede en landerijen van De Klop

in Overvecht (gem. Utrecht)

Gezicht over de Vecht buiten Utrecht met de herberg De Klop en links op de achtergrond slot Zuylen in 1779. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 38219.Gezicht over de Vecht buiten Utrecht met de herberg De Klop en links op de achtergrond slot Zuylen in 1779. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 38219.



De vroegst bekende vermelding van herberg De Klop is aan het einde 17e eeuw te vinden wat toen nog vermeld werd als 'herberge d'Klop'. Op woensdag 12 januari 1695 werd ten overstaan van de Utrechtse notaris Nico Vonck het goed verkocht door Cornelis Teuniss van Oostveen, wonende op De Klop te Zuylen samen met zijn echtgenote Dirkie Janss. Koper was Hendrik Willhem Brieell, van beroep Advocaat aan het Hof van Utrecht. Op dezelfde dag ten overstaan van notaris Vonck verruilde Cor van Oostveen zijn bezit De Klop om het voortaan te huren van Hendrik Brieell.

Bron: Het Utrechts Archief 34-4 U083b018 aktenummer 6 12-01-1695 en U083b018 aktenummer 7 12-01-1695. 

Bij een tweede bekende huurcedule bekend van dinsdag 22 februari 1707 opgemaakt bij de Utrechtse notaris Theodorus Vosch van Avezaat verhuurde Weyntje van Zyll weduwe van Jochem van Veen Huysinge ende herberge De Clop aan Jan Arissen in de Klop in het gerecht van Zuilen.

Bron: Het Utrechts Archief 34-4 U118a002 aktenummer 415 22-02-1707.


Gezicht over de Vecht te Utrecht op de voorgevel en het inrijhek van het huis Roosendaal en op de achtergrond de herberg De Klop in 1750 - 1800. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 206347.Gezicht over de Vecht te Utrecht op de voorgevel en het inrijhek van het huis Roosendaal en op de achtergrond de herberg De Klop in 1750 - 1800. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 206347.



Een kleine twee jaar later verhuurde Weyntje van Zyll ten overstaan van Vosch van Avezaat op zaterdag 13 oktober 1708, huysinge en de hergerbe De Clop aan Jan Arissen van Barnevelt.

Bron: Het Utrechts Archief 34-4 U118a002 aktenummer 514 13-10-1708

Op maandag 12 januari 1711 verhuurde Weyntje van Zyll ten overstaan van Vosch van Avezaat, huysinge en herberge c.a. met cleyn huysjen over den dyck; Vecht omtrent Rosendael, De Clop aan Arien Cornelissen van Schayck.

Bron: Het Utrechts Archief 34-4 U118a003 aktenummer 101 12-01-1711


Huize/boerderij/herberg De Klop aan de Klopdijk 2 langs de Vecht in 2016 van familie Voorwinden-Van der Slot vanuit het zuiden gezien. Foto: Slagboom en Peeters Luchtfotografie B.V.Huize/boerderij/herberg De Klop aan de Klopdijk 2 langs de Vecht in 2016 van familie Voorwinden-Van der Slot vanuit het zuiden gezien. Foto: Slagboom en Peeters Luchtfotografie B.V.



Op zaterdag 23 juni 1736 werd ten overstaan van het Hof van Utrecht en het gerecht van Utrecht herberg De Klop verkocht voor 2000 duizend en 50 carolusguldens en 20 stuivers, Verkoper was Gerrit Maassen die het goed verkocht aan Hendrik van Bijleveld brouwer wonende te Vleuten. Hendrik  was zoals eerder beschreven brouwer maar ook schepen van het gerecht Vleuten. als Hendrik sterft komt herberg De Klop toe aan zijn enigste zoon Johan van Bijleveld werd geboren in ca. 1702 en overleed in 1769, net als zijn vader beoefende hij ook dezelfde beroepen.

Bron: Het Utrechts Archief, T76 huisarchief Zuilen, Invt. 45.


Luchtfoto uit 2016 vanuit het noordwesten gezien met Fort aan De Klop met daarachter huize/boerderij/herberg De Klop. Rechts rivier de Vecht. Foto: Slagboom en Peeters Luchtfotografie B.V.Luchtfoto uit 2016 vanuit het noordwesten gezien met Fort aan De Klop met daarachter huize/boerderij/herberg De Klop. Rechts rivier de Vecht. Foto: Slagboom en Peeters Luchtfotografie B.V.



Ruim vijf jaar later werd ten overstaan van de Utrechtse Dirk Oskamp door Hendrik van Bijleveld, huysinge en herreberg De Klop, verhuurd aan Willem Goes op zaterdag 10 juni 1741.

Bron: Het Utrechts Archief 34-4 U188a003 aktenummer 119 10-06-1741

Op zaterdag 25 mei 1782 vond ten overstaan van de Utrechtse notaris Willem Gerard van Nes de boedelscheiding plaats van de ouders van Willem Hendrik van Bijleveld (1733-1799), Paulus van Bijleveld (1741-1795) en Cornelia van Bijleveld (1746-1823).

Vader Johannes Cornelis van Bijleveld, (1702-1769), huwde in 1751 Ida Eycken. Zij overleed in 1780.


Gezicht vanaf de Vechtdijk op de Vecht en de herberg De Klop bij Zuilen uit het oosten in 1760. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 202338.Gezicht vanaf de Vechtdijk op de Vecht en de herberg De Klop bij Zuilen uit het oosten in 1760. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 202338.



Cornelia werd vertegenwoordigd door haar echtgenoot Theodorus Gerardus Bosch. In de achttiende- en negentiende eeuw was het gewoonlijk dat nalatenschappen naar een vrouwelijk lid van een familie werden beheerd door de echtgenoot. Uit de boedelscheiding kreeg Cornelia van haar ouders herberg De Klop, heden gelegen aan de Klopdijk 2 te Utrecht Overvecht.

Bron: Het Utrechts Archief 34-4 U211a005 aktenummer 28 25-05-1782.

Van een huurcedule uit het tijdperk dat Cornelia van Bijleveld het goed van De Klop bezat. Verhuurde Theodorus Gerardus Bosch ten overstaan van de Utrechtse notaris Johan Kelffkens op vrijdag 2 november 1782, huysinge c.a., zynde een herberg met kolffbaan; de Vegt by het Sandpad, aan Daniel Vreaart, genaamd Daniel Vreyers, wonende te Achttienhoven tesamen met zijn echtgenote Aaltje van der Woert.

Bron: Het Utrechts Archief 34-4 U225a015 aktenummer 11 02-22-1787.



  • Van de achttiende eeuw tot het jaar 1845 was boerderij De Klop (Klopdijk 2, Utrecht Overvecht). Midden onder in geel gearceerd in het bezit van families Van Bijleveld en Bosch van Drakestein. Bron: HISGIS Utrecht.
  • Boerderij De Klop aan de Klopdijk 2 te Utrecht Overvecht heden gezien op de kadasterkaart. Bron: kadastralekaart.com.
  • In rood en geel gearceerd de 4 morgen land die Cornelia van Bijleveld in het jaar 1804 aankocht om bij boerderij De Klop te trekken. Bron: HISGIS Utrecht.
  • Gezicht op de boerderij De Klop aan de de Klopdijk te Utrecht, gezien vanaf de Groeneweg op 25 augustus 1760. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 38026.
  • Gezicht op de Vecht, de Vechtdijk, de brug over de Klopvaart en de boerderij annex herberg De Klop te Zuilen uit het zuidoosten in 1905. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 16387.
  • Gezicht op een gedeelte van de boerderij De Klop (Klopdijk 2) te Utrecht, vanaf de Vechtdijk op 14 juli 1969. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 20770.
  • Gezicht op de voorgevel van de boerderij De Klop (Klopdijk 2) te Utrecht; vanuit het oosten, links de Vecht en het Zandpad in 1974. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 60336.
  • Gezicht op de voor- en linker zijgevel van de boerderij De Klop (Klopdijk 2) te Utrecht; vanuit het zuiden op de voorgrond het Zandpad in 1974. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 60337.
  • Gezicht op de voor- en een gedeelte van de rechter zijgevel van de boerderij De Klop (Klopdijk 2) te Utrecht in 1989. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 60343.
  • Gezicht over de Vecht buiten Utrecht met de herberg De Klop en links op de achtergrond slot Zuylen in 1779. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 38219.
  • Gezicht op een gedeelte van de boerderij De Klop (Klopdijk 2) te Utrecht, vanaf de Vechtdijk op 14 juli 1969. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 20770.
  • Gezicht op de voorgevel van boerderij De Klop (Klopdijk 2) te Utrecht, vanaf de Vechtdijk in 1984. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 844954.
  • Verticale luchtfoto van Fort De Klop, Klopdijk, Vecht en de omgeving van de Prinses Irenelaan te Utrecht in 1948-1952. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 84963.
  • Gezicht vanaf de Vechtdijk op de Vecht en de herberg De Klop bij Zuilen uit het oosten in 1760. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 202338.
  • Luchtfoto van het in ontwikkeling zijnde gebied tussen de Franciscusdreef (links) en de Klopvaart (rechts) te Utrecht in 1980. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer 85274.



Na het overlijden van Cornelia in 1823 komt de herberg toe aan haar zoon Paulus Wilhelmus Bosch van Drakestein.


Kaart (fragment/reconstructie) uit de 17e eeuw naar de situatie van 1539 van de gerechten behorend bij de stadsvrijheid Utrecht van Utrecht naar een tekening van Cornelis Specht. Hierp staat Slot Zuylen al ingetekend en rivier de Vecht. Rehts van het midden hofstede Den Dael ook maar nog niet herberg De Klop. Er is bij het westelijke gedeelte van de Klopdijk de naam 'De Klophaemer ingevuld, maar dit zal een 17e eeuwse toevoeging zijn geweest maar niet naar zoals deze situatie was qua 'naam' uit het jaar 1539. Bron: Het Utrechts Archief, beeldbank.Kaart (fragment/reconstructie) uit de 17e eeuw naar de situatie van 1539 van de gerechten behorend bij de stadsvrijheid Utrecht van Utrecht naar een tekening van Cornelis Specht. Hierp staat Slot Zuylen al ingetekend en rivier de Vecht. Rehts van het midden hofstede Den Dael ook maar nog niet herberg De Klop. Er is bij het westelijke gedeelte van de Klopdijk de naam 'De Klophaemer ingevuld, maar dit zal een 17e eeuwse toevoeging zijn geweest maar niet naar zoals deze situatie was qua 'naam' uit het jaar 1539. Bron: Het Utrechts Archief, beeldbank.



Op dinsdag 28 oktober 1828 ruim zes jaar voor het overlijden van Paul geeft hij herberg De Klop als gift toe aan zijn oudste zoon Jhr. Willem Bosch van Drakestein. Dit gebeurt ten overstaan van de Utrechtse notaris Pieter Adriaan Schermbeek. Waarna De Klop ruim 18 jaar in het bezit van Willem blijft en dus onder het onder het onroerend goed van Landgoed Nieuw-Amelisweerd in de gemeente Rhijnauwen ging behoren.

 Jhr. Willem Bosch van Drakestein verkocht De Klop op zaterdag 14 juni 1845 ten overstaan van de Utrechtse notaris G.H. Stevens aan Carel Emanuel baron Tuyll van Serooskerken. Na zijn overlijden nog datzelfde jaar komt De Klop in het bezit van zijn zoon Willem René baron Tuyll van Serooskerken. Hij overleed in 1878 waarop De Klop in het bezit van zijn echtgenote mevr. Van Weede tot 1899.

Bij testament liet Willem René baron Tuyll en Serooskerken enkele jaren voor zijn overlijden optekenen dat Slot Zuylen en herberg De Klop na het overlijden van zijn echtgenote Van Weede moest overgaan naar zijn achterneef  Frederik Leopold Samuel Frans baron Tuyll van Serooskerke. Frederik Leopold was de kleinzoon van de broer van de vader van Willem René, hij die ook Willem René heette en in 1839 overleed.

Een van Willem René's nazaten Frederik Leopold Samuel Frans baron Tuyll van Serooskerke, Heer van Zuilen verkoopt huize De Klop bij veiling op zaterdag 21 april 1900 onder het toeziend oog van de Maarssense notaris Diederik Hendrik van Nieuwenhuizen.

Koper van herberg De Klop was Cornelis Gijsbertus van der Lee, van beroep Zuivelfabrikant te Utrecht.

Hij kocht De Klop van baron Tuyll van Serooskerken voor f. 21.872,56 gulden.

Hij verkoopt De Klop in op zaterdag 6 juli 1912 per veiling ten overstaan van de Utrechtse notaris J.G. Brouwer Nijhoff aan Simon Anthonie Voorwinden uit Schiebroek van beroep veehouder en later wonende te Zuilen.


Advertentie over de verkoop van 'Hofstede De Klop' die in vele landelijke dagbladen stond dat de landerijen en de hofstede door melkfabrikant Van der Lee verkocht zouden gaan worden aan familie Voorwinden. Bron: Delpher.nl.Advertentie over de verkoop van 'Hofstede De Klop' die in vele landelijke dagbladen stond dat de landerijen en de hofstede door melkfabrikant Van der Lee verkocht zouden gaan worden aan familie Voorwinden. Bron: Delpher.nl.


Simon Voorwinden kocht De Klop aan met een lening van f. 28.000,- gulden van vrouwe Anna Elisabeth Ribbius Peletier, echtgenote van dr. Jacob Hartog. Hij voldeed de kooppenningen op vrijdag 1 november 1912 ten overstaan van notaris Brouwer Nijhoff te Utrecht.

Simon was gehuwd met Baatje van Wijngaarden.  Het echtpaar kreeg een zoon Leenert Simon Voorwinden (1898-1976)

Leendert was gehuwd met Johanna van Os (1896-1974)

In 1956 werd Leendert Voorwinden de halve  eigenaar van boerderij De Klop. Voor de andere helft werd Jan Dirk van der Voort ook van beroep Veehouder en wonende te Lunteren de eigenaar van de boerderij.

In 1967 onteigende de gemeente Utrecht huize De Klop van Leendert Voorwinden met als doel de uitbreiding van Utrecht Overvecht Noord te bewerkstelligen.

In later tijd kocht de familie Voorwinden De Klop weer terug van de gemeente Utrecht.

Na het overlijden van Leendert Voorwinden in 1976 woonde (zoon) Simon Anthonie Voorwinden (1925-2005) in De Klop.


Utrecht vanaf de Vecht gezien. Naar een tekening van Claes Jansz. Visscher in de periode 1600-1625.Utrecht vanaf de Vecht gezien. Naar een tekening van Claes Jansz. Visscher in de periode 1600-1625.


Verkoop affiche (fragment) uit het huisarchief Slot Zuylen waarop op perceel 7 'VEEHOUDERSWONING De Klop' door baron Tuyll van Serooskerken wordt verkocht per veiling ten overstaan van de Maarssenveense notaris Nieuwenhuizen op 21 april 1900. Koper van het goed van dhr. Van de Lee. Bron: Het Utrechts Archief, 76, 285.Verkoop affiche (fragment) uit het huisarchief Slot Zuylen waarop op perceel 7 'VEEHOUDERSWONING De Klop' door baron Tuyll van Serooskerken wordt verkocht per veiling ten overstaan van de Maarssenveense notaris Nieuwenhuizen op 21 april 1900. Koper van het goed van dhr. Van de Lee. Bron: Het Utrechts Archief, 76, 285.


Luchtfoto van het in ontwikkeling zijnde gebied tussen de Franciscusdreef (links) en de Klopvaart (rechts) te Utrecht, uit het zuiden. Op de voorgrond de Vecht en het Fort aan de Klop (1e Polderweg 4-6). Links op de achtergrond het Bedrijventerrein Overvecht in 1980. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 85274.Luchtfoto van het in ontwikkeling zijnde gebied tussen de Franciscusdreef (links) en de Klopvaart (rechts) te Utrecht, uit het zuiden. Op de voorgrond de Vecht en het Fort aan de Klop (1e Polderweg 4-6). Links op de achtergrond het Bedrijventerrein Overvecht in 1980. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 85274.


Verkoop affiche (fragment) van de verkoop van het onroerend goed van Gijsbertus Cornelis van der Lee op zaterdag 6 juli 1912 ten overstaan van de Utrechtse notaris J.G. Brouwer Nijhoff te Utrecht. Koper was Simon Anthonie Voorwinden voor f. 28.000 gulden met bijbehorende landerijen. Bron: Het Utrechts Archief, 76, 285.Verkoop affiche (fragment) van de verkoop van het onroerend goed van Gijsbertus Cornelis van der Lee op zaterdag 6 juli 1912 ten overstaan van de Utrechtse notaris J.G. Brouwer Nijhoff te Utrecht. Koper was Simon Anthonie Voorwinden voor f. 28.000 gulden met bijbehorende landerijen. Bron: Het Utrechts Archief, 76, 285.


Handtekening van Simon Anthonie Voorwinden op vrijdag 1 november 1912 ten overstaan van notaris J.G. Brouwer Nijhoff voor de koop van boerderij De Klop van melkfabrikant Van der Lee met landerijen in Zuilen en Westbroek voor f. 28.000 gulden. Bron: Het Utrechts Archief, 830, 292, 293.Handtekening van Simon Anthonie Voorwinden op vrijdag 1 november 1912 ten overstaan van notaris J.G. Brouwer Nijhoff voor de koop van boerderij De Klop van melkfabrikant Van der Lee met landerijen in Zuilen en Westbroek voor f. 28.000 gulden. Bron: Het Utrechts Archief, 830, 292, 293.



Luchtfoto van Fort De Klop vanaf 800 m hoogte in 1926. Bron: NIMH-beeldbank, Defensie, objectnummer: 2155_005297.Luchtfoto van Fort De Klop vanaf 800 m hoogte in 1926. Bron: NIMH-beeldbank, Defensie, objectnummer: 2155_005297.



De oudste vermelding die de stichting bekend is van De Klop is de 'Cloop' op de stadregiokaart uit 1629 die zich in de Het Utrechts Archief te vinden is. Diverse historici, Hollandse Waterlinie websites en Regionaal Historische verenigingen schrijven allemaal prachtige artikelen over de historie van Fort aan De Klop. Met de hierin voor hun bekende vermelding dat het fort genoemd is naar herberg De Klophaemer. Met hierin, in 90% van de gevallen in het verhaal niet opgenomen dat het om het naast gelegen pand De Klop gaat. Gelegen naast het fort De Klop aan de Klopdijk 2. Evenmin hierin na het uitgebreid nagekeken te hebben op de website laat geen enkel persoon of verenging een goede duidelijke bron zien. Waarmee te herleiden is dat erover de herberg geschreven wordt als De Klophaemer.


Achterzijde van Herberg De Klop. Naar een tekening van Dirk van der Burg in het jaar 1760.Achterzijde van Herberg De Klop. Naar een tekening van Dirk van der Burg in het jaar 1760.



De herberg vormde in vroegere tijden een rust- en slaapplaats voor florense die over het naastgelegen zandpad naar Amsterdam of Utrecht trokken. De Klop was er ook voor de trekschuiten en andere scheepjes die veerdienst uitvoerde op de naast gelegen rivier de Vecht. Die meestal hun begin- of eindpunt hadden bij de herberg.

Een tweede opvallende naar onze mening gedeeltelijke misvattende beschrijving hierin is dat ze het hebben over dat Fort De Klop genoemd naar herberg De Klophaemer.


Gezicht vanaf de Vechtdijk op de Vecht en de herberg De Klop bij Zuilen uit het oosten op donderdag 30 september 1756. Getekend door Jan Versteegh. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 201001.Gezicht vanaf de Vechtdijk op de Vecht en de herberg De Klop bij Zuilen uit het oosten op donderdag 30 september 1756. Getekend door Jan Versteegh. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 201001.



Het klopt inderdaad dat in een opgesnorde bron uit een placaatboek uit 1729 herberg De Klop, De Klophaemer wordt genoemd. Wat in één van de summiere te bevinden bronnen was op internet. Waaronder op Google Books en Delpher.nl. Dat het De Klophamer was geldt verder niet voor de verdere voor- en achterliggende jaren waarin in vermoedelijk tientallen notariële akten wordt geschreven over De Clop of De Klop en niet als zijnde De Klophaemer.

Dus leest uw op een website dat Fort aan de Klop is genoemd naar Herberg De Klophamer, dient dit met een korreltje zout te worden verstaan. In de vele honderden jaren vanaf de zeventiende eeuw was, en is het De Clop of De Klop.

Mocht een ander van mening zijn en bewijs hebben dat er in meerdere akten wordt geschreven als zijnde De Klophamer. Dan verneemt de stichting dat graag en kunnen we dit bijstellen.

 

Fort aan de Klop in 1926. Bron: NIMH-beeldbank, Defensie, objectnummer: 2011-0970.Fort aan de Klop in 1926. Bron: NIMH-beeldbank, Defensie, objectnummer: 2011-0970.


Kaart (fragment) van de kadastrale gemeente Zuilen, sectie B te Utrecht midden 19e eeuw. Beneden de Amsterdamsestraatweg (westen), boven rivier de Vecht (oosten). Linksboven de Laan van Chartroise en de Grotelaan ooit onderdeel geweest van klooster Nieuwlicht van de Kartuizers. Bron: Het Utrechts Archief, beeldbank.Kaart (fragment) van de kadastrale gemeente Zuilen, sectie B te Utrecht midden 19e eeuw. Beneden de Amsterdamsestraatweg (westen), boven rivier de Vecht (oosten). Linksboven de Laan van Chartroise en de Grotelaan ooit onderdeel geweest van klooster Nieuwlicht van de Kartuizers. Bron: Het Utrechts Archief, beeldbank.



Op dinsdag 31 januari 1804 werd ten overstaan van de Utrechtse notaris Nicolaas Wilhelmus Buddingh 4 mergen weyland getransporteerd van eigenaar. Gelegen in  de ambachtsheerlijkheid Westbroek en Buytenweg achter de Klop. Verkoper was Hermanus Fransen Jansz, wonend te Zuilen Mariëndaal, echtgenote Eva Wigman. Koopsters was Cornelia van Bijleveld. Zij kocht de 4 morgen land aan om bij haar bezit van boerderij De Klop te trekken. De weilanden lagen enkele tientallen meters in noordwestelijke richting van De Klop af.

Bron: Het Utrechts Archief 34-4 U272c030 aktenummer 13 31-01-1804.


Kaart van het dorp en huis Zuilen en van percelen bouw- en weiland en een boomgaard tussen de Vecht en de Groeneweg en de Nedereindsevaart en de Klopvaart in ca. 1650. Bovenlangs de rivier de Vecht. Links staat herberg De Klop ingetekend op de hoek van de Klopdijk 2, met de Vechtdijk en 1e Polderweg. Bron: Het Utrechts Archief, 76, 283, 001.Kaart van het dorp en huis Zuilen en van percelen bouw- en weiland en een boomgaard tussen de Vecht en de Groeneweg en de Nedereindsevaart en de Klopvaart in ca. 1650. Bovenlangs de rivier de Vecht. Links staat herberg De Klop ingetekend op de hoek van de Klopdijk 2, met de Vechtdijk en 1e Polderweg. Bron: Het Utrechts Archief, 76, 283, 001.



In het jaar 1819 werd westelijk tegen het terrein van boerderij De Klop het Fort aan de Klop aangelegd. Onderdeel van de Nieuwe Hollandse Waterlinie. Cornelia heeft zoals te zien is op de kadasterkaart in dat jaar een aantal stukjes land behorend bij de boerderij aan de Staat der Nederlanden moeten verkopen voor de aanleg van de fortificatie.


Verticale luchtfoto van Fort De Klop, Klopdijk, Vecht en de omgeving van de Prinses Irenelaan te Utrecht in 1948-1952. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 84963.Verticale luchtfoto van Fort De Klop, Klopdijk, Vecht en de omgeving van de Prinses Irenelaan te Utrecht in 1948-1952. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 84963.



Fort aan de Klop is een verdedigingswerk aan de rivier de Vecht in Utrecht. Het fort werd aangelegd in 1819. De functie van het fort bestond onder andere uit de bescherming van de stad Utrecht. Het was tevens onderdeel van de Nieuwe Hollandse Waterlinie.


Luchtfoto van Oud-Zuilen (gemeente Maarssen) uit het zuidwesten; met op de achtergrond een gedeelte van de Polder Buitenweg op dinsdag 28 april 1987. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 50375.Luchtfoto van Oud-Zuilen (gemeente Maarssen) uit het zuidwesten; met op de achtergrond een gedeelte van de Polder Buitenweg op dinsdag 28 april 1987. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 50375.



 De huidige kruising Klopdijk, Vechtdijk en Eerste Polderweg was vroeger een belangrijk kruispunt voor het verkeer dat met kleine schepen, via de Vecht en de Westbroekervaart (nu Klopvaart), de stad Utrecht moest kunnen bereiken.


Kaart van rivier de Vecht met gedeelte van buiten Rosendaal ten noorden van de rivier en ten zuiden van de Klopvaart. Bron: Archief Slot- Zuylen, Het Utrechts Archief, Topografische Atlas.Kaart van rivier de Vecht met gedeelte van buiten Rosendaal ten noorden van de rivier en ten zuiden van de Klopvaart. Bron: Archief Slot- Zuylen, Het Utrechts Archief, Topografische Atlas.



Op deze plaats floreerde de toenmalige herberg "de Clophaemer", waar reizigers onderdak werd geboden. De naam van het fort en van veel organisaties in de omgeving in Utrecht Overvecht zijn hiervan afgeleid. Op dit gedeelte van de Vecht was destijds nog geen brug, zoals nu het geval is. Men moest daarom gebruikmaken van de veerdienst van de herberg om de rivier over te steken. De Fortlaan in het wijkdeel Zuilen dankt zijn naam aan het gebruik van deze veerdienst. 

Bron: Wikipedia Fort aan de Klop.


Plattegrond van het Fort aan de Klop uit 1906 met hierbij wel ingetekend 'Boerderij De Klop' rechtsonder te zien. Bron: Onbekend.Plattegrond van het Fort aan de Klop uit 1906 met hierbij wel ingetekend 'Boerderij De Klop' rechtsonder te zien. Bron: Onbekend.



Beschrijving van huize De Klop aan de Klopdijk 2 volgens het Monumentenregister

Kaart uit het huisarchief van Slot Zuylen uit 1743 waar de landerijen van Zuilen ten zuiden van de rivier de Vecht op staan ingetekend. Bron: Het Utrechts Archief, 76, 308-2.Kaart uit het huisarchief van Slot Zuylen uit 1743 waar de landerijen van Zuilen ten zuiden van de rivier de Vecht op staan ingetekend. Bron: Het Utrechts Archief, 76, 308-2.



Boerderijcomplex met 17e eeuws woonhuis en compleet erf met o.a. diverse schuren, aan de Vecht en de Klopdijk gelegen.

Het aan een bocht in de Vecht, Klopdijk en 1e Polderweg gelegen erf is zeer compact en bevat achter het hoofdgebouw twee houten schuren, een stenen schuurtje en een hooimijt. Tevens bevindt zich aan de overzijde van de 1e Polderweg een houten schuur.


Herberg De Klop ingetekend in de kadastrale gemeentekaart van Zuilen in de periode tussen 1832 en 1850. Bron: Het Utrechts Archief, beeldbank.Herberg De Klop ingetekend in de kadastrale gemeentekaart van Zuilen in de periode tussen 1832 en 1850. Bron: Het Utrechts Archief, beeldbank.



Het hoofdgebouw, eenlaags met schilddak met de nok evenwijdig aan de Klopdijk, bestaat uit een woongedeelte en een aangebouwd stalgedeelte aan de linkerzijde. Het stamt uit de 17e eeuw en heeft een opkamer en een kelder. De gevels zijn witgeschilderd en hadden tot voor kort geen goten.


De op het zuid-oosten gerichte voorgevel aan de Klopdijk heeft eenvoudige, forse muurankers. In deze gevel bevindt zich een deur met rechts daarvan drie vensters en links twee vensters behorend bij de opkamer, alle met de oude luiken. De rechter zijgevel heeft twee hoog geplaatste vensters, eveneens nog met luiken, met daaronder twee kelderlichten, het voorste met luikje, het achterste met diefijzers.

Achter aan deze gevel bevindt zich een modern venster behorend bij de keuken, die ten dele uitgebouwd onder een aankapping, op maaiveld niveau achter de opkamer ligt en mogelijk tot de oudste bouwfase behoort. De achtergevel van deze aanbouw heeft een goot met ojief-profiel en bevat naast de deur met zijlicht twee kleine, gewijzigde vensters. Links achter ligt een veel diepere aanbouw onder aankapping, aansluitend op het stalgedeelte dat links hiervan ligt onder een zadeldak met wolfseind.

Portret van Carel Emanuel baron van Tuyll van Serooskerken (1775-1845) in 1845. Carel kocht herberg De Klop aan in 1845 van Jhr. Willem Bosch van Drakestein van Nieuw-Amelisweerd. Bron: Nederlands Instituut voor Kunstgeschiedenis, Den Haag.Portret van Carel Emanuel baron van Tuyll van Serooskerken (1775-1845) in 1845. Carel kocht herberg De Klop aan in 1845 van Jhr. Willem Bosch van Drakestein van Nieuw-Amelisweerd. Bron: Nederlands Instituut voor Kunstgeschiedenis, Den Haag.



Kaart (fragment) van de stad Utrecht met wijde omgeving; met weergave van wegen, watergangen en bebouwing buiten de binnenstad; met weergave van een verdedigingswal met bastions en gracht tussen de Vecht en Vaartsche Rijn in de eerste linie en vier hoornwerken tussen de Vecht en de Vaartsche Rijn langs de stadsgracht in de tweede linie. Dit is de tot zover oudste bekend kaart die de stichting kent uit het jaar anno 1629 waar herberg De Klop op staat ingetekend onder de naam 'Cloop'. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 216130.Kaart (fragment) van de stad Utrecht met wijde omgeving; met weergave van wegen, watergangen en bebouwing buiten de binnenstad; met weergave van een verdedigingswal met bastions en gracht tussen de Vecht en Vaartsche Rijn in de eerste linie en vier hoornwerken tussen de Vecht en de Vaartsche Rijn langs de stadsgracht in de tweede linie. Dit is de tot zover oudste bekend kaart die de stichting kent uit het jaar anno 1629 waar herberg De Klop op staat ingetekend onder de naam 'Cloop'. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 216130.



Portret van Willem Rene baron van Tuyll van Serooskerken (1813-1878) in 1876. Hij bezat herberg De Klop na het overlijden van zijn vader van 1845 tot zijn overlijden in 1878. Bron: Nederlands Instituut voor Kunstgeschiedenis, Den Haag.Portret van Willem Rene baron van Tuyll van Serooskerken (1813-1878) in 1876. Hij bezat herberg De Klop na het overlijden van zijn vader van 1845 tot zijn overlijden in 1878. Bron: Nederlands Instituut voor Kunstgeschiedenis, Den Haag.


Portret van Jkvr. Francoise Margaretha van Weede (1823-1899) in 1876. Zij was de echtgenote Willem René baron van Tuyll van Serooskerken. Van 1878 tot 1899 had Francoise herberg De Klop in haar bezit na het overlijden van haar echtgenoot. Bron: Nederlands Instituut voor Kunstgeschiedenis, Den Haag.Portret van Jkvr. Francoise Margaretha van Weede (1823-1899) in 1876. Zij was de echtgenote Willem René baron van Tuyll van Serooskerken. Van 1878 tot 1899 had Francoise herberg De Klop in haar bezit na het overlijden van haar echtgenoot. Bron: Nederlands Instituut voor Kunstgeschiedenis, Den Haag.




De achtergevel van deze aanbouw en de stal heeft drie stalvensters onder segmentbogen.

De lage linker gevel van de stal heeft in het midden een deur met drie-ruit bovenlicht en voor- en achteraan een kleine staldeur.

In de overblijvende hoek voor het stalgedeelte heeft het hoofdhuis, tegen de linker gevel, nog een zeer kleine houten groene uitbouw van rabatwerk onder een plat dak met aan de voor- en linkerzijde een venster.


Een kleurenfoto van een tekening van één de gevelkanten van Slot Zuylen getekend in januari 1753. Bron: Het Utrechts Archief, Topografische Atlas.Een kleurenfoto van een tekening van één de gevelkanten van Slot Zuylen getekend in januari 1753. Bron: Het Utrechts Archief, Topografische Atlas.



Achter het hoofdgebouw ligt een rij bijgebouwen. Geheel links, aan de Vecht, een groene houten schuur onder zadeldak met pannendekking, daterend uit de 19e eeuw (of eerder). De nok ligt evenwijdig aan de Klopdijk. De lage zuid-west gevel van rabatwerk heeft links een inrijpoort en rechts een deur. De blinde topgevels rechts en links zijn gepotdekseld.


Gezicht over de Klopvaart en de Klopdijk te Utrecht, met rechts op de achtergrond flatgebouwen in de wijk Overvecht-Noord in 1969-1970. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 851298.Gezicht over de Klopvaart en de Klopdijk te Utrecht, met rechts op de achtergrond flatgebouwen in de wijk Overvecht-Noord in 1969-1970. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 851298.



Rechts hiervan ligt een recent houten schuurtje van zeer bescheiden afmeting dat geen bescherming behoeft, hoewel kenmerkend voor de wijze waarop uit afvalhout op een levend erf steeds naar behoefte kleine bergingen ontstaan.



Portret van Frederik Leopold Samuel Frans van Tuyll van Serooskerken (1858-1934) in 1909. Lid van de Provinciale Staten van Utrecht en burgemeester van Zuilen (Utrecht). Bron: Nederlands Instituut voor Kunstgeschiedenis, Den Haag.Portret van Frederik Leopold Samuel Frans van Tuyll van Serooskerken (1858-1934) in 1909. Lid van de Provinciale Staten van Utrecht en burgemeester van Zuilen (Utrecht). Bron: Nederlands Instituut voor Kunstgeschiedenis, Den Haag.


Portret van Willem René baron van Tuyll van Serooskerken (1813-1878) in 1816. Bron: Nederlands Instituut voor Kunstgeschiedenis, Den Haag.Portret van Willem René baron van Tuyll van Serooskerken (1813-1878) in 1816. Bron: Nederlands Instituut voor Kunstgeschiedenis, Den Haag.



Gezicht over de Klopvaart en de Klopdijk te Utrecht, met links op de achtergrond flatgebouwen in de wijk Overvecht-Noord in 1969-1970. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 851299.Gezicht over de Klopvaart en de Klopdijk te Utrecht, met links op de achtergrond flatgebouwen in de wijk Overvecht-Noord in 1969-1970. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 851299.



Daarop volgt een witgeschilderd stenen gebouw onder steil zadeldak, met de nok evenwijdig aan de Klopdijk, vermoedelijk uit de eerste helft van de 19e eeuw. De noord-oost gevel, met vlechtingen, heeft een deur en een zolderluik. De zuid-west gevel, eveneens met vlechtingen, is blind. De noord-west gevel heeft een halfrond stalraam.


Zicht op links de rivier de Vecht met de diverse woonboten en ernaast de naar het verder noordwestelijk lopende Vechtdijk met rechts de vroegere herberg/boerderij De Klop aan de Klopdijk 2. Heden het bezit van familie Voorwinden/Van der Slot in vroegere tijden Van Bijleveld, Bosch van Drakestein, Tuyll van Serooskerken en Van der Lee geweest. Foto: oktober 2020, Sander van Scherpenzeel.Zicht op links de rivier de Vecht met de diverse woonboten en ernaast de naar het verder noordwestelijk lopende Vechtdijk met rechts de vroegere herberg/boerderij De Klop aan de Klopdijk 2. Heden het bezit van familie Voorwinden/Van der Slot in vroegere tijden Van Bijleveld, Bosch van Drakestein, Tuyll van Serooskerken en Van der Lee geweest. Foto: oktober 2020, Sander van Scherpenzeel.



Hierna volgt de nog compleet aanwezige vierkante hooimijt onder puntdak.


Links de vroegere boerderij en herberg De Klop met aan de rechterkant de opkamer met daarnaast de toegangsweg tot Fort aan de Klop en de 1e Polderweg. Foto: Oktober 2020, Sander van Scherpenzeel.Links de vroegere boerderij en herberg De Klop met aan de rechterkant de opkamer met daarnaast de toegangsweg tot Fort aan de Klop en de 1e Polderweg. Foto: Oktober 2020, Sander van Scherpenzeel.



Rechts sluit de rij langs de 1e Polderweg met een houten schuur van rabatwerk onder een met pannen gedekt zadeldak met de nok loodrecht op de Klopdijk, stammend uit de 19e eeuw (of eerder) De zuid-oostelijke puntgevel met inrijpoort, zolderluik en daarboven vier invliegopeningen voor duiven, heeft rijk-gesneden windveren en kozijnen. De groene rechtergevel langs de 1e Polderweg heeft twee kleine halfronde vensters. De linker zijgevel heeft een deur, een venster en enkele gewijzigde kleine vensters. De puntgevel aan de achterzijde heeft eenvoudige windveren en is zwart geschilderd.


De vroegere herberg en boerderij De Klop aan de Klopdijk 2 te Utrecht Overvecht. Met rechts de opkamer. Foto: Oktober 2020, Sander van Scherpenzeel.De vroegere herberg en boerderij De Klop aan de Klopdijk 2 te Utrecht Overvecht. Met rechts de opkamer. Foto: Oktober 2020, Sander van Scherpenzeel.


 

Tegenover de ingang van het erf, die tussen de laatst genoemde schuur en de keuken van het hoofdgebouw ligt, bevindt zich aan de overzijde van de 1e Polderweg nog een kleine schuur van rabatwerk uit de 19e eeuw (of eerder), onder een ongeveer noord-zuid gericht zadeldak.

De voorgevel met inrijdeur, zolderluik en eenvoudige windveren is groen geschilderd. De groene rechter gevel, min of meer langs de Klopdijk gelegen, is op een klein venstertje na blind. De eveneens groene linker gevel heeft slechts een zeer laag deurtje. De zwarte achtergevel is blind.

Het boerderij-erf is zeer markant gelegen langs de vecht en onttrekt ten dele het jonge fort De Klop aan het oog. Het complex van hoofdhuis met aanbouwen, vier bijgebouwen en hooimijt is van belang als gaaf bewaard gebleven compact boerenerf en tevens van bouwhistorisch belang.

Portret van Willem René baron van Tuyll van Serooskerken (1813-1878) en Jkvr. Françoise Margaretha van Weede (1823-1899) in 1871. Bron: Nederlands Instituut voor Kunstgeschiedenis, Den Haag.Portret van Willem René baron van Tuyll van Serooskerken (1813-1878) en Jkvr. Françoise Margaretha van Weede (1823-1899) in 1871. Bron: Nederlands Instituut voor Kunstgeschiedenis, Den Haag.



Toegangsweg tot het Fort aan De Klop aan de 1e Polderweg te Utrecht Overvecht. Foto: Oktober 2020, Sander van Scherpenzeel.Toegangsweg tot het Fort aan De Klop aan de 1e Polderweg te Utrecht Overvecht. Foto: Oktober 2020, Sander van Scherpenzeel.



Bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) te Amersfoort.


Foto van het straatnaambord Vechtdijk onderdeel uitmakende van het vroegere zandpad tussen Amsterdam en Utrecht. Bordt staat tegenover De Klop. Foto: Oktober 2020, Sander van Scherpenzeel.Foto van het straatnaambord Vechtdijk onderdeel uitmakende van het vroegere zandpad tussen Amsterdam en Utrecht. Bordt staat tegenover De Klop. Foto: Oktober 2020, Sander van Scherpenzeel.


Luchtfoto van Zuilen, uit het zuidoosten; op de voorgrond een gedeelte van de wijk Ondiep te Utrecht in de periode 1920-1930. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 84637.Luchtfoto van Zuilen, uit het zuidoosten; op de voorgrond een gedeelte van de wijk Ondiep te Utrecht in de periode 1920-1930. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 84637.



Krantenadvertenties en akten over herberg 'De Klop'

'Coopconsitien Hendrik Maassen cum fins Verkopers en H. Hendrik van Bijleveld Coper m. dato 23 junij 1736 Van Herberg De Klop (Klopdijk 2). Bron: Het Utrechts Archief, 76, 45.'Coopconsitien Hendrik Maassen cum fins Verkopers en H. Hendrik van Bijleveld Coper m. dato 23 junij 1736 Van Herberg De Klop (Klopdijk 2). Bron: Het Utrechts Archief, 76, 45.


Gifte onder de Levenden gepasseerd door Den WelEdelengeboren Heer Mr. P.W. Bosch van Drakestein aan zijnen Zoon Den wel EdelenGeboren Heer Mr. W. Bosch van Drakestein. Van 3 bunders, 40 roeden, 36 ellen wei- en hooiland, en 3 bunders en 40 roeden, 36 ellen mei- en hooiland, weide gelegen in de gemeente Westbroek. In dato 28 october 1828. Bron: Het Utrechts Archief, 76, 45.Gifte onder de Levenden gepasseerd door Den WelEdelengeboren Heer Mr. P.W. Bosch van Drakestein aan zijnen Zoon Den wel EdelenGeboren Heer Mr. W. Bosch van Drakestein. Van 3 bunders, 40 roeden, 36 ellen wei- en hooiland, en 3 bunders en 40 roeden, 36 ellen mei- en hooiland, weide gelegen in de gemeente Westbroek. In dato 28 october 1828. Bron: Het Utrechts Archief, 76, 45.


Verkoopakte over de verkoop van herberg De Klop van Jhr. Willem Bosch van Drakestein van Nieuw-Amelisweerd aan Carel Emmanuel baron Tuyll van Serooskerken, Heer van Zuilen van zaterdag 14 juni 1845. Bron: Het Utrechts Archief, 76, 45.Verkoopakte over de verkoop van herberg De Klop van Jhr. Willem Bosch van Drakestein van Nieuw-Amelisweerd aan Carel Emmanuel baron Tuyll van Serooskerken, Heer van Zuilen van zaterdag 14 juni 1845. Bron: Het Utrechts Archief, 76, 45.


Krantenartikel van het Genie van Nederland en Utrecht uit 1815 over de aangekondigde bouw en aanleg van de Nieuwe Hollandse Waterlinie en verbeteringen in het landschap ten oosten en noorden van Utrecht stad. Waaronder die ook van De Klop. Bron: Delpher.nl.Krantenartikel van het Genie van Nederland en Utrecht uit 1815 over de aangekondigde bouw en aanleg van de Nieuwe Hollandse Waterlinie en verbeteringen in het landschap ten oosten en noorden van Utrecht stad. Waaronder die ook van De Klop. Bron: Delpher.nl.


Verkoop hofstede Den Daal in december 1849 ten overstaan de Maarsseveense notaris Van den Helm geveild in herberg De Klop. Bron: Delpher.nl.Verkoop hofstede Den Daal in december 1849 ten overstaan de Maarsseveense notaris Van den Helm geveild in herberg De Klop. Bron: Delpher.nl.


Kaart van de hofstede ten Daal met bijbehorende landerijen bij Zuilen in 1800-1820. Bron: Het Utrechts Archief, 8001, catalogusnummer: 1594.Kaart van de hofstede ten Daal met bijbehorende landerijen bij Zuilen in 1800-1820. Bron: Het Utrechts Archief, 8001, catalogusnummer: 1594.


Advertentie voor de verkoop van een burgerwoning of boerenwoning in februari 1837 door de Maarssenveense notaris Van den Helm in herberg De Klop. Bron: Delpher.nl.Advertentie voor de verkoop van een burgerwoning of boerenwoning in februari 1837 door de Maarssenveense notaris Van den Helm in herberg De Klop. Bron: Delpher.nl.


Op vrijdag 22 november 1850 werden in herberg De Klop werkpaarden aangeboden van 4 a 5 jaar oud. Bron: Delpher.nl.Op vrijdag 22 november 1850 werden in herberg De Klop werkpaarden aangeboden van 4 a 5 jaar oud. Bron: Delpher.nl.


Herberg De Klop (rechts) en het Fort aan de Klop ingetekend op de kadastrale minuutplan uit het jaar 1832. Bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) te Amersfoort, beeldbank.Herberg De Klop (rechts) en het Fort aan de Klop ingetekend op de kadastrale minuutplan uit het jaar 1832. Bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) te Amersfoort, beeldbank.


Op woensdag 25 juni 1845 werd in herberg De Klop 12 bunders aan grasgewas verpachting aangeboden, gelegen in Zuilen. Bron: Delpher.nl.Op woensdag 25 juni 1845 werd in herberg De Klop 12 bunders aan grasgewas verpachting aangeboden, gelegen in Zuilen. Bron: Delpher.nl.


Op donderdag 8 maart 1838 werd in herberg De Klop Eene Huizinge en Smeederij, erf en Grond met loods aangeboden voor de veiling. Bron: Delpher.nl.Op donderdag 8 maart 1838 werd in herberg De Klop Eene Huizinge en Smeederij, erf en Grond met loods aangeboden voor de veiling. Bron: Delpher.nl.


Op zaterdag 6 juli 1912 verkocht zuivelfabrikant Van der Lee huize De Klop aan Leendert Simon Voorwinden. Waarop De Klop al meer dan 100 jaar wordt bewoond door een familielid Voorwinden. Bron: Delpher.nl.Op zaterdag 6 juli 1912 verkocht zuivelfabrikant Van der Lee huize De Klop aan Leendert Simon Voorwinden. Waarop De Klop al meer dan 100 jaar wordt bewoond door een familielid Voorwinden. Bron: Delpher.nl.


Op zaterdag 13 november 1847 werd het buiten Roosendaal aan de Vecht in Utrecht Overvecht te koop aangeboden om per veiling te worden aangekocht. Bron: Delpher.nl.Op zaterdag 13 november 1847 werd het buiten Roosendaal aan de Vecht in Utrecht Overvecht te koop aangeboden om per veiling te worden aangekocht. Bron: Delpher.nl.


Buitenplaats Roosendaal aan de Vecht gelegen voor herberg De Klop op een prent aan het begin van de zeventiende eeuw. Bron: Het Utrechts Archief, beeldbank.Buitenplaats Roosendaal aan de Vecht gelegen voor herberg De Klop op een prent aan het begin van de zeventiende eeuw. Bron: Het Utrechts Archief, beeldbank.


In februari 1860 wordt een aangenaam plaatsje RUSTOORD te koop aangeboden en per veiling verkocht in herberg De Klop. Bron: Delpher.nl.In februari 1860 wordt een aangenaam plaatsje RUSTOORD te koop aangeboden en per veiling verkocht in herberg De Klop. Bron: Delpher.nl.


Rivier de Vecht in de richting van zuidoosten gezien in 1957. Links de toegangspoort van de vroegere buitenplaats Roosendaal. Getekend door Chris Schut.Rivier de Vecht in de richting van zuidoosten gezien in 1957. Links de toegangspoort van de vroegere buitenplaats Roosendaal. Getekend door Chris Schut.


Ter stond gevraag een boerenknecht. Voor op hoeve De Klop. Delpher.nl.Ter stond gevraag een boerenknecht. Voor op hoeve De Klop. Delpher.nl.


Veerhouder Voorwinden vraagt om een goede boerenknecht. Bron: Delpher.nl.Veerhouder Voorwinden vraagt om een goede boerenknecht. Bron: Delpher.nl.


Veehouder Leendert Simon Voorwinden vraagt om een boerendienstbode. Bron: Delpher.nl.Veehouder Leendert Simon Voorwinden vraagt om een boerendienstbode. Bron: Delpher.nl.


Kaart (fragment) van percelen bouw- en weiland tussen de Vecht bij de Klop en de Hollandse Rading; met weergave van de kerk met omgeving in het dorp Westbroek. Met links de rivier de Vecht en herberg De Klop. Bron: Het Utrechts Archief, 76, 283, 002.Kaart (fragment) van percelen bouw- en weiland tussen de Vecht bij de Klop en de Hollandse Rading; met weergave van de kerk met omgeving in het dorp Westbroek. Met links de rivier de Vecht en herberg De Klop. Bron: Het Utrechts Archief, 76, 283, 002.


Kaart (fragment) van het dorp en huis Zuilen en van percelen bouw- en weiland en een boomgaard tussen de Vecht en de Groeneweg en de Nedereindsevaart en de Klopvaart in ca. 1650. Bovenlangs de rivier de Vecht. Links staat herberg De Klop ingetekend op de hoek van de Klopdijk 2, met de Vechtdijk en 1e Polderweg. Bron: Het Utrechts Archief, 76, 283, 001.Kaart (fragment) van het dorp en huis Zuilen en van percelen bouw- en weiland en een boomgaard tussen de Vecht en de Groeneweg en de Nedereindsevaart en de Klopvaart in ca. 1650. Bovenlangs de rivier de Vecht. Links staat herberg De Klop ingetekend op de hoek van de Klopdijk 2, met de Vechtdijk en 1e Polderweg. Bron: Het Utrechts Archief, 76, 283, 001.



Grond in Zuilen

  • Het stuk grond wat al vanaf 1745 in het bezit was van familie Van Bijleveld. Later het eigendom van familie Bosch van Oud-Amelisweerd in Utrecht Zuilen aan de 2e Daalsedijk. Bron: HISGIS Utrecht.
  • Heden de Cartesiusweg, Station Utrecht Zuilen de St. Jozephlaan in Zuilen. Die nu zijn aangelegd en gebouwd op de vroegere gronden van familie Bosch van Oud-Amelisweerd. Bron: Openstreetmap.org.
  • Heden de Cartesiusweg, Station Utrecht Zuilen de St. Jozephlaan in Zuilen. Die nu zijn aangelegd en gebouwd op de vroegere gronden van familie Bosch van Oud-Amelisweerd. Bron: Kadastralekaart.com.



In het HISGIS systeem van Ad van Ooststroom staat al te lezen dan Jan van Bijleveld in 1745 al een stuk land aan de (heden) 2e Daalsedijk in Utrecht Zuilen bezat. Na zijn overlijden in 1769 komt het land toe aan zijn dochter Cornelia van Bijleveld. Haar man Theodorus Gerardus Bosch voert het beheer erover. Na het overlijden van Cornelia in 1823 komt het land toe aan Paulus Bosch van Drakestein. Later in de negentiende eeuw komt het land aan de 2e Daalsedijk toe aan familie Bosch van Oud-Amelisweerd.

Heden is op het stuk grond de Cartesiusweg, Station Utrecht Zuilen en de St. Josephlaan aangelegd en gebouwd.



 Hofstede met landerijen in Kamerik Teckop (gem. Woerden)

  • Land in de gemeente Woerden, Kamerik Teckop, Teckop 15 in geel gearceerd wat van de familie Michiels van Kessenich was op 1 oktober 1832 bij de invoering van het kadaster. Bron: HISGIS Utrecht
  • Land heden in de gemeente Woerden, Kamerik Teckop, Teckop 15 wat in 1832 van familie Michiels van Kessenich is geweest. Bron: Kadastralekaart.com.



In het jaar 1747 staat in het hoefslaggeld vermeld (belasting) dat Hendrik Bosch de eigenaar is van de boerderij met landerijen in de gemeente Woerden, Kamerik Teckop, Teckop 15. Tot het jaar 1802 zullen met een redelijk zekerheid de boerderij en landerijen vererven op de broers van Hendrik Bosch, via Willem Bosch tot aan zijn broer Theodorus Gerardus Bosch. Na zijn overlijden in 1802 zal de boerderij met landerijen toe bekomen aan zijn weduwe Cornelia van Bijleveld.

Na haar overlijden in 1823 komt het land aan de Teckop 15 toe aan haar dochter Cornelia Jacoba Bosch. Haar echtgenoot Hendrik Joseph Baron Michiels van Kessenich beheerd het vast- en ontroerend goed. Wat Cornelia Jacoba van haar overleden moeder geërfd had. In de achttiende eeuw en tijden daarna was het gebruikelijk dat gehuwde vrouwen die na het overlijden van een directe familielid veel bezitting erfde. Dat deze toekwamen aan hun echtgenoot.

Bron: HISGIS Utrecht, Ad van Ooststroom.



 Hofstede en landerijen in Kamerik Mijzijde

  • Land met boerderij in geel gearceerd in Kamerik Mijzijde, Mijzijde 148. Sinds 1750 het eigendom geweest van familie Bosch (Van Drakestein). Bron: HISGIS Utrecht.
  • Land met boerderij in Kamerik Mijzijde, Mijzijde 148. Sinds 1750 het eigendom geweest van familie Bosch (Van Drakestein). Bron: HISGIS Utrecht.
  • Heden het land in Kamerik Mijzijde, Mijzijde 148. Bron: kadastralekaart.com





In het jaar 1750 staat in het hoefslaggeld vermeld dat Willem Bosch de eigenaar is van de boerderij met landerijen aan de Kamerik Mijzijde, Mijdzijde 148. In 1801 overlijd Willem Bosch en komt de boerderij met land in het bezit van zijn broer Theodorus Gerardus Bosch. Hij overlijd een jaar later in 1802. In het kadaster van 1832 staat dat de weduwe van Theo, Cornelia van Bijleveld de eigenaresse is van land en boerderij. Dit is wel opmerkelijk want zij overlijd in 1823, ruim 9 jaar eerder. Dus mag aangenomen dat Paulus Wilhelmus Bosch van Drakestein vanaf die tijd de eigenaar was.

Bron: HISGIS Utrecht, Ad van Ooststroom.





Hofstede Den Hoed in Vleuten-De Meern (gem. Utrecht)

Gezicht op de voorgevel van de boerderij De Hoed bij Vleuten in 1926. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 20639.Gezicht op de voorgevel van de boerderij De Hoed bij Vleuten in 1926. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 20639.



Op donderdag 30 mei 1754 werd ten overstaan van de Utrechtse notaris Luyt van der Pauw boerderij De Hoed, gelegen te Vleuten verkocht. De gemachtigde in de verkoop was Hendrik van den Bosch. Verkoper was Isaacq de I' Espaul van beroep lid van de veertig raad van Delft. Koper van Den Hoed was Theodorus Gerardus Bosch van beroep koopman te Utrecht. 

Fragment van omschrijving van Den Hoed in de notariële akte:

hofstad en huysinge met 26 mergen zoo boomgaert als bouwlandt ca, te Vleuten, genaamd Den Hoedt.

Na het overlijden van Theodorus Gerardus Bosch in 1802 gaat boerderij Den Hoed over op zijn schoonzoon Hendrik Joseph Baron Michiels van Kessenich. Hij is getrouwd in 1793 met Cornelia Jacoba Bosch. Zij is de zus van Paulus Wilhelmus Bosch. Uit het huwelijk van Cornelia Jacoba Bosch met Hendrik Joseph komen twee zonen. Johan Alexander Hubert Baron Michiels van Kessenich (1800-1863) en Frans Bernhard Hubert Jonkheer Michiels van Kessenich (1802-1881).

Bron: Het Utrechts Archief Notarissen in de stad Utrecht 34-4 U205U009, aktn. 79, 30-05-1754.


Gezicht op de boerderij Den Hoet (Utrechtseweg 111) te Vleuten (gemeente Vleuten-De Meern) op zondag 11 mei 1969. Dit gedeelte van de gemeente Vleuten-De Meern is per 1 januari 1995 bij de gemeente Utrecht gevoegd. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 124395.Gezicht op de boerderij Den Hoet (Utrechtseweg 111) te Vleuten (gemeente Vleuten-De Meern) op zondag 11 mei 1969. Dit gedeelte van de gemeente Vleuten-De Meern is per 1 januari 1995 bij de gemeente Utrecht gevoegd. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 124395.



  • Huize Den Hoet ingetekend op een kaart uit 1556 te Vleuten. Bron en foto: Wikipedia Den Hoet.
  • Landerijen behorend bij boerderij Den Hoed in 1832 te Vleuten. Landerijen in het doorschijnend geel, behorend bij Den Hoed. Kaart uit ca. 1880-1900. Bron: HISGIS Utrecht.
  • Landerijen behorend bij boerderij Den Hoed in 1832 te Vleuten. Landerijen in het geel, behorend bij Den Hoed. Kaart uit ca. 1880-1900. Bron: HISGIS Utrecht.
  • De huidige plek in Vleuten aan de Verlengde Utrechtseweg 83 t/m 85 waar in de zeventiende eeuw huize Den Hoed heeft gestaan. Bron: Kadastralekaart.com
  • Oprit van een huis te Vleuten aan de Verlengde Utrechtseweg 83 t/m 85 waar in de zeventiende eeuw huize Den Hoed heeft gestaan. Foto: Wikipedia Den Hoed.



Beschrijving van Den Hoet volgens Wikipedia Den Hoet

Den Hoet was een versterkt huis uit de middeleeuwen aan de weg tussen Utrecht en Vleuten. Het lag in een lus van de inmiddels verdwenen rivier de Rijn. Het terrein waarop het zich bevond is bewaard gebleven. Het nog aanwezige toegangshek, dat dateert uit de 16e eeuw, is een rijksmonument. Op het terrein staat thans een boerderij met de naam Den Hoet, een gemeentelijk monument. Vroeger was de omgeving ervan landelijk gebied, thans stedelijk gebied: de buurt Het Zand in de Utrechtse wijk Leidsche Rijn. In de directe omgeving van de boerderij Den Hoet is een straat met dezelfde naam.


Gezicht op de boerderij Den Hoet (Utrechtseweg 111) te Vleuten; op de voorgrond het kasteeleiland, de plek waar, het rond 1700 gesloopte, versterkte stenen huis Den Hoet stond in 1992. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 87013.Gezicht op de boerderij Den Hoet (Utrechtseweg 111) te Vleuten; op de voorgrond het kasteeleiland, de plek waar, het rond 1700 gesloopte, versterkte stenen huis Den Hoet stond in 1992. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 87013.



Jhr. Franciscus Bernardus Hubertus Michiels van Kessenich (Roermond, 22 juli 1802 – aldaar, 1 juni 1881) was een Nederlands jonkheer, advocaat en politicus voor de Katholieken en de Liberalen. Frans Bernard is de neef van Jhr. Paulus Wilhelmus Bosch van Drakestein. Foto: Wikipedia Franciscus Bernardus Hubertus Michiels van Kessenich.Jhr. Franciscus Bernardus Hubertus Michiels van Kessenich (Roermond, 22 juli 1802 – aldaar, 1 juni 1881) was een Nederlands jonkheer, advocaat en politicus voor de Katholieken en de Liberalen. Frans Bernard is de neef van Jhr. Paulus Wilhelmus Bosch van Drakestein. Foto: Wikipedia Franciscus Bernardus Hubertus Michiels van Kessenich.


Over het ontstaan van Den Hoet is weinig bekend. De eerste vermelding komt voor op een kaart uit 1556, waarop een omgracht huis met trapgevels staat afgebeeld. Het huis was een leen van kasteel Ruwiel, gelegen bij Oud-Aa, gemeente Stichtse Vecht.
Het versterkte huis Den Hoet was destijds gelegen bij de aansluiting van de gegraven Vleutense Wetering op de oude Rijnloop direct aan de noordwestzijde van de Hoge Weide.
Den Hoet ontwikkelde zich tot een grote buitenplaats, blijkens een omschrijving uit 1671.

Hierin is sprake van een complex met: visscherije, cingels, graften, boomgaerde, bouwhuys, brouwhuys, bergen, schuijren ende vordere appendirien, mitsgaders d'landen daer aen behoorende ende annex gelegen groot te saemen omtrent ses en twintigh morgen lands. In de achttiende eeuw is het huis waarschijnlijk vervallen geraakt en gesloopt. In 1741 is namelijk sprake van een hofstede en niet meer van een kasteel of buitenplaats.

De huidige dwarshuisboerderij werd grotendeels in 1917 gebouwd. Overblijfselen van het oude Den Hoet zijn beschermd als archeologisch monument. De boerderij zelf is een gemeentelijk monument, terwijl een 16e-eeuws hekwerk van de boerderij de status van rijksmonument heeft. Rond de boerderij loopt een ringsloot, waarschijnlijk de slotgracht van het oude Den Hoet.


Land aan de Breudijk te Harmelen (gem. Woerden)


Op donderdag 27 juli 1758 wordt ten overstaan van de Utrechtse notaris Luyt van der Pauw het onroerend goed van de overleden heer Gerrit Dykmans verkocht. De executeur testamentair zijn Gerard van Wieringen en Dirk Oskamp. Uit zijn nalatenschap behoorde bij de verkoop een huis aan de rivier de Vecht bij de Bemuurde Weerd, de windkorenmolen 't Fortuyn, staande op de stadswal van Utrecht bij de Catharijnepoort en een huis met 2,5 morgen boomgaard alsook weiland gelegen aan Breudijk 53-51 te Harmelen.


Luchtfoto van de polder Oudeland en Indijk te Harmelen, uit het noorden, met op de voorgrond de Breudijk en het Vijverbosch. Op de achtergrond de dorpskom van Harmelen op maandag 27 juli 1981. De gemeente Harmelen is op 1 januari 2001 bij de gemeente Woerden gevoegd. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 50104.Luchtfoto van de polder Oudeland en Indijk te Harmelen, uit het noorden, met op de voorgrond de Breudijk en het Vijverbosch. Op de achtergrond de dorpskom van Harmelen op maandag 27 juli 1981. De gemeente Harmelen is op 1 januari 2001 bij de gemeente Woerden gevoegd. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 50104.



Koper van al het goed is Willem Bosch. Willem overlijd in 1801 en uit zijn nalatenschap komt het land toe aan zijn broer Theodorus Gerardus Bosch. Theo overlijd in 1802. Na zijn overlijden komt het land naar alle waarschijnlijkheid toe aan zijn vrouw Cornelia van Bijleveld of zoon Paulus Wilhelmus Bosch. Bij de invoering van het kadaster op 1 oktober 1832 staat in ieder geval te lezen dat het land in bezit is van Paulus.


Op donderdag 27 juli 1758 koopt Willem Bosch een stuk boomgaard alsook weiland aan, gelegen aan de Breudijk 53-51 te Harmelen. Paulus Wilhelmus Bosch van Drakestein, de neef van Willem is in 1832 de eigenaar. Bron: HISGIS Utrecht.Op donderdag 27 juli 1758 koopt Willem Bosch een stuk boomgaard alsook weiland aan, gelegen aan de Breudijk 53-51 te Harmelen. Paulus Wilhelmus Bosch van Drakestein, de neef van Willem is in 1832 de eigenaar. Bron: HISGIS Utrecht.


 

Land en huizen in het Lauwerecht (gem. Utrecht)

  • Op zaterdag 26 mei 1764 kochten de broers Willem en Theo Bosch, twee huizen met erf, hof en stalling aan in de Bemuurde Weerd Westzijde. Te zien in geel gearceerd. Bron: HISGIS.nl Utrecht.
  • Appartementengebouw op de hoek van de Oudennoord en de Kaatstraat waar eens vroeger bakkerij De Korenschoof stond. Daarvoor de landerijen van Jan Willem Hendrik Bosch. Situatie zoals het heden is. Bron: Kadastralekaart.com
  • Huis met tuin aan de Bemuurde Weerd Westzijde in Lauwerecht (heden) waar eens in 1832 het vast-, en onroerend goed van Jan Willem Hendrik Bosch stond. Bron: Kadastralekaart.com
  • In het jaar 1892 worden er diverse huizen gebouwd aan de Oudenoord. Op het vroegere hof of erf van Jan Willem Hendrik Bosch. Bron: Kadasterarchiefviewer (1832-1987).
  • In 1895 worden drie huizen aan de Bemuurde Weerd Westzijde her-ingemeten. Een van de naastgelegen panden was in 1832 van Jan Willem Hendrik Bosch. Bron: Kadasterarchiefviewer (1832-1987).
  • In november 1923 worden diverse stukken land en huizen tussen de Oudenoord, Bemuurde Weerd Westzijde en de Raamstraat kadastraal samengevoegd. Wat eens van Jan Willem Hendrik Bosch was. Bron: Kadasterarchiefviewer (1832-1987).
  • Wijkhuisnummer plattegrond van wijk M te Utrecht stad in 1860. Het bied Lauwerecht, gelegen tussen de Blauwkapelseweg ten noordoosten en Amsterdamsestraatweg te zuiden. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 217085.
  • Verzamelplan van de kadastrale gemeente Lauwerecht in 1835. Het gebied waar familie Bosch (van Oud-Amelisweerd) tot begin twintigste eeuw vele gronden in eigendom had. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 216110.
  • De vroegere kadastrale gemeente Lauwerecht ingetekend vanaf de start van het kadaster op 1 oktober 1832. Bron: HISGIS.nl Utrecht.

 


Op zaterdag 26 mei 1764 werd ten overstaan van de Utrechtse notaris Zeeger Coenraad van Leenen een: zekere huysinge, erve, hoff, stallinge en koetshuys verkocht, gelegen aan de Weerdsgragte. Het tweede erbij verkochte object betrof een huyzinge en erve ook gelegen aan de Weerdsgragt in het gerecht van de Bemuurde Weerd, westzyde van de Kleyne Sluys. De verkopende partij was Johannes Nicolaas Oosterhuyze. Kopers waren Willem Bosch en zijn jongere broer Theodorus Gerardus Bosch.


Luchtfoto uit 1938 van de Weerdsingel W.Z. en omgeving te Utrecht, met rechts de Bemuurde Weerd W.Z. en O.Z. en de meelfabriek De Korenschoof (Kaatstraat). In het midden de St.-Monicakerk (Herenweg 99) en het tracé van de toekomstige Oudenoord. Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 121290.Luchtfoto uit 1938 van de Weerdsingel W.Z. en omgeving te Utrecht, met rechts de Bemuurde Weerd W.Z. en O.Z. en de meelfabriek De Korenschoof (Kaatstraat). In het midden de St.-Monicakerk (Herenweg 99) en het tracé van de toekomstige Oudenoord. Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 121290.



Het hierboven omschreven objecten stonden als je het vandaag de dag bekijkt aan Bemuurde Weerd Westzijde, Kaatstraat, Oudenoord en Raamstraat, in het vroegere gerecht Lauwerecht. De Raamstraat behoorde ook bij het eigendom van de broers Bosch. In de boedelscheiding van Willem Bosch uit 1801 zien we dat huizen met erve, hof en stallingen niet erbij inbegrepen zitten. Bij de aankoop uit 1764 was Theo ook de eigenaar van het hele spul. Na het overlijden van Theo in 1802 zal het onroerend goed aan Bemuurde Weerd aan de rivier de Vecht over zijn gegaan naar zijn vrouw, weduwe Cornelia van Bijleveld.

Na haar overlijden. Is dit vast- en onroerend goed overgaan naar haar kleinzoon Jan Willem Hendrik Bosch. Dat is ook terug te zien bij de invoering van het kadaster op 1 oktober 1832 dar Jan Willem Hendrik de eigenaar is. Waarna hierna aangenomen mag worden dat het onroerend goed nog een korte tijd in de familie Bosch van Oud-Amelisweerd is gebleven. Jan Willem Hendriks zoon is de stamvader van de nieuwe familietak Bosch van Oud-Amelisweerd.

Bron: Het Utrechts Archief 34-4 U207a008 aktenummer 75 26-05-1764.

Op de eerste kaart in de viewer (hieronder) is nog een klein ander stukje land geel gearceerd. Meer vanaf het noorden gezien vanaf de stad ten westen van rivier de Vecht. Dit perceel is van een zekere Bernardus Bosch. Hij is zeker geen lid van de familie Bosch van Drakestein 

In de tweede helft van de negentiende eeuw werd aan de Oudenoord en de Kaatstraat de Brood- en meelfabriek De Korenschoof opgericht en gebouwd. Wikipedia De Korenschoof (Utrecht) schrijft hier het volgende over: 

De Korenschoof was een brood- en meelfabriek in de Nederlandse stad Utrecht.

De fabriek opende begin 19e eeuw langs de rivier de Vecht aan de Kaatstraat. Zij werd gevestigd op het terrein van Zijdebalen waarbij gebruik werd gemaakt van de oude textielindustrie die hier kort daarvoor gesloten was. In 1885 werd De Korenschoof tevens een brood- en banketbakkerij. In de stad Utrecht had ze meerdere bakkerswinkels, later Lubro-winkels. In 1938 sloot de broodfabriek, de meelfabriek hield het nog uit tot 1970. Rond 1978 is de fabriek gesloopt.
 

De brood en meel fabriek werd gebouwd op de gronden die eerder van de familie Bosch van Oud-Amelisweerd waren geweest.



Hofstede en landerijen in Ruwiel

  • Land en boerderij in geel gearceerd, gelegen aan de Bosdijk 8, Ruwiel, Oude Aa, Kockengen, Sticht Vecht. Van 1770 tot 1803 eigendom van familie Bosch, erna van familie Michiel van Kessenich (1). Bron: HISGIS Utrecht.
  • Land en boerderij in geel gearceerd, gelegen aan de Bosdijk 8, Ruwiel, Oude Aa, Kockengen, Sticht Vecht. Van 1770 tot 1803 eigendom van familie Bosch, erna van familie Michiel van Kessenich (2). Bron: HISGIS Utrecht.
  • Land en boerderij gelegen aan de Bosdijk 8, Ruwiel, Oude Aa, Kockengen, Sticht Vecht. Van 1770 tot 1803 eigendom van familie Bosch, erna van familie Michiel van Kessenich. Bron: HISGIS Utrecht.





In het jaar 1770 is te lezen in het archief van Huis Zuilen (Het Utrechts Archief) toegang 76, dossier 221 genaamd, Overzicht van de Zuilenstijnsgoederen Wilnis, Oudhuizen, Mijdrecht en Westveen. Dat Theodorus Gerardus Bosch de eigenaar is van de een boerderij met land in de vroegere ambachtsheerlijkheid Ruwiel, buurtschap de Oude Aa. Heden gelegen in de gemeente Stichtse Vecht. In 1803 staat beschreven dat Paulus Wilhelmus Bosch de eigenaar is. Hij is de zoon van Theo.

Paulus zal kort erna de boerderij aan zijn moeder Cornelia van Bijleveld hebben gegeven. Zodat zij voor haar oude dag voorziening kon zorgen uit de opbrengsten van de pachten. Na haar overlijden in 1823 gaat de boerderij, heden gelegen aan de Bosdijk 8 te Kockengen over naar haar schoonzoon. Dat is te zien bij de invoering van het kadaster op 1 oktober 1832. Schoonzoon Hendrik Joseph Baron Michiels van Kessenich, hij is gehuwd met Cornelia Jacoba Bosch.        

Bron: HISGIS Utrecht, Ad van Ooststroom.





Hofstede en landerijen in Oostveen (Maartsendijk) en Blauwkapel (gem. Utrecht)

  • De drie morgen land (in geel gearceerd) die op zaterdag 30 december 1775 werd gekocht door Theodorus Gerardus Bosch. Nadien van familie Michiels van Kessenich (1). Bron: HISGIS Utrecht.
  • De drie morgen land (in geel gearceerd) die op zaterdag 30 december 1775 werd gekocht door Theodorus Gerardus Bosch. Nadien van familie Michiels van Kessenich (2). Bron: HISGIS Utrecht.
  • Heden Utrecht Overvecht, de straten in de omgeving van de Polluxdreef op de grond die vroeger van familie Michiels van Kessenich is geweest. Bron: Openstreetmap.org.



Op zaterdag 30 december 1775 werd ten overstaan van de Utrechtse notaris Adrianus Hoevnaar Sr. een huysinge, erve en grond met 4 caameren en 3 stallingen en een bergh verkocht. De naam van het object was de Zwarte Hengst of later Het Bonte Paard. De belendingen waren de wegh na de Maartensdyk en Blauwe Capelsesteeg. Mede behorend bij de verkoop op die dag waren een halve viertel groot 3 mergen wey- en hooyland aan de Gageldijk, de Kaay in de gerechten van Oostveen (Maartensdijk) en aan de Blauwcapel in de Twaald Hoeven.

De verkopende partij was Otto van Wulven. Van beroep Hospes (kamerverhuurder in zijn eigen huis) aan de Blauwkapel. De kopende partij was Theodorus Gerardus Bosch.

Bron: Het Utrechts Archief 34-4 U229a010 aktenummer 175 30-12-1776.

Na het overlijden van Theo in 1802 verhuurt zijn echtgenote Cornelia van Bijleveld op vrijdag 24 november 1809 het onroerend goed als zijnde huisinge en herberge met stallinge, 2 schuuren en annexe woningen mitgaders 3 morgen weiland. Gelegen in de gerechten van Oostveen (Maartensdijk) en aan de Blauwkapel. Huurder van het hele goed is Hendrik van den Bergh.

Bron: Het Utrechts Archief 34-4 U272C040 aktenummer 84 24-11-1809.




Na het overlijden van Cornelia van Bijleveld in 1823 komen de landerijen van Het Bonte Paard toe aan haar schoonzoon Hendrik Joseph Baron Michiels van Kessenich hij is gehuwd met Cornelia haar dochter Cornelia Jacoba Bosch.

Omstreeks het jaar 1860 werd op het onroerend goed van familie Michiels van Kessenicht de Centraalspoorweg aangelegd. Een destijds nieuwe spoorlijn van Utrecht, via Amerfoort naar Zwolle en Kampen. Rond het jaar 1872 kwam daar nog de Oosterspoorweg bij. Een nieuw aan te leggen spoorweg van Utrecht Lunnten, Abstede/Oudwijk naar het Noord-Hollandse Hilversum.

In de jaren zestig van de twintigste eeuw werd op het vroegere stuk grond van familie Michiels van Kessenich de nieuwe straten van Utrecht Overvecht aangelegd. Hierbij te denken aan de Polluxdreef, Vulcanusdreef, Plutodreef, Palles-Athenedreef en de Wolgadreef.

De drie morgen land lag gelegen ten westen van het Nieuwe Hollandse Waterlinie Fort, Fort Blauwkapel en ten noorden van het Utrechtse Zwarte Water een vroeger gegraven kanaal.


Verticale luchtfoto van het fort Blauwkapel te Maartensdijk, met het spoorwegknooppunt. Rechtsboven de Voorveldse Polder met links daarvan de Voordorpsedijk. Rechtsonder een gedeelte van Tuindorp op vrijdag 2 maart 1945. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 85103.Verticale luchtfoto van het fort Blauwkapel te Maartensdijk, met het spoorwegknooppunt. Rechtsboven de Voorveldse Polder met links daarvan de Voordorpsedijk. Rechtsonder een gedeelte van Tuindorp op vrijdag 2 maart 1945. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 85103.



Uiterwaarden bij rivier de Lek (gem. Wijk bij Duurstede)

Luchtfoto van Steenfabriek de Bosscherwaarden (Lekdijk West 25) te Wijk bij Duurstede, vanuit het zuidoosten. Op de voorgrond de rivier de Lek in de zomer van 2000. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 842122.Luchtfoto van Steenfabriek de Bosscherwaarden (Lekdijk West 25) te Wijk bij Duurstede, vanuit het zuidoosten. Op de voorgrond de rivier de Lek in de zomer van 2000. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 842122.


Op zaterdag 13 juli 1776 werd ten overstaan van de Utrechtse notaris Jan Tielman Blekman een uytterweerde, groot 52 mergen en 78 roeden lands verkocht. De verkopende partij was Cornelis Gerardus de Wijkerslooth van Grevenmachern. Henricus de Wijkerslooth was de gemachtigde om de verkoop namens zijn broer uit te voeren. Koper van de 52 morgen uiterwaarden langs de rivier de Lek was Theodorus Gerardus Bosch.

De uiterwaarden waren leenroerig aan de Staten van Utrecht met uitzondering van 8 hond land, genaamd het Utrechtse Kind, dat in erfpacht was van het Gasthuis te Wijk bij Duurstede.

Na het overlijden van Theo in 1802, en zijn echtgenote in 1823 via haar zoon Paulus komt de uiterwaarden na april 1834 in het bezit van zijn zoon Jhr. Karel Bosch van Drakestein, Heer van Sterrenberg en Reijerscop - Kreuningen.

In 1902 richt familie Steenberghe / Bosch van Drakestein een vennootschap op ten overstaan van notaris H.J. van Heijst voor de exploitatie van de Bosscherwaarden met een startkapitaal van f. 14.000 gulden. In het jaar 1921 verkoopt familie Steenberghe de Bosscherwaarden aan de nieuw opgerichte Steenfabriek De Bosscherwaarden van familie Arntz. Een enkel perceel in de Bosscherwaarden bleef van een persoon in de familie Steenberghe tot 1975. Waarna ook dat laatste perceel aan de lokale agrariër werd verkocht.

Bron: Het Utrechts Archief 34-4 U227a009 aktenummer 131-1 13-07-1776.

Heden heet deze uiterwaarden bij Wijk bij Duurstede de Bosscherwaarden naar familie Bosch van Drakestein die het heel lang in bezit heeft gehad.

Aankondiging van verkoop door nazaten van Jhr. Karel Bosch van Drakestein / Steenberghe van 'De Bosscherwaarden' in de uiterwaarden van de rivier de Lek op dinsdag 14 juni. Bron: Algemeen Handelsblad van 25 mei 1921, Delpher.nl.Aankondiging van verkoop door nazaten van Jhr. Karel Bosch van Drakestein / Steenberghe van 'De Bosscherwaarden' in de uiterwaarden van de rivier de Lek op dinsdag 14 juni. Bron: Algemeen Handelsblad van 25 mei 1921, Delpher.nl.


 

  • In geel gearceerd de gronden van familie Bosch (Van Drakestein in de Bosscherwaarden in de uiterwaarden van Wijk bij Duurstede van 1776 tot begin twintigste eeuw (1). Bron: HISGIS Utrecht.
  • In geel gearceerd de gronden van familie Bosch (Van Drakestein in de Bosscherwaarden in de uiterwaarden van Wijk bij Duurstede van 1776 tot begin twintigste eeuw (2). Bron: HISGIS Utrecht.
  • In de gronden van familie Bosch (Van Drakestein in de Bosscherwaarden van 1776 tot begin twintigste eeuw. Bron: HISGIS Utrecht.
  • Heden vanuit de lucht gezien de Bosscherwaarden in de uiterwaarden bij de rivier de Lek in 2020 in de gemeente Wijk bij Duurstede. Bron: Kadastralekaart.com.


Portret van Frans Nicolaas van Bern (1786-1851) in 1844. Schout van Cattenbroek 1806-1811; Maire van Zeist 1811-1814, burgemeester van Zeist 1814-1850. Huwde in 1814 Johanna Maria van Marienhoff. Bron: Nederlands Instituut voor Kunstgeschiedenis, Den Haag.Portret van Frans Nicolaas van Bern (1786-1851) in 1844. Schout van Cattenbroek 1806-1811; Maire van Zeist 1811-1814, burgemeester van Zeist 1814-1850. Huwde in 1814 Johanna Maria van Marienhoff. Bron: Nederlands Instituut voor Kunstgeschiedenis, Den Haag.



Handtekening van Frans Nicolaas van Bern, burgemeester van Zeist en schoonzoon van notaris Mariënhoff in Wijk bij Duurstede. Handtekening onder de machtig van Jhr. Carel Bosch van Drakestein aan Frans Nicolaas van Bern om de verpachting van het grasgewas van de uiterwaarden in Wijk bij Duurstede in De Bosscherwaarden in 1835. te bezegelen. Bron: Regionaal Archief Zuid-Utrecht (RAZU), 063.Handtekening van Frans Nicolaas van Bern, burgemeester van Zeist en schoonzoon van notaris Mariënhoff in Wijk bij Duurstede. Handtekening onder de machtig van Jhr. Carel Bosch van Drakestein aan Frans Nicolaas van Bern om de verpachting van het grasgewas van de uiterwaarden in Wijk bij Duurstede in De Bosscherwaarden in 1835. te bezegelen. Bron: Regionaal Archief Zuid-Utrecht (RAZU), 063.


Handtekening van Jhr. Carel Bosch van Drakestein, Heer van Reijerscop - Creuningen en Sterrenberg ten overstaan van notaris Mariënhoff te Wijk bij Duurstede Voor de machtiging aan Frans Nicolaas van Bern om de verpachting van het grasgewas van de uiterwaarden in Wijk bij Duurstede in De Bosscherwaarden in 1835 te bezegelen.. Bron: Regionaal Archief Zuid-Utrecht (RAZU), 063.Handtekening van Jhr. Carel Bosch van Drakestein, Heer van Reijerscop - Creuningen en Sterrenberg ten overstaan van notaris Mariënhoff te Wijk bij Duurstede Voor de machtiging aan Frans Nicolaas van Bern om de verpachting van het grasgewas van de uiterwaarden in Wijk bij Duurstede in De Bosscherwaarden in 1835 te bezegelen.. Bron: Regionaal Archief Zuid-Utrecht (RAZU), 063.


Advertentie in de krant uit 1845 waarmee Jhr. Carel Bosch van Drakestein zijn grasgewas uit de uiterwaarden van De Bosscherwaarden in Wijk bij Duurstede langs rivier de Lek aankondigde. Bron: Delpher.nl.Advertentie in de krant uit 1845 waarmee Jhr. Carel Bosch van Drakestein zijn grasgewas uit de uiterwaarden van De Bosscherwaarden in Wijk bij Duurstede langs rivier de Lek aankondigde. Bron: Delpher.nl.


Handtekening van notaris Henricus Jacobus van Mariënhoff onder één van zijn vele duizenden akten die hij in zijn carrière heeft gemaakt. Bron: Regionaal Archief Zuid-Utrecht (RAZU), 063.Handtekening van notaris Henricus Jacobus van Mariënhoff onder één van zijn vele duizenden akten die hij in zijn carrière heeft gemaakt. Bron: Regionaal Archief Zuid-Utrecht (RAZU), 063.



Handtekening van Cornelia van Bijleveld in 1820 ten overstaan van notaris H.J. van Mariënhoff in 1820 in het bij zijn van haar zoon Paulus Willem Bosch van Drakestein voor machtiging aan Frans Nicolaas van Bern, burgemeester van Zeist en schoonzoon van H.J. van Mariënhoff om de verpachting van de grasgewassen van De Bosscherwaarden in Wijk bij Duurstede die tot het overlijden van Theodorus Gerardus Bosch (1726-1802) de echtgenoot van Cornelia van Bijleveld in zijn bezit waren. Bron: Regionaal Archief Zuid-Utrecht (RAZU), 063.Handtekening van Cornelia van Bijleveld in 1820 ten overstaan van notaris H.J. van Mariënhoff in 1820 in het bij zijn van haar zoon Paulus Willem Bosch van Drakestein voor machtiging aan Frans Nicolaas van Bern, burgemeester van Zeist en schoonzoon van H.J. van Mariënhoff om de verpachting van de grasgewassen van De Bosscherwaarden in Wijk bij Duurstede die tot het overlijden van Theodorus Gerardus Bosch (1726-1802) de echtgenoot van Cornelia van Bijleveld in zijn bezit waren. Bron: Regionaal Archief Zuid-Utrecht (RAZU), 063.


Handtekening van Paulus Willem Bosch van Drakestein in 1820 ten overstaan van notaris H.J. van Mariënhoff in 1820 in het bij zijn van haar zijn moeder Cornelia van Bijleveld voor machtiging aan Frans Nicolaas van Bern, burgemeester van Zeist en schoonzoon van H.J. van Mariënhoff om de verpachting van de grasgewassen van De Bosscherwaarden in Wijk bij Duurstede die tot het overlijden van Theodorus Gerardus Bosch (1726-1802) de vader van Paulus Willem Bosch van Drakestein in zijn bezit waren. Bron: Regionaal Archief Zuid-Utrecht (RAZU), 063.Handtekening van Paulus Willem Bosch van Drakestein in 1820 ten overstaan van notaris H.J. van Mariënhoff in 1820 in het bij zijn van haar zijn moeder Cornelia van Bijleveld voor machtiging aan Frans Nicolaas van Bern, burgemeester van Zeist en schoonzoon van H.J. van Mariënhoff om de verpachting van de grasgewassen van De Bosscherwaarden in Wijk bij Duurstede die tot het overlijden van Theodorus Gerardus Bosch (1726-1802) de vader van Paulus Willem Bosch van Drakestein in zijn bezit waren. Bron: Regionaal Archief Zuid-Utrecht (RAZU), 063.


Maatschappij tot exploitatie van de Bosscher-waarden, gelegen onder de gemeente Wijk-bij-Duurstede, te Wijk-bij-Duurstede; kapitaal f. 144,000, geheel geplaatst; commissaris Mr. A.F.M. Steenberghe; commissaris- plaatsvervanger J.A.F. de Sonnaville; Bron: Het Nieuws van den Dag : Kleine Courant, 21-09-1904, Delpher.nl.Maatschappij tot exploitatie van de Bosscher-waarden, gelegen onder de gemeente Wijk-bij-Duurstede, te Wijk-bij-Duurstede; kapitaal f. 144,000, geheel geplaatst; commissaris Mr. A.F.M. Steenberghe; commissaris- plaatsvervanger J.A.F. de Sonnaville; Bron: Het Nieuws van den Dag : Kleine Courant, 21-09-1904, Delpher.nl.


Bij de verkoop van De Bosscherwaarden op 3 november 1921 werden de uiterwaarden verkocht aan de familie Arntz die een nieuwe Steenfabriek begonnen Steenfabriek De Bosscherwaarden. Briefhoofd van de firma uit 1931. Bron: Regionaal Archief Zuid-Utrecht (RAZU), 063, 2149.Bij de verkoop van De Bosscherwaarden op 3 november 1921 werden de uiterwaarden verkocht aan de familie Arntz die een nieuwe Steenfabriek begonnen Steenfabriek De Bosscherwaarden. Briefhoofd van de firma uit 1931. Bron: Regionaal Archief Zuid-Utrecht (RAZU), 063, 2149.



Landerijen in Utrecht Overvecht

  • In geel gearceerd het land heden in Utrecht Overvecht van <1776 tot 1823 van familie Van Bijleveld, daarna het eigendom van familie Michiels van Kessenich. Bron: HISGIS Utrecht.
  • Heden Utrecht Overvecht, grond waarop groot winkelcentrum Overvecht en de flats en woningen aan de Zamenhofdreef, Theemsdreef en Moldaudreef zijn gebouw. Op de grond van Van Bijleveld en Michiels van Kessenich. Bron: Openstreetmap.org



In het HISGIS systeem van Ad van Ooststroom staat al te lezen dan Jan van Bijleveld in 1776 al een stuk land heeft. Gelegen tussen de Kwakeldijk en de St. Anthoniusdijk. Heden is hier het groot winkelcentrum Utrecht Overvecht op gebouwd samen met de flats en laag bouwwoningen aan de Theemsdreef, Neckardreef en Moldaudreef. Na het overlijden van Jan van Bijleveld in 1769, gaat het land over naar zijn dochter Cornelia van Bijleveld. Nar haar overlijden in 1823. Komt het land tussen de St. Anthoniusdijk en Kwakeldijk toe aan haar dochter Cornelia Jacoba Bosch en haar echtgenoot Hendrik Josepf Baron Michiels van Kessenich.



Hofstede en landerijen op de Emminkhuizerberg (gem. Renswoude)

  • Op woensdag 3 mei 1780 koopt Theodorus Gerardus Bosch ruim 100 morgen land met hofstede en huijsinge van Jan Jacob van der Muelen, gelegen op de Emminkuizerberg in Renswoude (1). Kaart HISGIS Utrecht.
  • Op woensdag 3 mei 1780 koopt Theodorus Gerardus Bosch ruim 100 morgen land met hofstede en huijsinge van Jan Jacob van der Muelen, gelegen op de Emminkuizerberg in Renswoude (2). Kaart HISGIS Utrecht.
  • Op woensdag 3 mei 1780 koopt Theodorus Gerardus Bosch ruim 100 morgen land met hofstede en huijsinge van Jan Jacob van der Muelen, gelegen op de Emminkuizerberg in Renswoude (3). Kaart HISGIS Utrecht.
  • Landerijen op de Emminkhuizerberg in Renswoude in het jaar 1975. Bron: Kadasterarchiefviewer 1832-1987.



Op woensdag 3 mei 1780 werd ten overstaan van de Utrechtse notaris 't Hoofd een

hofstede met huisinge, bergen, schuur, schaaphok en verder getimmerte, met omtrent een hondert mergen, vijf hondert en vijftig roeden Bouw, Weij en Veenland, staande ende gelegend onder den gerechte van Emminkhuijsen, in de Hoge en Vrije Heerlijkheid van Renswoude, uitmakende het vijfde part van de goederen van den Emminkhuijser Berg getransporteerd.


Luchtfoto van de Emminkhuizerberg bij Emminkhuizen (gemeente Renswoude), uit het westen, met links de Woudegge, de spoorlijn Utrecht-Arnhem en de Parallelweg en rechts het Valleikanaal en de rijksweg A12 op maandag 7 mei 1979. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 50484.Luchtfoto van de Emminkhuizerberg bij Emminkhuizen (gemeente Renswoude), uit het westen, met links de Woudegge, de spoorlijn Utrecht-Arnhem en de Parallelweg en rechts het Valleikanaal en de rijksweg A12 op maandag 7 mei 1979. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 50484.



Koper was Theodorus Gerardus Bosch zijn comparant (zaakwaarnemer) was Adrianus Hoevenaar, de verkoper was Jan Jacob van der Muelen. Zijn comparant was Hendrik van Heteren. Getuigen van het transport van goederen, gelegen op de Emminkhuizerberg in Renswoude waren Jan van Doornik en Antonije Hermannus Hagen.

Op vrijdag 7 januari 1791 compareerde (zaakwaarnemend) notaris Herman Brouwer notaris van de heren van de Hove van Utrecht (rechtbank), residerende (plek van aanwezigheid) bij de Burgemeesteren en Vroedschap derselver Stad. Onder bedienend oog van de nagenoemde getuigen de heer Theodorus Gerardus Bosch, woonende buijten deezer stads Waardpoort en verklaarde den comparant in de beste en bestendigste vorm van rechteren bij deezen te constiueeren (bepalen) en matig te maken, De Heer Jan Smith notaris te Veenendaal speciaal omme te compareeren (op gedaagd) voor den Heer Leen Griffier van den Huijze van Renswoude. En aldaar in den naam van hem comparant verheffing te verzoeken van 't Leen, off van de Leen van de Hofstede om annexis met ruijm Een Honderd Mergen land geleegen onder den Gerechte van Renswoude, op de Emminkhuijzerberg off den gedeelte van dezelfde Hofstede, subject en Leenroerig zijnde aan den voorsz. Huijze van Renswoude ... enz. enz. enz. 

Versoekende hier van acte die is deeze Alouis Gedaan en Gepasseerd binnen binnen Utrecht ter presentie (aanwezigheid) van Johannes van Ingen en Henricus Meijberg als Getuigen, die de geprothocolleerde (in het openbaar) Aacte deeser neevens den Heer comparant en mij Notaris meede Onderteekend hebben. H. Brouwer Nots.

Bron: Het Utrechts Archief, archief Taets van Amerongen (bezitters van de Heerlijkheid Renswoude), 1855, 1232.


Afbeelding van het landschap bij de Emminkhuizerberg bij Emminkhuizen (gemeente Renswoude) in de periode 1930-1940. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 128010.Afbeelding van het landschap bij de Emminkhuizerberg bij Emminkhuizen (gemeente Renswoude) in de periode 1930-1940. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 128010.



Zoals in het kort beschreven Theodorus Gerardus Bosch koopt op woensdag 3 mei 1780 ten overstaan van de Utrechtse notaris 't Hoofd een hofstede met huijsinge en ruim 100 morgen land, gelegen op de Emminkhuizerberg van de vorige eigenaar Jan Jacob van der Muelen.  Een kleine 11 jaar later in 1791 wil Theodorus Gerardus Bosch zijn 100 morgen land met hofstede in leen reven aan het huis van Renswoude. 

De betekenis om de landerijen in leen te geven aan het huis Renswoude was een manier om de belastingen en opbrengsten van het vast- en onroerend goed van Theo Bosch over te brengen naar het huis van Renswoude. De landerijen, huizen en boerderijen bleven wel zijn bezit.

As Theo overlijd in 1802 zal het vast- en onroerend goed vast in handen van zijn vrouw Cornelia van Bijleveld of zoon Paulus Wilhelmus Bosch gekomen zijn. Met de start van het kadaster vanaf 1 oktober 1832 is Theo's kleizoon en neef van Paulus Jan Willem Hendrik Bosch van de ruim 100 morgen gronden in Renswoude eigenaar.

Op negentiende eeuwse kaarten wordt het gebied met hofstede en woningen wat van familie Bosch (Van Oud-Amelisweerd) op de Emminkhuizerberg is geweest. De Biezebosch genoemd. Iets wat in achttiende eeuwe notariële document door de stichting niet gevonden is.



Landerijen in Achttienhoven (gem. Utrecht)

  • De 10 morgen land gelegen in de polder De Gagel volgens volgens het kadaster van 1832. Ten noorden gelegen de Kooidijk, ten oosten het Fort Ruigenhoek ten zuiden gelegen de Gageldijk. Brom: HISGIS Utrecht.
  • Polder De Gagel heden. Land geselecteerd op de plek wat ooit van familie Bosch is geweest.Ten noorden gelegen de Kooidijk, ten oosten het Fort Ruigenhoek ten zuiden gelegen de Gageldijk. Brom: Kadastralekaart.com



Op maandag 26 november 1781 werd ten overstaan van de Utrechtse notaris Adrianus Hoevenaar Sr. een kamp wey-, hooy en bouwland, groot 10 mergen aan de Gageldijk verkocht. Belendingen achter: Karnmelksdyk, ene zyde : NN Van Duynkerken andere zyde Roelof van Nimwegen. De 10 morgen land waren  leenroerig aan het huis Pylsweerd.

Gelegen in het Utrechtse gerecht Achttienhove. De verkopende partij was Goyert Peterse van Schaik, wonende te Westbroek. Zijn echtgenote was Jannigje Jacobse Spelt. De koper was Theodorus Gerardus Bosch. Na het overlijden van Theo in het jaar 1802 komt de 10 morgen land, gelegen in polder De Gagel toe aan zijn echtgenote Cornelia van Bijleveld. Na haar overlijden in het jaar 1823 is haar zoon Paulus Wilhelmus Bosch van Drakestein de nieuwe eigenaar van het stuk land.

Bron: Het Utrechts Archief 34-4 U229a012 aktenummer 100 26-11-1781.


 

Landerijen in de polder Rozendaal (gem. Utrecht)

  • In geel met rood gearceerd het land van familie Bosch en Michiels aangekocht op zaterdag 13 juli 1782 in de polder Rozendaal. Ten noorden van de Vecht, Chartroise en de Kwakeldijk. Ten zuiden van de Gageldijk. Bron: HISGIS Utrecht.
  • Heden Utrecht Overvecht de Einsteindreef is aangelegd op de vroegere grond van familie Bosch en Michiels van Kessenich. Bron: Openstreetmap.org.



Op zaterdag 13 juli 1782 werd ten overstaan van de Utrechtse notaris verkocht ontrent 4 mergen wey- en hooyland, bij het bruggetje van Dirk Jan Huygens. De belendingen zijn de Gageldijk, Bartholomeusgasthuis; erfgenamen van Arnoldus van Beyleveld. Allemaal gelegen in de gerechten Achttienhoven en in den Buytenwegh.

De 4 morgen wei- en hooiland waren eerder het eigendom Jacob van Dorssen, Zijn aangewezen erfgename Elizabeth Leudsen verkocht de boedel na het overlijden van Jacob van Dorssen. Mede verkopende partij was de Utrechtse notaris en procureur Luyt van der Pauw. ZIjn functie bij de boedelverkoop was executeur testamentair. Koper van de 4 morgen land was Theodorus Gerardus Bosch.

Bron: Het Utrechts Archief 34-4 U276a002 aktenummer 4 13-07-1782.

Na het overlijden Theo in 1802, en zijn echtgenoten Cornelia van Bijleveld in 1823 komen de 4 morgen land toe aan zijn schoonzoon Hendrik Joseph Baron Michiels van Kessenich, hij is gehuwd met Cornelia Jacoba Bosch.

In jaren vijftig van de twintigste eeuw werd op het vroegere stuk land van familie Bosch en Michiels van Kessenich de huidige Einsteindreef aangelegd. In de toen nieuw te bouwen woonwijk Utrecht Overvecht.



Landerijen in Bergambacht en Schoonhoven

(Prov. Zuid-Holland)



Op 6 juli 1796 wordt ten overstaan van de Utrechtse notaris Jan Kelffkens een openbare verkoping van een losrente-brief (schuldbekentenis) van f. 12,- gulden jaarlijks gevestigd op diverse percelen land in de ambachtsheerlijkheid Bergambacht. Voor dit transport waren de gemachtigde Willem van Nes, advocaat aan  het Hof van Utrecht en Paulus Willem Bosch van beroep secretaris van in de Raad van de Rechtspleging. Voor borg stond Otto Braat.

De losrente-brief was tot 1796 in het bezit va Paulus van Bijleveld, broer Willem Hendrik van Bijleveld en Cornelia van Bijleveld zij was echtgenote van Theodorus Gerardus Bosch. 

Willem Hendrik van Bijleveld en Theodorus Gerardus Bosch waren de verkopende partij van de losrente-brief van hun broer en zwager Paulus van Bijleveld. Hij was van beroep priester in de Rooms Katholieke kerk van Vleuten. De aankopende partij was Jan Blanke.

Op 1 oktober 1832 is er bij het kadaster in de gemeente Bergambacht bekend dat Jhr. Paulus Wilhelmus Bosch van Drakestein nog drie percelen bouwland en één perceel wetering in eigdom heeft. Percelen Bergambacht C434, 435 en 436 en wetering perceel C2542. Later kwamen deze stuken grond binnen de gemeente Schoonhoven te liggen, per 1 mei 1939.

Paulus had vermoedelijk deze stukken grond aan de Opweg in Schoonhoven vererft gekregen via zijn oom, de broer van zijn moeder Cornelia van Bijleveld. In de Memories van Successie van Paulus die in 1834 is opgemaakt na zijn overlijden staat geschreven over deze stukken grond in Bergambacht. Na kort kadasteronderzoek is bekend dat na zijn overlijden deze percelen en het perceel wetering aan personen zijn verkocht die in die buurt woonde.



Hofstede en landerijen in Kamerik Mijzijde (gem. Woerden)

Landerijen in Kamerik Mijzijde in 1832 in het eigendom van Paulus Wilhelmus Bosch vererft van zijn oom Willem op zijn vader Theo. Heden staan hier de huizen aan de Overstek 10 en 12 op in Kamerik Mijzijde. Landerijen gelegen tussen de Grecht in het westen en Kamerik in het Oosten.Landerijen in Kamerik Mijzijde in 1832 in het eigendom van Paulus Wilhelmus Bosch vererft van zijn oom Willem op zijn vader Theo. Heden staan hier de huizen aan de Overstek 10 en 12 op in Kamerik Mijzijde. Landerijen gelegen tussen de Grecht in het westen en Kamerik in het Oosten.



In het jaar 1797 koopt Willem Bosch een boerderij met bijbehorend land aan, gelegen in Kamerik Mijzijde. Totdat jaar was de boerderij met land het eigendom geweest van het Convent (klooster) van Oudwijk te Utrecht. Na het overlijden van Willem in 1801 vererft het goed op zijn broer Theodorus Gerardus Bosch die na een jaar in 1802 overlijd waarna het goed in het bezit komt van zijn zoon Paulus Wilhelmus Bosch. Heden zijn de landerijen en twee huizen in Kamerik Mijzijde te vinden op de Overstek 10 en 12.



Landgoed Bruxvoort in Bennekom (gem. Ede, prov. Gelderland)

Landgoed de Bruxvoort te Bennekom zoals de situatie was op 1 oktober 1832. In 1798 aangekocht door Paulus Wilhelmus Bosch.Landgoed de Bruxvoort te Bennekom zoals de situatie was op 1 oktober 1832. In 1798 aangekocht door Paulus Wilhelmus Bosch.



Op dinsdag 27 januari 1798 om 16:00 uur in de middag van huize van kastelein B. Mikking te Bennekom (Gelderland) kocht Paulus Wilhelmus Bosch boerderij Bruxvoort te Bennekom aan. Bruxvoort betekend doorwaadbare plaats door het moeras.

Al voor 1 oktober 1832 had Paulus boerderij Bruxvoort al overgedaan naar zijn zoon Johannes Gerardus Bosch van Drakestein.


Boerderij Boerderij "Bruxvoort" op de hoek van de Harsloweg en Weerdjesweg in Bennekom, gezien in noordwestelijke richting. De boerderij is na een brand in 1927 weer herbouwd in 1991. Bron: ArchieVal, gemeente archief Ede en Scherpenzeel, beeldbank, GA12423.


Luchtfoto Heuvelweg, Slagsteeg, Weerdjesweg en Harsloweg in het buitengebied van Bennekom. Horizontaal onder de Veensteeg. Midden verticaal de Heuvelweg met de boerderij de Hooilanden. Midden horizontaal de Slagsteeg. Bovenmidden verticaal de Weerdjesweg met op de hoek de boerderij Bruxvoort. Bovenin horizontaal de Harloweg. Foto genomen in 2007. Bron: ArchieVal, gemeente archief Ede en Scherpenzeel, beeldbank, RE11169.Luchtfoto Heuvelweg, Slagsteeg, Weerdjesweg en Harsloweg in het buitengebied van Bennekom. Horizontaal onder de Veensteeg. Midden verticaal de Heuvelweg met de boerderij de Hooilanden. Midden horizontaal de Slagsteeg. Bovenmidden verticaal de Weerdjesweg met op de hoek de boerderij Bruxvoort. Bovenin horizontaal de Harloweg. Foto genomen in 2007. Bron: ArchieVal, gemeente archief Ede en Scherpenzeel, beeldbank, RE11169.


Kadastrale situatietekening van enige percelen aan weerszijden van de Rijnsteeg tot aan de Slagsteeg onder Bennekom bij boerderij Bruxvoort in 1930. Bron: Het Gelders Archief, 1963, 677.Kadastrale situatietekening van enige percelen aan weerszijden van de Rijnsteeg tot aan de Slagsteeg onder Bennekom bij boerderij Bruxvoort in 1930. Bron: Het Gelders Archief, 1963, 677.


Luchtfoto buitengebied omgeving Dickenseweg in Bennekom. Links onder de Dijkgraaf. Middenonder de Dickenseweg en linksmidden de Zwartesteeg. Horizontaal boven de Harsloweg en midden boven de Weerdjesweg. Foto genomen in 2007. Bron: ArchieVal, gemeente archief Ede en Scherpenzeel, beeldbank, RE11174.Luchtfoto buitengebied omgeving Dickenseweg in Bennekom. Links onder de Dijkgraaf. Middenonder de Dickenseweg en linksmidden de Zwartesteeg. Horizontaal boven de Harsloweg en midden boven de Weerdjesweg. Foto genomen in 2007. Bron: ArchieVal, gemeente archief Ede en Scherpenzeel, beeldbank, RE11174.


 

Landerijen in Blauwkapel (gem. Utrecht)

  • Land in geel gearceerd volgens het kadaster in 1832 in de periode 1797-1798 in het bezit van familie Bosch gekomen. Vroeger van het klooster Mariëndaal. Heden Utrecht Overvecht. Bron: HISGIS Utrecht.
  • De huizen en flats in Utrecht Overvecht tussen de Brailledreef, Einsteindreef en Albert Zweitserdreef. Gebouwd op de vroegere Bosch van Oud-Amelisweerd grond. Bron: Openstreetmap.org.
  • De omgeving van het Queeckhovenplein in de Utrechtse wijk Noordwest Zuilen. Queeckhovenplein gelegen tussen de Burg. Norbruislaan, J.M. de Muinck Keizerlaan en de rivier de Vecht. Eerder stond hier het klooster Mariëndaal. Bron: Openstreetmap.org.
  • Gezicht op enkele gebouwen en een toegangspoort, restanten van het klooster Mariëndaal te Utrecht in 1731. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 201567.
  • Gezicht op een toegangspoort en enkele er tegenaan gebouwde schuren, restanten van het klooster Mariëndaal te Utrecht op 6 juni 1750. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 201568.



Tussen donderdag 27 juli 1797 en woensdag 19 september 1798 werden de vroegere vast- en onroerende goederen verkocht van het vroegere Utrechtse klooster Mariëndaal. Dit klooster heeft ooit gestaan heden in de wijk Noordwest Utrecht Zuilen. Onder grond liggen nog de restante van dit Middeleeuws klooster, onder het Queeckhovenplein. Gelegen tussen de Burgemeester Norbruislaan in het zuidwesten, de J.M. de Muinck Keizerlaan in het zuidoosten en in het noorden gelegen rivier de Vecht. Bij de verkoop van de vroegere onroerende goederen van het klooster in de periode 1797-1798. Is niet helemaal duidelijk wie van de familie Bosch het stuk grond, gelegen de Gageldijk en Kwakeldijk heeft gekocht. Vermoedelijk zal dit Theodorus Gerardus Bosch dit zijn geweest. Dat na zijn overlijden de grond in het huidige Utrecht Overvecht is overgegaan naar zijn echtgenote Cornelia van Bijleveld. Dat na haar overlijden de grond na 1823 is vererft aan kleinzoon Jan Willem Hendrik Bosch. Zo staat dit ook te lezen bij de invoering van het kadaster op 1 oktober 1832. Dat Jan Willem Hendrik Bosch is.

De verkoop werd eind achttiende eeuw geleid door de Staten van Utrecht. Die ruim 250 jaar eerder de gronden van diverse katholieke kerken confisqueerde na de Beeldenstorm en Reformatie van omstreeks 1580. 

In de loop van de twintigste eeuw verkocht familie Bosch van Oud-Amelisweerd het land tussen de Kwakeldijk en Gageldijk.

Mogelijk is ook als het land van Mariëndaal al in 1797 als één van de eerste landerijen verkocht zou worden, dat Paulus Wilhelmus Bosch rond zijn 26e jarige leeftijd een van zijn eerste grote onroerend goed aankopen deed. En dat neef Jan Willem Hendrik Bosch bij zijn 18e verjaardag in 1817 het vroegere land van Mariëndaal kreeg van ome Paul.

Wikipedia schrijft over het vroegere klooster Mariëndaal (Utrecht) het volgende: 

Mariëndaal is een verdwenen vrouwenklooster in de Nederlandse stad Utrecht in de nabijheid van het huidige Queeckhovenplein.

Dit vrouwenklooster der cisterciënzers is gesticht in 1244 of eerder. Het werd destijds gevestigd noordelijk van de stad Utrecht, even buiten de stadsvrijheid in de Zwesereng, langs de westoever van de rivier de Vecht. De stichter ervan was Theodericus Kovelwaat (Dirk van Kovelwade), een kanunnik verbonden met Oud-Munster. Op het omgrachte abdijperceel heeft een kerkgebouw gestaan met aangrenzend een kloosterhof met een refter. Het kloostercomplex kende daarnaast nog andere gebouwen. Het klooster kreeg in zijn bestaan te maken met beschadiging door blikseminslag en oorlogsgeweld. In de 16e eeuw ontstonden door onder 
meer de Reformatie grote veranderingen. Afbraak van het klooster geschiedde in 1586 en aansluitend werd het goederenbeheer overgenomen door de ridderschap en rentmeesters. Aan het eind van de 18e eeuw is Mariëndaal definitief opgeheven. Van de gebouwen zijn niet veel meer dan ondergrondse restanten overgebleven. Een klein aantal opgegraven bouwfragmenten 
bevindt zich in de collectie van het Centraal Museum.
 

Vanaf de jaren vijftig en zestig van de twintigste eeuw werd de wijk Utrecht Overvecht op de vroegere Bosch van Oud-Amelisweerd grond gebouwd.

De vroegere Bosch van Oud-Amelisweerd grond ligt heden gelegen globaal gezien in het Utrechtse Overvecht tussen de Brailledreef, Einsteindreef en Albert Zweitserdreef.



Huis in de Voorstraat (binnenstad, gem. Utrecht)


Op zondag 10 februari 1799 werd ten overstaan van de Utrechtse notaris Pieter Jongeneel Huijbertz het huis aan de Voorstraat 87 aankocht door Paulus Wilhelmus Bosch, van de wel edel gestrenge heer Joachim van Vliet. In 1812 verhuisd familie Bosch van Drakestein naar het Janskerkhof 17, 17a. Paulus hield het huis aan de Voorstraat aan voor verhuur.

Zoon Johannes Gerardus Bosch van Drakestein werd hier in juli 1811 geboren (BS Utrecht G 1811, aktenr. 4).


Handtekening van Joachim van Vliet en Paulus Wilhelmus Bosch, gezet op Zo. 10 februari 1799 voor de Utrechtse notaris Pieter Jongeneel Huijbertz. Bron: Het Utrechts Archief, 34-4 U302C003.Handtekening van Joachim van Vliet en Paulus Wilhelmus Bosch, gezet op Zo. 10 februari 1799 voor de Utrechtse notaris Pieter Jongeneel Huijbertz. Bron: Het Utrechts Archief, 34-4 U302C003.



Bronnen: Het Utrechts Archief, Notarissen in de stad Utrecht, 34-4, U302C003, aktenummer: 11, blz. 25. Huizenaanhetjanskerkhof.nl.



  • Reconstructie van de Voorstraat 85/87 in documentatie. Bron: documentatie.org
  • Reconstructie van de Voorstraat 87 in documentatie. Bron: documentatie.org
  • Panden aan de Voorstraat 85/87 te Utrecht (1). Bron: Google Maps Streetview.
  • Panden aan de Voorstraat 85/87 te Utrecht (2). Bron: Google Maps Streetview.

 

Oliemolen De Fontein (gem. Utrecht)

De Utrechtse Oliemolen aan de Catharijnepoort die Paulus van zijn vader Theo op maandag 6 oktober 1800 voor de helft kreeg en de andere helft die Paulus kocht uit de boedel van zijn overleden oom Herbert Jan Bosch. Bron: HISGIS.nl Utrecht.De Utrechtse Oliemolen aan de Catharijnepoort die Paulus van zijn vader Theo op maandag 6 oktober 1800 voor de helft kreeg en de andere helft die Paulus kocht uit de boedel van zijn overleden oom Herbert Jan Bosch. Bron: HISGIS.nl Utrecht.



Op maandag 6 oktober 1800 werd ten overstaan van notaris Cornelis de Wijs te Utrecht wordt door donateur Theodorus Gerardus Bosch de helft geschonken aan de donataris zijn zoon Paulus Wilhelmus Bosch van de oliemolen genaamd Het Fortuin, staand bij de stadswallen bij de Catharijnepoort te Utrecht. De andere helft van de oliemolen koopt Paulus Wilhelmus Bosch aan van Johannes Gerardus Dadelbeek en Henricus van der Burgh die de executeur testamentairs zijn van zijn overleden oom Herbert Jan Bosch. Bron: Het Utrechts Archief 34-4 U256c038 119 en 120.


Gezicht vanaf de singel over de stadsbuitengracht te Utrecht uit het noordwesten, met de wal en de Catharijnepoort en -brug en de molen De Fortuin op de restanten van het Vredenburg in 1835/1836. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 36471.Gezicht vanaf de singel over de stadsbuitengracht te Utrecht uit het noordwesten, met de wal en de Catharijnepoort en -brug en de molen De Fortuin op de restanten van het Vredenburg in 1835/1836. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 36471.



Landerijen in Westveen (prov. Zuid-Holland)



Op vrijdag 19 juni 1801 kocht Paulus Wilhelmus Bosch van Drakestein ten huizen van Cornelis Maaskant kastelein in het Gerechtshuis van Oudhuizen om 17:00 uur in de namiddag ten overstaan van de Mijdrechtse notaris Adrianus Verdam 5 percelen land tezamen 17 morgen, 286 roeden groots aan als zijnde wei en hooiland. Waarvan nog diverse percelen gelegen waren in de gemeente Westveen. Voor 1988 nog gelegen in de gemeente Wilnis na 1988 gelegen in de gemeente Nieuwkoop in de provincie Zuid-Holland.


De vijf percelen land die Paulus Wilhelmus Bosch aankocht op 19 juni 1801 in het buurtschap Oudhuizen Wilnis en Westveen. Boerderij aan de Geerkade 45 te Wilnis kocht Paulus op een ander moment.De vijf percelen land die Paulus Wilhelmus Bosch aankocht op 19 juni 1801 in het buurtschap Oudhuizen Wilnis en Westveen. Boerderij aan de Geerkade 45 te Wilnis kocht Paulus op een ander moment.






Uiterwaarden aan de Biltse Grift

in Wittevrouwen (gem. Utrecht)


'1802 februari 12 Register van transport van het gerecht van Wittevrouwen G. de Rooij transporteerd aan M. P.W. Bosch. Zekere twee morgen weyland genaamd "de Dell, doch zoo groot en klijn dezelve gelegen is onder dezen gerechte, daar westwaards de Steenstraat gaande naar de Blauwcapelse weg, noordwaards de Broekhuysen wetering of Bildse vaart (De Grift of Bildsche Grift), zuidwaarts het plantsoen der landerijen specteerende tot den Capittule van St. Jan en oostwaards de heer Jean de Pelleci naast gelegen zijn.'.