Stichting Houtense Hodoniemen

Onderzoekt straatnamen, boerderijen, onroerend goed en adellijke families in Houten en omgeving

Familie De Wijkerslooth de Weerdesteyn

 Naamherkomst

Straat en sloot de Wijkersloot gelegen tussen Dwarsdijk en Wijk Bij Duurstede in het voorjaar van 2019. Foto's: Sander van Scherpenzeel.

De betekenis van wijk is vestingsplaats en van sloot is watergang

Betekenis: Vestingsplaats aan de watergang

Kasteel Weerdesteyn, Weerdesteynselaan 1, Langbroek. Foto's: Winfried Leeman.

Weerde komt vermoedelijk van het Oud Nederlands woord voor verdedigen/verweren

Weerde kan ook uiterwaarden betekenen. Aangezien het kasteel vanaf de middeleeuwen in een moeras is gebouwd in de omgeving van Langbroek. De naam Langboek betekend letterlijk vestingsplaats in of langs het lange moeras.

Maar aangezien het kasteel Weerdesteyn niet direct in de omgeving van een rivier ligt waar meestal aan weerszijde een uiterwaarden bijhoort. Is het minder waarschijnlijk dat weerde teruggaat op de betekenis van uiterwaarden.

Stein komt van de Oud Nederlandse betekenis van een verdedigbaar huis van steen, een kasteel. In de twaalfde en dertiende eeuw was het een mode woord onder de vroegere adellijk geslacht om aan te duiden dat je in een huis, kasteel of burcht van steen woonde. Gebouwen bouwen van steen in die tijd was alleen weggelegd voor de allerrijkste. En om hun bezettingen te beschermen bouwde men in steen. Regelmatig voerde de heren van een kasteel oorlogen met hun buren of de bisschop van het sticht (Utrecht). Steen van dus een rijk goed. Iets wat men in die tijd liet terugkomen in de naam van een kasteel.

Letterlijk betekenis van de naam De Wijkerslooth de Weerdesteyn is:

de Vestigingsplaats aan de watergang de verdedigbaar kasteel

De Wijkerslooth (ook: van Wijkerslooth van Grevenmachern, de Wijkerslooth de Rooyesteyn en de Wijkerslooth de Weerdesteyn) is een Nederlands en Belgisch adellijk geslacht.

De bewezen stamreeks begint met Willem Petersz Smit die vermeld wordt vanaf 1459 en in 1484 overleed. In de 17e eeuw vestigden zich nakomelingen in Utrecht als brouwer.

In 1786 werd Henricus Jacobus van Wijkerslooth van Weerdesteyn door keizer Jozef II verheven in de Oostenrijke adel en werd hem de titel van baron bij eerstgeboorte verleend. In 1803 werd een broer van de laatste, Cornelis Gerardus Josephus van Wijkerslooth van Grevenmachern, door keizer Frans II verheven tot baron van het Heilige Roomse Rijk. In 1814 en 1816 werden leden van de familie benoemd in ridderschappen. In 1816 werd Franciscus Johannes de Wijkerslooth de Weerdesteyn ingelijfd in de Nederlandse adel en in 1816 werd hem de titel van baron bij eerstgeboorte verleend.

In 1816 werd de titel van baron bij eerstgeboorte verleend aan François Johannes de Wijckerslooth van Roijestein die in 1814 in de Ridderschap benoemd was; zijn nageslacht opteerde na 1830 voor België en maakt sindsdien deel uit van de Belgische adel. Aan hen werd in 1963 in België de titel van baron(es) op allen verleend.

Bron Wikipedia De Wijkerslooth

Kasteel Weerdesteyn

Weerdesteijnselaan 1, 3947 ND, Langbroek, Wijk bij Duurstede.

In 1319 en 1320 komen we in de archieven een Adam Philipszoon en Willem Philipszoon tegen, die mogelijk dezelfde twee personen zijn als Adam van Weerdestein en zijn broer Willem, die beide in 1329 vermeld worden. Het vermoeden bestaat dat hun vader Philip het kasteel Weerdesteyn rond 1300 gebouwd zou hebben. Het kasteel zelf wordt pas voor de eerste keer in 1333 genoemd.

Volgens de bewaard gebleven kroniek van Johannes de Beka uit het midden van de 14e eeuw heeft de bisschop Johan van Arkel in 1351 Weerdesteyn 'gecregen'. Door financiële problemen had hij zich terug getrokken in Grenoble, maar hij kwam in 1351 terug en mogelijk heeft de eigenaar van Weerdesteyn hem toen (tijdelijk) het kasteel als residentie aangeboden.

In 1358 verkoopt Philips van Weerdestein, een zoon van de eerder genoemd Willem, het kasteel aan Johan van de Weteringh. De familie Van Weerdestein was eigenaar van Bloemenweerde bij Cothen en woonde vanaf die tijd op dat kasteeltje.
Over de familie Van de Weteringh is erg weinig bekend. We weten alleen dat een 'Johan van de Weteringh' het kasteel in 1358 kocht, dat een 'Van de Weteringh' in 1394 leenman van de bisschop was en dat er een 'Johan van de Weteringh' in 1425 sterft. Dit zal een zoon of kleinzoon van de eerstgenoemde Johan van de Weteringh zijn geweest.

In 1425 wordt kasteel Weerdesteyn verkocht en de nieuwe eigenaar wordt Willem van Boekhout. Na diens dood volgt zijn zoon, Hubert, kanunnik van het kapittel van St. Marie in Utrecht, hem op en deze draagt Weerdesteyn in 1462 over aan zijn nicht Aleid van Zuylen. Door haar huwelijk met Arend van IJsselstein, maarschalk van het Nedersticht, komt het kasteel in deze familie terecht. Na de dood van Aleid, volgt hun zoon Cornelis haar op en hij besluit om Weerdesteyn in 1516 te verkopen aan Roelof Grauwert.

Deze familie dankt hun naam aan het kasteeltje Grauwert in het tegenwoordige Leidsche Rijn, dat in 1453 in bezit van de familie kwam. Het was een Utrechts patriciërsgeslacht en leden van de familie hadden zowel zitting in de ridderschap als in de magistraat van Utrecht. Het kasteel Hindersteyn was in bezit van Beernt Grauwert van Hindersteyn, een broer van Roelof (I).
De mannelijke leden uit deze tak van de familie droegen bijna allemaal de naam Roelof. Roelof (II), de zoon van bovengenoemde Roelof, trouwde met een bastaarddochter van Reinoud van Brederode. Dit geeft al aan dat de familie niet onbelangrijk was. Roelof (II) werd ook drost van Ameide en hij tekende in 1565 ook het Verbond der Edelen. Waarmee hij voorstander was van de afschaffing van de inquisitie, die mensen, die de nieuwe leer waren toegedaan, vervolgd werden.

Van de familie Grauwert is bekend dat ze op kasteel Weerdesteyn in stilte de Heilige Mis lieten opdragen door langstrekkende Jezuïeten.
Een achterkleinzoon van Roelof (II), Roelof (IV) Grauwert, zoon van Gijsbert Grauwert, erft Weerdesteyn in 1615 en laat in 1642 een poortgebouw bouwen, dat nog steeds bestaat. Omdat hij ongehuwd blijft, vererft het huis in 1650 op zijn broer Johan en na diens dood op broer Herman. Ook deze broer sterft zonder nakomelingen en door verwerving komt kasteel Weerdesteyn nu in bezit van Justus van Egmond van der Nijenburg, een neef van de drie broers.





Na hem komt het kasteel in bezit van zijn zoon Willem en daarna van een kleinzoon. Deze kleinzoon verkoopt het kasteel in 1730 aan Eduard Joseph Ram van Schalkwijk. Hij woont op het iets verderop gelegen huis Rodestein. Na de dood van Eduard Joseph, vererft het op diens zoon Eduard Petrus in 1767. Gedurende slechts acht jaar is hij eigenaar, waarna hij sterft en het kasteel vererft op zijn drie dochters.
Bij de verdeling van de bezittingen erft de oudste dochter, Anna Catharina Maria Weerdesteyn en door haar huwelijk met Hendrik Jacob baron van Wijkerslooth komt Weerdesteyn in het bezit van deze familie terecht. De familie gaat zich naar het kasteel vernoemen: De Wijkerslooth de Weerdesteyn en het kasteel is nog steeds in bezit van deze familie.


Bouwgeschiedenis Het kasteel Weerdesteyn werd ten zuiden van de Langbroekerwetering gebouwd op een terrein dat door een dubbele, gedeeltelijk zelfs drievoudige omgrachting is omgeven. De woontoren heeft een vierkante plattegrond van 9,3 x 9,3 meter, een hoogte van 22 meter en is gebouwd met kloostermoppen met een formaat van circa 30,5 x 14,5 x 7,5 cm. Aan de hand van dit steenformaat en de manier van metselen kan Weerdesteyn heel goed rond 1300 gesticht zijn. De toren bestaat uit vijf bouwlagen, te weten een kelderruimte, drie verdiepingen en een zolder. Als we het muurwerk nader beschouwen zien we op een hoger niveau, dat er gebruik is gemaakt van tufsteen. Het is echter onduidelijk waar deze oorspronkelijk vandaan komt.

Over de bouwgeschiedenis van het kasteel valt niet heel veel te zeggen. Bij de restauratie van 1870 en 1871 werd er een gevelsteen geplaatst, waarop we lezen, dat het kasteel herbouwd was na een verwoesting in de 16e eeuw. Hierover kunnen we in de archieven echter niets vinden.

Weerdesteyn werd, in tegenstelling tot heel veel kastelen, nadat ze hun verdedigbare functie waren kwijt geraakt, niet aangepast voor een beter wooncomfort. In 1538 voldeed Weerdesteyn dan ook volledig aan de kenmerken om als ridderhofstad te worden erkend: omgrachting, ophaalbrug en poortgebouw.

Van Weerdesteyn zijn enkele tekeningen uit de 17e- en 18e eeuw bewaard gebleven. In het ridderhofstedenboek vinden we een afbeelding uit ca 1665, waarop we zien dat het kasteel toen ook uit een kelder met drie woonlagen bestond, voorzien was van kantelen en gedekt werd door een schilddak. het kasteel beschikte ook over een poortgebouw. Deze afbeelding komt overeen met een schematische weergave op een kaart uit 1609. Op nieuwere afbeeldingen zien we dat de toren gedekt werd door een met pannen gedekt tentdak, terwijl eind 17e of begin 18e eeuw de kantelen verwijderd zijn.



De ingang tot de woontoren bevond zich in de 17e eeuw op de eerste woonlaag, die via een houten brug over de gracht te bereiken was. Aan de zuidzijde was een duiventil aangebracht, die we op de tekening van L.P. Serrurier, een kopie naar een tekening uit circa 1730, niet meer tegen komen. Doordat Serrurier vanuit een ander zichtpunt het kasteel tekende, zien we nu aan de noordzijde een kleine aanbouw.
In 1772 wordt 'De tegenwoordige Staat' uitgegeven; daarin wordt Weerdesteyn omschreven als: 'slegts een vierkantige steenen Tooren, met een gracht omringd'.

In 1751 wordt door Van Liender een bezoek gebracht aan het kasteel en door hem wordt een tekening van het kasteel gemaakt. We zien hierop dat de aanbouw, de brug en de hoofdingang verdwenen zijn. Hiervoor in de plaats zijn een houten bruggetje over de gracht aangebracht en een ingang op de begane grond. Onderin de oostmuur zijn spaarbogen aangebracht; dit werd gedaan om op baksteen te bezuinigen en om niet een complete funderingssleuf te hoeven graven. Aan de hand van een tekening van Jan de Beijer uit de 18e eeuw weten we, dat deze spaarbogen zich ook aan de zuidkant bevonden.

Het terrein komen we tegen op de kadastrale tekening van 1820. We zien hierop dat kasteel en voorburcht met boerderij en bijgebouwen zijn omgracht, terwijl het kasteel zelf aan twee zijden afzonderlijk is omgracht. Mogelijk door een fout, ontbreekt het poortgebouw met vaste brug. Het geheel wordt door nog weer een gracht omgeven.

Als Corneille Charles Auguste de Wijkerslooth de Weerdesteyn eigenaar van het kasteel is, besluit hij om het kasteel te laten restaureren. Deze restauratie vond plaats in de jaren 1870 en 1871. Omdat hij samen met zijn vrouw niet op het kasteel woonde, maar in Ollignies, in België, geeft hij opdracht aan rentmeester E. Kronenburg om toezicht te houden op de verbouwing. Bij deze renovatie werd de oude toegangsdeur op de verdieping dichtgemetseld. De eerder vermelde ingang die aangebracht was op de begane grond was rechthoekig; deze werd vervangen door een boogdeur. Het dak, dat mogelijk al voor 1870 met leipannen gedekt was, werd nu voorzien van twee extra dakkapellen. In de noordgevel werd een klok aangebracht en een herinneringssteen met de tekst: 'bâti au 13ème siècle, ruiné au 16ème siècle, restauré au 19ème par le baron Corneille Charles Auguste de Wijkerslooth de Weerdesteyn, seigneur de Schalkwijk cette année 1870'.

Bij deze renovatie werd ook het interieur aangepakt. Vanuit de keuken in de kelder werd een trap naar de eerste woonlaag aangebracht en mogelijk dateert uit deze periode ook de spiltrap. Na deze renovatie woonde de baron af en toe in de woontoren, een enkele keer van zijn vrouw vergezeld. In de kelder bevond, zoals eerder vermeld, de keuken; op de eerste woonlaag de woonkamer; daarboven de slaapkamer van de baron en de barones had haar slaapkamer daarboven, terwijl op de zolder twee ruimtes waren aangebracht voor de bedienden.

Na enkele jaren besloot de baron een tweede renovatie uit te voeren en wel in 1875. Opnieuw kreeg E. Kronenburg het toezicht toegewezen. Op kelderniveau werd een neogotische ombouw met kruisgewelven aangebouwd, waarbij aan de westkant op de bovenkant een terras werd aangebracht. Voor deze aanbouw werden speciale machinale bakstenen gebakken in het formaat van kloostermoppen. Op het dak werd een windwijzer geplaatst. In deze aanbouw bevinden zich een halletje en twee gastenvertrekken en werd voorzien van spitsboogvensters en -deuren. Het bijzondere van deze ombouw is, dat deze aan drie zijde aan de binnenkant muren kreeg van 1,25 meter dik. Tenslotte werden de rechthoekige ramen in de woontoren vervangen door boogramen.

De baron besloot om in 1875 de boerderij, die op de voorburcht staat, af te breken en te vervangen door een nieuwe op een plek buiten de omgrachting. En in Nice liet hij in die periode een geheel nieuwe villa bouwen, die hij 'Château Montboron' noemde. Het betreft een woontoren van drie bouwlagen in neogotische stijl, die mogelijk geïnspireerd is op Weerdesteyn.
Corneille Charles Auguste overleed in 1909 en werd opgevolgd door zijn zoon Jean, die advocaat in Utrecht was en daardoor 's zomers op Weerdesteyn woonde. Dit duurde echter niet zo lang, doordat hij in 1911 Hindersteyn kocht en daar ging wonen. Helaas werd Weerdesteyn daarna niet meer bewoond.



Er zijn nog plannen geweest om rond 1938 de aanbouw af te breken, maar deze plannen zijn niet uitgevoerd.

Het kasteel is toegankelijk via een poortgebouw, dat aan de voorkant kan worden afgesloten door een dubbele, houten deur, waarboven zich een wapensteen bevindt met de vier kwartieren van de bouwheer Roelof Grauwert (Grauwert, Van Hardenbroek, Van de Vecht en Van Snellenburg) en het jaartal 1642. De doorgang wordt geflankeerd door gemetselde pilasters met daarboven natuurstenen kogels. In de twee zijmuren bevinden zich nog drie schietgaten. De stijl van het poortgebouw komt overeen met het poortgebouw van het verdwenen Groenestein.
Tenslotte hoort bij Weerdesteyn nog de boerderij. De oorspronkelijke boerderij werd in 1675 afgebroken, maar de plaats daarvan is nog aanwijsbaar door de iets hogere ligging van het terrein. De nieuwe boerderij stamt uit 1875 en is een eenvoudige langhuisboerderij, die gedekt wordt door een zadeldak met afgewolfde pannen. In de voorgevel zien we uitkragend siermetselwerk en gestoken windveren.

Tenslotte vindt er in 2006 een restauratie plaats door de huidige eigenaar, de heer Jhr. R.J. de Wijkerslooth de Weerdesteyn. Bij deze restauratie wordt het kasteel weer geschikt gemaakt voor bewoning en sindsdien wordt het bewoond.

Naar een tekst uit het boek: Kastelen en ridderhofsteden in Utrecht uit 1997.

Eigenaren van kasteel Weerdesteyn

1.   ca 1300 Philips van Weerdesteyn
2.   1319/29 Willem Philipszoon van Weerdesteyn (zoon)
3.   ... - 1358 Philips van Weerdesteyn (zoon)
4.   1358 - 1425 Johan van de Weteringh (koop)
5.   1425 - ... Willem van Boekhout (koop)
6.   ... - 1462 Hubert van Boekhout (zoon)
7.   1462 - ... Aleid van Zuylen (nicht), getrouwd met Arend van IJsselstein
8.  ... - 1516 Cornelis van IJsselstein
9.   1516 - 1520 Roelof (I) Grauwert, getrouwd met Alid Both van Scherpenseel
10.   1520 - 1572 Roelof (II) Grauwert (zoon), getrouwd met Margaretha van Brederode
11.   1572 - 1602 Roelof (III) Grauwert, heer van Weerdesteyn (zoon), getrouwd met Johanna van                   Hardenbroek
12.   1602 - 1615 Gijsbert Grauwert (zoon), getrouwd met Johanna van de Vecht
13.   1615 - 1650 Roelof (IV) Grauwert (zoon)
14.   1650 Johan Grauwert (broer, ongehuwd)
15.   - 1676 Herman Grauwert (broer, ongehuwd)
16.   1676 Justus van Egmond van der Nijenburg (neef), getrouwd met Eustachia van Quarebbe
         Willem van Egmond van Nijenburg (zoon), getrouwd met N. van Stembor
17.   - 1730 NN van Egmond van Nijenburg (zoon)
18.   1730 - 1766 Eduard Joseph Ram van Schalkwijk (koop)
19.   1767 - 1775 Eduard Petrus Ram van Schalkwijk (zoon)
20.   1775 - 1828 Anna Catharina Maria Ram van Schalkwijk (dochter), getrouwd met Hendrik Jacob           baron van Wijkerslooth de Weerdesteyn
21.   1818 - 1864 Franciscus Johannes de Wijkerslooth de Weerdesteyn (zoon), getrouwd met                       Charlotte Antoinette Amelie Zephyrine de la Trémouille
22.   1864 - 1909 Corneille Charles Auguste de Wijkerslooth de Weerdesteyn (zoon), getrouwd met             Jeanne Philiberte de Bernard de Montessus
23.   1909 - 1936 Jean Baptiste Louis Corneille Charles de Wijkerslooth de Weerdesteyn (zoon),                   getrouwd met Judith Maria Assuera Theresia Ignatia van Wijnbergen
24.   1936 - 1961 Jhr. mr. ir. Ferdinand Cornelis Karel de Wijkerslooth de Weerdesteyn, heer van                 Weerdesteyn en Wulven (zoon), getrouwd met Renée Marie Juliëtte Madeleine Regout
25.   1961 - 2001 Jhr. R.J. en Jhr. Mr. J.L. de Wijkerslooth de Weerdesteyn
26.   2001 - ... Jhr. R.J. de Wijkerslooth de Weerdesteyn

Geschiedenis Kasteel Wulven

 Naar een tekst van Otto Wttewaall en Jan Smits

Uit het boek Kastelen en ridderhofsteden in Utrecht, onder redactie van B. Olde Meierink, Utrecht, Uitgeverij Matrijs, 1995.

Aangevuld met diverse afbeeldingen en foto's door SHH uit diverse bronnen.


Ten westen van de boerderij ‘Het Rechtshuis van Wulven' aan de Koedijk in Houten is nog steeds de omgrachting zichtbaar van het verdwenen kasteel Wulven'. De voorburcht van hetkasteel lag tussen de nog bestaande boerderij en het kasteel. Wulven werd in 1296 gesticht op de grens van de hogere gronden van de Houtensestroomrug en de ontginningseenheid Wulverbroek:. Naar men vermoedt was dit kasteel de opvolger van een 600 m zuidelijker gelegen kasteel dat
een ronde aanleg had. Dat kasteel staat thans bekend onder de naam ‘Het Rondeel’.



Geschiedenis

Nog tijdens de bouw van het kasteel droeg Ernst van Wulven het in 1296 op aan graaf Floris V van Holland. De gevolgen van deze leenverhouding lieten niet lang op zich wachten. Toen graaf Willem IV van Holland in 1345 tijdens de afwezigheid van bisschop Jan van Arkel tegen de stad Utrecht optrok, koos Ernst van Wulven, zoon van Mabelia van Wulven en Boudewijn van Avezaeth, dan ook de zijde van de graaf.



Kort na de inname van de stad trok de graaf ten strijde tegen de Friezen, waarbij hij sneuvelde. Bisschop Jan van Arkel nam daarop de gelegenheid te baat om af te rekenen met de edelen die tegen hem hadden samengespannen. De meesten van hen vroegen en kregen ook vergiffenis, maar Ernst van Wulven weigerde, met als gevolg dat Wulven
met de grond gelijk werd gemaakt en Ernst werd verbannen. Ernst lict het kasteel echter herbouwen. Via zijn dochter Clementia, die gehuwd was met Herman van Lockhorst, kwam
Wulven aan de familie Van Loekhorst, in wier bezit het zou blijven tot 1434. Hun zoon Herman erfde Wulven na het overlijden van zijn moeder in 1362 en ging zich vervolgens naar zijn bezit
ook Van Wulven’ noemen.




In diezelfde tijd moet in de kapel van het kasteel een wonderdadig Mariabeeld hebben gestaan, reden waarom Wulven een druk bezocht pelgrimsoord werd’.

Ferman van Lockhorst schonk Wulven in 1434 aan zijn kleindochter Lutgarde van Buren, ter gelegenheid van haar huwelijk met Jan van Renesse. Zich beroepend op de oorspronkelijke leenakte van Floris V, liet Filips van Bourgondië, graaf van Holland, Herman daarop als leenheer weten dat het kasteel van hem niet op Lutgarde kon overgaan en dat het weer aan de grafelijkheid was vervallen. Jan van Renesse weigerde evenwel Wulven te ontruimen, waarop de graaf dreigde beslag te leggen op diens Zeeuwse leengoederen. De kwestie bleef slepen tot 1445, toen, na Lutgardes dood, haar zoon Jan met Wulven werd beleend. Na het overlijden van zijn zoon in 1467 werd de oude Jan van Renesse zelf uiteindelijk alsnog met Wulven beleend.

In 1536 werd Wulven door de Utrechtse Staten als riddermatig erkend. Het goed bleef eigendom van de Van Renesses tot 1592. Om zijn schulden te kunnen voldoen verkocht Johan van Renesse het in dat jaar aan Wouter van Oudshoorn, heer van Crayestein, voor een bedrag van f. 36.000 gulden. Hij liet Wulven in begin van de 17de eeuw ingrijpend moderniseren.


De schoonzoon van Wouter van Oudshoorn, Andries Boccaert, verkocht Wulven in 1631 aan Philibert van Tuyll van Serooskerken, in wiens familie het bleef tot 1696. In dat jaar kwam het huis in handen van Pierre Paget de Bragard. Hij liet Wulven in 1719 na aan zijn neef, mr. Hendrikus van der Graeff de Vapour, die het op zijn beurt in 1724 naliet aan zijn zoon Hendrik.
Hendrik trouwde in 1743 met Adriana de la Barre, ter gelegenheid waarvan naar alle waarschijnlijkheid het alliantiewapen werd vervaardigd, dat thans nog de gevel siert van de voormalige kasteelboerderij aan de Koedijk.



In 1827 werd Wulven publiekelijk geveild en gekocht door Francois Jean baron de Wijkerslooth de Weerdesteyn. Het kasteelterrein en de boerderij werden enkele in de jaren zeventig van de twintigste eeuw door de gemeente Houten van deze familie aangekocht.

Bouwgeschiedenis

Hoe het in 1296 gebouwde kasteel eruit heeft gezien, is helaas niet bekend. Mogelijk bestond het slechts uit één vrijstaande woontoren met daarvoor een rechthoekige voorburcht. Dank zij twee tekeningen van Roelant Roghman weten we wel hoe het kasteel er omstreeks 1650 uitzag. Met uitzondering van de enigszins vrijstaande toren tonen deze tekeningen een kas teel dat vermoedellijk grotendeels in de 16de eeuw opnieuw is opgetrokken.

Op de ene tekening is het huis vanuit het noordoosten weergegeven. Links op de voorgrond staat een rechthoekig poortgebouw waartegen een langwerpig dienstgebouw leunt. Via een stenen brug en de zware rondbogige poortdeur bereikt men de voorburcht. Vanaf de voorburcht leidt een houten brug naar een poortje dat toegang geeft tot de binnenplaats van het kasteel. De andere tekening, die het kasteel vanuit het zuiden toont, geeft een duidelijker beeld van de opzet. Het hoofdgebouw aan de noordwestzijde van de ommuurde binnenplaats bestaat uit een souterrain, twee verdiepingen en een zolderruimte onder een zadeldak. Half opgenomen in het hoofdgebouw rijst aan de kant van de binnenplaats een slanke achtkante traptoren hoog op. De bovenste geleding van de toren wordt gemarkeerd door een rondboogfries.




 

Portretten van Lodewijk van Toulon (1745-1804) en zijn vrouw Johanna Helena van der Graeff van Vapour (1754-1791). Zij waren de laatste bewoners van Kasteel Wulven in de tweede helft van de achttiende eeuw. Schilderijen bevinden zich bij het Regionaal Archief Zuid-Utrecht (RAZU) te Wijk bij Duurstede.


Het gebouw is voorzien van ramen met kruiskozijnen. Dit hoofdgebouw met de traptoren dateert vermoedelijk uit het begin van de 16de eeuw. De noordoosthoek van de binnenplaats wordt ingenomen door een toren die rondom in het water staat en door een latere aanbouw over de gracht met het binnenterrein is verbonden. Deze toren heeft lange tijd onderdak geboden aan het gerechtscollege van Wulven. In de loop van de 17de en 18de eeuw onderging het kasteel slechts enkele kleine wijzigingen, waarvan het toevoegen van een kleine vleugel aan het hoofdgebouw aan de kant van de binnenplaats de belangrijkste is. Ook werd in de 18de eeuw de houten brug vervangen door een gemetselde brug met twee bogen; de derde travee werd in hout uitgevoerd.



In een advertentie in de Utrechtsche Courant van 10 september 1827 wordt Wulven als volgt omschreven: ‘Het van ouds Riddermatig HUIS, WULVEN, […] voorzien van vier behangen Bene-denkamers met stookplaatsen waaronder een groote fraaije Zaal, boven mede van vier ruime, meest behangen Kamers, Kabinetje, Domestiekekamer ruime Zolder, Keuken, Kelders en verder Commoditeiten, behalve den Toren en Geregtskamer, Stlling voor tien Paarden, Tuinmans woning, Koetshuis en Schuur, Moestuinen, Engelsch Plantsoen, Goudvischkom, en Lanen van opgaande Iepen en Essen Boomen en Hakhout; tezamen groot ongeveer 5 bunders, 96 roeden’.

Francois de Wijkerslooth de Weerdesteyn moet het kasteel vrijwel direct na aankoop hebben laten slopen, want in de kadastrale leggers van 1832 wordt het kasteelterrein omschreven als 
tuin.

 

  


Wat tot op de dag van vandaag resteert zijn een eiland binnen een concentrische gracht, de kasteelboerderij en de pijlers van het 18de-eeuwse inrijhek. De wapensteen die eens de gerechtskamer sierde bevindt zich tegenwoordig in de voorgevel van de boerderij.



Download kaart van ambachtsheerlijkheid Wulven in hoge resolutie (PNG)

 

  

 

Familie relaties

Jhr. Eduard (Alard) Pieter Ram van Schalkwijk, gedoopt te Utrecht (RK) (Witte Vrouwen Parochie), 10 mei 1730, volgt zijn vader op als Heer van Weerdesteyn en huurt voor 200 gulden per jaar van baron De Milan Visconti de ridderhofstad Hindersteyn (in 1769). Eduard overlijd te Utrecht op 6 april 1775.

Eduard huwt te Haarlem op 2 augustus 1758 met Jkvr. Agatha Margaretha Oem, zij is gedoopt te Haarlem op 12 augustus 1738. Zij is Vrouwe van Sandelingen Ambacht. Agatha werd begraven te Haarlem op 16 december 1804. Zij was de dochter van Cornelis Alardus van Oem (Van Moesenbroeck), heer van Sandelingen Ambacht, en Anna de Kies van Wissen.

Uit dit huwelijk komen drie dochters voort A B C:

A.   Jkvr. Anna Maria Catharina Ram van Schalkwijk. Gedoopt 13 februari 1760 te Haarlem, Noord-Holland -. Erft van haar vader de ridderhofstad Weerdesteyn. Anna Maria overleed op 19 oktober 1828 te Haarlem, Noord-Holland. Zij werd 68 jaar. Zij huwt op 19 april 1785 met Hendrik Jacob van Wijkerslooth (1752-1808). Hendrik Jacob noemde zich vanaf 1785 De Wijkerslooth de Weerdesteyn.

Uit dit huwelijk komen twee zonen voort AA AB:

AA.   Cornelius Ludovicus baron de Wijkerslooth de Weerdesteyn (1786-1851)

AB.   Franciscus Joannes baron de Wijkerslooth de Weerdesteyn (1792-1864)

B.   Jkvr. Margaretha Thimothea Johanna Ram van Schalkwijk. Gedoopt 10 februari 1761 te Haarlem Noord-Holland. Erft van haar vader het bezit Rhodesteyn in Nederlangbroek en de hofdstede De Melkweg in Wijk bij Duurstede. Margaretha overleed op 14 december 1802 te Amsterdam, Noord-Holland. Zij was toen 41 jaar. Zij huwt op 26 mei 1782 te Haarlem, Noord-Holland met Jhr. Willem Joseph van Brienen van de Groote Lindt (1760-1839). In 1812 wordt Willem Joseph verheven tot baron.

Uit dit huwelijk komt een zoon voort:

BA.   Arnoud Willem baron van Brienen van de Groote Lindt (1783-1854)

C.   Jkvr. Timothea Maria Ram van Schalkwijk, Vrouwe van Schalkwijk. Zij werd gedoopt op 11 januari 1764. Zij overleed te Haarlem, Noord-Holland op 17 juni 1825. Ze werd 61 jaar.

Bron: Genealogieonline.nl en Het Kromme Rijngebied 2010 nr. 2 en 3.

In een akte van 4 april 1761 waarbij Andreas de Normandie, heer van Schalkwijk, verklaart dat zijn moeder Maria Marte Le Cointe (weduwe van Cornelis de Normandie), wonend te Rotterdam, voor hem en voor 32.000 gulden de heerlijkheid Schalkwijk heeft gekocht. En dit deels zal betalen uit het van zijn overleden grootmoeder Elisabeth de Jong, weduwe Pieter Le Cointe, ontvangen legaat.

Uit een afschrift van een akte van 2 februari 1820, voor notaris P.A. van Schermbeek te Utrecht, wordt Andries Cornelis de Normandie Messchert te Rotterdam, mede namens zijn zus Catharina Isabella Messchert en zijn broers Jan Willem en Antonie Messchert, bij openbare verkoping van de datum 18 december 1819 aan Anna Catharina Ram van Schalkwijk verkocht, zij is de weduwe De Wijkerslooth de Weerdesteyn, voor 8000 gulden de heerlijkheid Schalkwijk met onder meer tienden in Schalkwijk, en eertijds behorend aan het kapittel van St. Barbara te Culemborg, een tijns uit alle landen onder Schalkwijk, de visserijen tot in de vaart van de Rijn (Lek) alsmede een dubbele bank in de kerk van Schalkwijk;

In een akte van 8 juli 1820 waarbij Anna Catharina Ram van Schalkwijk, weduwe De Wijkerslooth de Weerdesteyn, ingevolge akte de datum van 18 december 1819 voor notaris P.A. Schermbeek te Utrecht, verklaart de heerlijkheid Schalkwijk voor 8000 gulden te hebben verkocht aan haar zus Timothea Maria Ram van Schalkwijk.

De ambachtsheerlijkheid van Schalkwijk werd beheerd na 1820 door Timothea Maria Ram van Schalkwijk (1764-1825). Na haar overlijden kwam de heerlijkheid terug in bezit bij haar zus Anna Catharina Ram van Schalkwijk. Bij haar overlijden in 1828 kwam de heerlijkheid Schalkwijk definitief toe aan haar oudste zoon Cornelius Ludovicus baron van Wijkerslooth van Weerdesteyn (1786-1851). Na zijn overlijden in 1851 kwam de heerlijkheid in beheer bij zijn broer Franciscus Johannes baron van Wijkerslooth de Weerdesteyn (1792-1864).

Frans zijn achterkleinzoon Henri Charles Robert Marie baron de Wijkerslooth de Weerdesteyn, mr. (1950) (2005-) is de tegenwoordige Heer van Schalkwijk.

Henri baron de Wijkerslooth de Weerdesteyn huwde in Antwerpen in 1979 met Anne Marie Pauline Adrienne Hoppenbrouwers (1955).

Bronnen:

Aangepast en overgenomen: Archiefinventaris 386 Familie De Wijkerslooth de Weerdesteyn Regionaal Archief Zuid-Utrecht (RAZU): 

Inventarisnummer: 1238 - Stukken over het bezit van de heerlijkheid Schalkwijk, 1761, 1812, 1820.

Inventarisnummer: 382 - Brieven van B. van der Pouw, schout van Schalkwijk, aan freule Thimothea Maria Ram van Schalkwijk) en één aan (Cornelius Ludovicus) baron van Wijkerslooth van Weerdesteyn van Schalkwijk over de uitoefening van de aan de heerlijkheid Schalkwijk verbonden rechten, 1820-ca. 1828. Naar een inventaris van A.A.B. van Bemmel.

Peter de Jong, Schipluiden (ambachtsheerlijkheidsonderzoeker van de provincies Utrecht en Zuid-Holland).


Cornelius Ludovicus baron de Wijkerslooth de Weerdesteyn

Mgr. Cornelius Ludovicus baron de Wijkerslooth, Heer van Schalkwijk en Weerdesteyn (Haarlem, 25 mei 1786 - Oegstgeest, huis Duinzigt, 10 november 1851) was een Nederlands geestelijke, priester gewijd in 1811 te Paderborn en in 1833 te Antwerpen tot titulair bisschop van Curium (in Cyprus) of zoals destijds geheten, bisschop in partibus infidelium (in het gebied der heidenen). Bron: Wikipedia

Bisschop van Curium Cornelius Ludovicus baron Van Wijkerslooth de Weerdesteyn, heer van Schalkwijk en Weerdestein, is in Schalkwijk nog altijd bekend als "De bisschop van Curium". Hij werd geboren in Haarlem en aldaar gedoopt in de R.K. kerk van Sint Bernard aan den Hoek op 25 mei 1786. Hij was de oudste zoon van Henricus lacobus baron Van Wijkerslooth de Weerdesteyn (1752 - 1808 ) en van Anna Catharina Maria barones Ram van Schalkwijk, vrouwe van Schalkwijk, Weerdestein, Heicop, Sandelingen en Oudenrijn (1760 - 1828 ). Zij is een achter achterkleindochter van jonkheer Adriaan Ram, heer van Schalkw ijk (1599 - 1663), naar wie in Schalkwijk de Jhr. Ramweg vernoemd is.

De familienaam, welke vaakverschillend is opgeschreven, werd tenslotte gewijzigd in De

Wijkerslooth de Weerdesteyn. Cornelius Ludovicus baron Van Wijkerslooth de Weerdesteyn werd op 25 juni 1811 te Paderborn (Duitsland) tot priester gewijd. Op 1 oktober van dat jaar werd hij hoogleraar aan het seminarie te Warmond, het toen enige sem inarie in Noord-Nederland. Op 1 mei 1817 was hij medestichter van het seminarie Hageveld onder Velzen en op 7 juni 1831 stichter van het Instituut Sint Willibrordus te Katwijk aan den Rijn. Op 7 februari 1832 werd mgr. Van Wijkerslooth, op 47-jarige leeftijd, door paus Gregorius XVI benoem d tot bisschop van Curium (een voormalig bisdom op Cyprus). Op 15 september van dit jaar werd hij als zodanig te Münster in Duitsland gewijd.

In maart 1840 werd hij te Rotne benoemd tot huisprelaat van de paus en assistent bij de Pauselijke Troon.  Dat jaar werd hij door koning Willem II benoemd tot Commandeur in de Orde van de

Nederlandse Leeuw. Hij was tevens Commandeur in de orde van Sint Gregorius. In mei 1851 was hij stichter van het R.-K. Wees- en Oude Liedenhuis te Oegstgeest.
Door zijn benoeming tot lid van de commissie die zich bezighield met de bezwaren tegen de wet op
het lager onderwijs van 1806, droeg hij bij tot het opnemen in de Grondwet van 1848 van de
vrijheid van onderwijs. Van mgr. Van Wijkerslooth is nog meer te verhalen. Zeker mag niet onvermeld blijven dat zijn geldelijke vermogen hem in staat stelde om als weldoener op te treden, ook dat hij een eminenterol vervuld heeft in het tijdperk van de emancipatie van de katholieken in ons land.


Mgr. Van Wijkerslooth was bisschop van Curium i.p.i. (in partibus infidelium, dit is: in het gebied van ongelovigen). Dit is de titulatuur van een bisschop zonder een eigen diocees. Hij was dus alleen in

naam bisschop. Als bisschop had hij een aantal taken zoals het wijden van priesters, het inwijden van kerken en het toedienen van het vormsel, wat hij maar liefst zo'n 211.000 keer heeft gedaan. Alhoewel de vrijheid van godsdienst in de Grondwet van de Bataafse Republiek in 1798 werd vastgelegd zou het niettemin tot maart 1853 duren voordat in Nederland de zogenoemde bisschoppelijke hiërarchie hersteld werd. Dit kwam om dat ons land sinds de Reformatie geen
bisdommen meer had, die toen pas hersteld zijn. Hierdoor kwam ook de emancipatie van de katholieken werkelijk op gang.

Overgenomen uit: Blijf mij nabij…, Auteur: P.M. Heijmink Liesert, archiefonderzoek, fotografie en tekstbijdrag en: Peter den Hartog, coördinatie: Co Baas. Uitgever: R.K. Heilige Michaël Schalkwijk en Tull en ‘t Waal.


Franciscus Johannes baron de Wijkerslooth de Weerdesteyn

Hij is gedoopt op 22 juli 1792 in Haarlem, Gemeente Haarlem, North Holland, Netherlands, Statie van Sint Bernard "den Hoeck".
Beroep: kamerheer i.b.d., van Koning Willem I.

Titels: Heer van Schalkwijk en Woelingen

Hij is overleden op 13 november 1864 in Brussel, Brussels Capital Region, Belgique.




Corneille Charles Auguste baron de Wijkerslooth de Weerdesteyn


Hij is geboren op 11 december 1846 in Saint-Josse-Ten-Noode, (bruxelles-Capitale), Brussels Capital Region, Belgique.
Beroep: burgemeester, Ollignies (Woelingen) (Henegouwen).

Titels: Heer van Schalkwijk en Weerdesteyn

Hij is overleden op 10 juli 1909 in Brussel, Brussels Capital Region, Belgique, hij was toen 62 jaar oud.

Jean Baptiste Louis Corneille Charles

baron de Wijkerslooth de Weerdesteyn

Jean Baptiste Louis Corneille Charles baron de Wijkerslooth de Weerdesteyn, heer van Schalkwijk en Weerdesteyn, (Woelingen, 13 september 1873 – Wassenaar, 6 mei 1936) was een Nederlands advocaat en politicus voor de Algemeene Bond van RK-kiesverenigingen.








 Karel Lodewijk Cornelis Maria Ignatius baron de Wijkerslooth de Weerdesteyn, Heer van Hindersteyn

Karel Lodewijk Cornelis Maria Ignatius baron de Wijkerslooth de Weerdesteijn, heer van Hindersteyn Geboren te Utrecht op 25 juli 1901 en overleden te Utrecht op 10 oktober 1975.

Hij was een Nederlands jurist en politicus.

Lid van de politieke partijen RKSP en NSB.

Van 1927 tot 1940 lid van Provinciale Staten van de provincie Utrecht. In 1940 Burgemeester van Hilversum
en van 1942 tot 1944 lid van de Bestuursraad van de  provincie Utrecht.

Hij was de oudste zoon van 

Jean Baptiste Louis Corneille Charles baron de Wijkerslooth de Weerdesteyn (1873-1936)
en Judith Maria Assuera Theresia Ignatia barones van Wijnbergen (1872-1940).

Henri Charles Robert Marie baron de Wijkerslooth de Weerdesteyn

Henri Charles Robert Marie baron de Wijkerslooth de Weerdesteijn (Langbroek, 14 september 1950) is een Nederlands politicus van de VVD.

De Wijkerslooth is lid van de familie De Wijkerslooth en een zoon van oud-burgemeester van Hilversum (februari 1940 tot juli 1940) mr. K.L.C.M.I. baron de Wijkerslooth de Weerdesteijn. Hij is afgestudeerd in de rechten en heeft naast meerdere functies op het ministerie van Buitenlandse Zaken een diplomatieke carrière gehad waarbij hij gewerkt heeft op Nederlandse ambassades in Marokko, Colombia, Duitsland en Kenia. In 1999 werd hij directeur van het kabinet van de gouverneur van de Nederlandse Antillen wat hij bleef tot zijn benoeming in de zomer van 2003 tot burgemeester van Waalre. Midden 2013 maakte hij bekend aan het einde van dat jaar te willen stoppen als burgemeester. Per 1 januari 2014 werd hem ontslag verleend. Vanaf 6 oktober 2017 was Henri de Wijkerslooth de Weerdesteijn ruim een jaar waarnemend burgemeester van Cranendonck.

Sinds 2005 is De Wijkerslooth lid van de Hoge Raad van Adel.


Jhr. mr. ir. Ferdinand Cornelis Karel de Wijkerslooth de Weerdesteyn, Heer van Weerdesteyn en Wulven


Hij is geboren op 14 september 1902 in Utrecht van 
beroep hoofdingenieur-directeur bij Rijkswaterstaat, in de directie van Limburg civiel ingenieur.
Hij is overleden op 18 augustus 1974 te Utrecht. Hij werd  71 jaar oud.

Ferdinand Cornelis was de tweede zoon van:

Jean Baptiste Louis Corneille Charles baron de Wijkerslooth de Weerdesteyn (1873-1936)
en Judith Maria Assuera Theresia Ignatia barones van Wijnbergen (1872-1940). 

 Jkvr. Judith Juliëtte Madeleine Sophie (Madeleen) Leyten-de Wijkerslooth de Weerdesteyn

Geboren te Zwolle op 29 september 1935 en overleden te Den Haag op 9 juni 2016.

Judith was een Nederlandse juriste, bestuurder en politica voor de Katholieke Volkspartij (KVP), tot 11 oktober 1980, en het Christen-Democratisch Appèl (CDA), vanaf 11 oktober 1980.

Madeleen Leyten-de Wijkerslooth de Weerdesteyn was lid van de familie De Wijkerslooth en werd geboren als dochter van Ferdinand de Wijkerslooth de Weerdesteyn en Renée Marie Juliëtte Madeleine Regout. Madeleen was de kleindochter van het Tweede Kamerlid Jean Baptiste Louis Corneille Charles de Wijkerslooth de Weerdesteyn. Haar grootvader van moederszijde was de Maastrichtse ondernemer Jules Joseph Hubert Regout.

In 1966 trad ze te Den Haag in het huwelijk met de arts Antonius Cornelis Marie Leyten (1931). Het echtpaar kreeg drie kinderen: een zoon en twee dochters.

Grafkapel Familie De Wijkerslooth de Weerdesteyn

R.K. Kerk Heilige Michaël

Jonkheer Ramweg 18

3998 JP Schalkwijk

Lijst van bijgezette familieleden in de grafkapel

 

1.   Cornelius Ludovicus baron de Wijkerslooth de Weerdesteyn. Geboren te Haarlem, Noord-Holland op 25 mei 1786 en overleden te Oegstgeest, Zuid-Holland, Huize Duinzigt op 10 november 1851. Bijgezet in het familiegraf op 15 november 1851. Hij werd 65 jaar oud.

2.   Jkvr. Anna Maria Catharina Ram van Schalkwijk. Gedoopt op 13 februari 1760 te Haarlem, Noord-Holland Anna Maria overlijd op 19 oktober 1828 te Haarlem, Noord-Holland. Zij werd 68 jaar oud.

3.   Franciscus Johannes baron de Wijkerslooth de Weerdesteyn. Gedoopt op 22 juli 1792 in Haarlem, Noord-Holland, Statie van Sint Bernard "den Hoeck". Hij is overleden op 13 november 1864 in Brussel, België. Hij werd 72 jaar oud.

4.   Corneille Charles Auguste baron de Wijkerslooth de Weerdesteyn. Hij is geboren op 11 december 1846 in Saint-Josse-Ten-Noode,(bruxelles-Capitale), Brussels Capital Region, Belgique. Hij is overleden op 10 juli 1909 in Brussel, Brussels Capital Region, Belgique, hij was toen 62 jaar oud.

5.   Charlotte Antoinette Amélie Zéphyrine Prinses de la Trémoïlle Et de Thouars
Zij is geboren op 8 oktober 1825 in Parijs,75000, Paris,Île-de-France, France.
Zij is overleden op 21 december 1879 in Parijs,75000, Paris,Île-de-France, France, zij werd 54 jaar oud.

6.   Jhr. Léon Eugène Marie de Wijkerslooth de Weerdesteyn
Hij is geboren op 16 mei 1850 te Saint-Josse-Ten-Noode,(Bruxelles-Capitale), Brussels Capital Region, België. Hij is overleden op 10 november 1868 te Bonn, Noordrijn Westfalen, Duitsland, hij werd 18 jaar oud. Van beroep was hij Juridisch Student.

7.   Jean Baptiste Louis Corneille Charles baron de Wijkerslooth de Weerdesteyn
Hij is geboren op 13 september 1873 te Ollignies, Province du Hainaut, Walloon Region, België.
Hij is overleden op 16 mei 1936 te Wassenaar, Zuid-Holland, hij werd toen 62 jaar oud. Beroep: lid Gedeputeerde Staten van Utrecht, lid van de Tweede Kamer der Staten-Generaal en lid van de Raad van State.

8.   Judith Maria Assuera Theresia Ignatia barones van Wijnbergen Douairière van Doctor Jean Baptiste Louis Corneille baron de Wijkerslooth de Weerdesteyn Geboren te Loenen, Gelderland op 10 april 1872 en overleden te 's-Gravenhage, Zuid-Holland op  27 februari 1940 zij werd toen 67 jaar oud.

9.   Marie Pauline de Wijkerslooth de Weerdesteyn geboren op 4 augustus 1956 en overleden op 11 augustus 1956.

10.   Jkvr. Louisa Franciska de Wijkerslooth de Weerdesteyn Zij is geboren op 19 september 1908 in Utrecht, Utrecht en overleden op 25 juni 1987 te Nijmegen, Gelderland. Zij werd 78 jaar oud.
Beroep: Sociaal werkster in Arnhem bij de Algemene Kunstzijde Unie N.V.

11.   Jhr. dr. ir. Paul Johan Cornelis de Wijkerslooth de Weerdesteyn, heer van Wulven. Hij werd geboren op 28 juli 1904 te Utrecht, Utrecht en hij is overleden op 30 augustus 1969 te Nijmegen, Gelderland, hij werd 65 jaar oud. Beroep: mijningenieur en geoloog adviseur van mijnen, Turkije Ankar en medewerker Geologisch Instituut.

12.   Jkvr. Maria Antonia de Wijkerslooth de Weerdesteyn geboren in 1906 en overleden in 1991.

13.   Elisabeth Renée Marie barones van Hövell van Wezeveld en Westerflier
Zij is geboren op 9 juli 1912 te Culemborg, Gelderland en overleden op 6 september 2009 te Langbroek, Utrecht. Zij werd toen 97 jaar oud. Zij is bijgezet op 11 september 2009.

14.   Jhr. Cornelis Antonius de Wijkerslooth de Weerdesteyn geboren in 1934 en overleden in 2004.

16.   Dr. Karel L.C.M.I. baron de Wijkerslooth de Weerdesteyn geboren in 1901 en overleden in 1975.

17.    Jhr. Ferdinand Cornelis Karel de Wijkerslooth de Weerdesteyn, heer van Weerdesteyn en Wulven. Geboren 1902 en overleden in 1974.

18.   Renée Marie Juliette Madeleine Regout geboren op 4 juli 1906 te Maastricht, Limburg en overleden op 8 janauri 2000 te 's-Gravenhage, Zuid-Holland. Zij werd 93 jaar oud.

Bron: Blijf mij nabij…, Auteur: P.M. Heijmink Liesert, archiefonderzoek, fotografie en tekstbijdrag en: Peter den Hartog, coördinatie: Co Baas. Uitgever: R.K. Heilige Michaël Schalkwijk en Tull en ‘t Waal.

19.   Jhr. ir. Franciscus (Frans) Johannes de Wijkerslooth de Weerdesteyn, heer van Wulven Hij werd geboren op 11 augustus 1938 te 's-Gravenhage, Zuid-Holland en overleed op zondag 28 april 2019 te Tervuren, België. Hij werd 80 jaar oud. Frans was de echtgenoot van Maria Ruphine Theodora Vos de Wael. Op zaterdag 4 mei 2019 in de ochtend vanaf 11:00 werd hij bijgezet in Schalkwijk in de familie grafkapel.

Grafkapel van de familie
De Wijkerslooth de Weerdesteyn in 1864

Vanaf 18 Juli 1861 vonden er onderhandelingen plaats over kwijtschelding van de retributiegelden

van f 8,= per jaar, en voor meer grond rond de oude graftombe vanwege de slechte afwatering. Op 23 augustus werd met goedvinden van de aartsbisschop het voorstel gedaan om bij de huidige
graftombe grond af te staan ter grootte van de helft van de huidige tombe, en de retributiegelden af te kopen met f 400,-. Op 28 oktober 1861 is door de pastoor de rekening van 6 verschuldigde of achterstallige retributieën ad f 48,= aan de heer Kronenburg ter hand gesteld.

Den 4 Meij 1862 is de baron met Kronenburg aan de pastorie gekomen om te praten over de graftombe. Zijne Edelen heeft op raad van den pastoor goedgevonden den bestaande graftombe af te breken en eenen geheel nieuwen grafkelder in drie verdeelingen in eenen gewone steen in de breedte van de kelder op te bouwen op voorwaarde dat daarbij de symmetrie van het kerkhof onderhouden wordt. De baron gaf verder te kennen om een doelmatig monument boven den kelder te plaatsen. De 19 Juni 1862 is architect Van den Brink de situatie op kom en nem en en is tot de conclusie gekomen dat er meer grond genomen moest worden van het kerkhof dan het Kerkbestuur heeft willen afstaan.

De 13e Juli daaropvolgend heeft het bestuur verklaard, niet te kunnen besluiten tot afstand van een groter gedeelte gronds als tot nu toe bepaald is, tenzij de Edel Geboren baron zou willen voorzien in de vergrooting van het kerkhof.

De onderhandelingen monnden uiteindelijk uit in een overeenkomst, die het kerkbestuur sloot op 5 augustus 1863 met Evert Kronenburg, zaakgelastigde van Franciscus Joannes baron Van Wijkerslooth de Weerdesteyn, heer van Schalkwijk en Ollignies (1792 - 1864). Het contract behelsde de bouw van een familiekapel, met daaronder grafkelders, en de verkoop van een gedeelte van de begraafplaats voor twaalfhonderd gulden aan de baron.

De nieuwe grafkapel is berekend op 48 vierkante meter. Het perceel grond dat verkocht werd,had uiteindelijk een grootte van 56 vierkante meter 42. Deze kapel liet de baron in 1864 bouwen ter nagedachtenis aan zijn broer Cornelius Ludovicus baron Van Wijkerslooth de Weerdesteyn, bisschop van Curium. In de onderhandelingen tijdens de vergadering van 4 mei 1862 werd door het kerkbestuur als voorwaarde gesteld dat de symmetrie van de begraafplaats behouden moest blijven. Daardoor kwam de nieuwe kapel (evenals dat met de eerdere graftombe het geval was) opnieuw in de middellijn van de begraafplaats te liggen. Ook had dit zijn weerslag op de vorm van de kapel, die gebouwd werd als een kruis met vier gelijke armen, dus in de vorm van een Grieks kruis. Bovendien wenste de familie De Wijkerslooth maar al te graag dat de nieuwe grafkelders met de kapel, net als de eerdere graftombe, zo ver mogelijk tegen de achterzijde (dus aan de noordoostzijde) van de begraafplaats zou komen.

Om dat de ingang van de grafkelder aan de achterzijde lag, moest daarvoor ongeveer drie meter vrijgehouden worden van de achterliggende muur. Deze grafkapel werd zodoende gebouwd op het gedeelte van de begraafplaats, dat in 1849 in gebruik genomen was. Eén van de voorwaarden in de overeenkomst van de nieuwe kapel was, dat het kerkbestuur ter plaatse van de nieuwe kelder en rondom de oude graftombe de grond van de daarin liggende kisten en lijken zal ontdoen. Tevens werd bedongen dat de oude grafkapel, waarvoor jaarlijks acht gulden retributiegeld betaald werd, afgebroken moest worden. Ook moest de retributie ten eeuwigen dage worden kwijtgescholden.

Door de rastertekening van 1864 en de aantekeningen in het Doodboek te combineren met de plaats waar de nieuwe grafkapel zou komen, blijkt dat het kerkbestuur minimaal 60 graven heeft moeten laten ruimen om de ruimte voor de nieuwe kapel vrij te maken, Ook is af te leiden waar de eerste graftombe ongeveer moet hebben gestaan: dit was, net als de nieuwe grafkapel, in de centrale as van het toen 20 meter brede kerkhof.

Vergelijking met de kadastrale kaart van 1832 geeft bovendien aan dat de tombe op 2 tot 3 meter afstand heeft gestaan van de achterzijde van het kerkhof (mits de kadastrale opmetingen in Schalkwijk goed zijn afgehandeld). Baron Franciscus loannes Van Wijkerslooth de Weerdesteyn is op 14 november 1864 overleden en werd drie dagen na diens overlijden bijgezet in de kelder van de grafkapel, (afb.19) Hij is als eerste bijgezet in deze grafkapel. Dat betekent dat de kapel niet lang daarvoor moet zijn opgeleverd.

Direct de dag daarna zijn namelijk ook Cornelius Ludovicus baron De Wijkerslooth (1786-1851), meer bekend als de bisschop van Curium, en zijn moeder Anna Catharina Maria barones Ram van Schalkwijk (1760-1828), douairière (weduwe) van Henricus Jacobus baron Van Wijkerslooth de Weerdesteyn overgebracht van de oude graftombe naar de nieuwe graf kelder. Daarna kon met de afbraak van de oude graftombe worden begonnen. Nadat de koopovereenkomst op 5 augustus 1863 gesloten was, werd de betreffende grond echter niet notarieel aan F.J. baron De Wijkerslooth de Weerdesteyn overgedragen. 

Dit bleek pas in 1982. Noch uit het archief van de parochie, noch uit het archief van de familie is toen duidelijk geworden waarom in het verleden de grond niet was overgedragen. Waarschijnlijk werd de grond niet overgedragen omdat baron De Wijkerslooth reeds overleden was. Om toch alsnog het nodige te regelen, werd ten overstaan van notaris F.M.J. Hermans, kantoorhoudend te Utrecht, met de intussen opgerichte Stichting Grafkapel Familie De Wijkerslooth de Weerdesteyn een zakelijk recht gevestigd in de vorm van een recht van opstal, waardoor de betreffende grond alsnog werd overgedragen.
H.J. van den Brink (1816-1883) uit Rotterdam kis de architect van deze neogotische kapel. In
1864 is de bouw van de kapel uitgevoerd door aannemer F. de Graaf uit Alkmaar.




De kapel bestaat uit één bouwlaag en heeft als plattegrond een Grieks kruis. Dit bouwwerk is opgetrokken in grauwe baksteen en heeft hard- en zandstenen lijsten met decoraties. Achter de uitkragende topgevels zijn de zadeldaken haaks op elkaar gekomen. Die daken werden met schubvormige leien gedekt. De voorste topgevel wordt bekroond met een hardstenen kruis. De andere drie topgevels, met spitsboogvensters in glas-in-lood, worden bekroond door een kruisbloem. De schuin tegen de hoeken van de gevels geplaatste en gelede (inspringende) steunberen geven de kapel een forse indruk. Het maaswerk in de drie spitsboogvensters bestaat uit drie- en vierpas-
motieven.

Het boogveld boven de dubbele toegangsdeuren heeft in reliëf twee klimmende leeuwen. Deze dragen de familiewapens van de opdrachtgever en van zijn eega. Links is het wapen van Franciscus Joannes baron Van Wijkerslooth de Weerdesteyn (1792-1864) en rechts dat van zijn echtgenote
Charlotte Antoinette Amélie Zéphirine princesse de la Tremouille et de Thouars (1825-1879). Boven deze familiewapens is een natuurstenen gedenkplaat aangebracht in de vorm van een driepas, met als inscriptie:

Grafstede der familie van Wijkerslooth van Weerdesteyn & Schalkwijk

Het gepleisterde interieur van deze grafkapel
wordt overkluisd door kruisribgewelven, waarvan de ribben

ontspringen aan de kapitelen van de gestucte halfzuilen tegen de gevels. Veel kleurige tegels met in hoofdzaak Franse lelies bedekken de vloer. Onder het venster in de noordoostelijke kruisarm staat een zandstenen
altaar met in goud geschilderd de Alpha en de Omega. De in 1883 door Jean-Baptiste Capronnier (1814-1891) uit Brussel gemaakte gebrandschilderde glas-in-lood ramen hebben als onderwerp (midden) de verrijzenis van Christus, (links) de opwekking van de dochter
van Iaïrus en (rechts) de opwekking van Lazarus. In de zuidoostelijke kruisarm staan twee witmarmeren beelden, vervaardigd in 1857 en 1861 door Jos Tuerlincx. Zij stellen de H. Anna en de H. Cornelius voor. In de buitengevel aan de achterzijde van de
kapel zit in het metselwerk boven het raam een hardstenen kruis. Onder dit raam ligt de toegang naar de grafkelder, die onder de kapel ligt.

Deze is alleen te bereiken via een trap. In 2004 werden de leien en het loodwerk van de kapel vernieuwd. De verdere restauratie is in 2009-2010 in fasen uitgevoerd door de Firma's Luigjes te Amersfoort en Van der Burgt te Soest. Fase één omvatte in de eerste helft van 2009 de
gebrandschilderde ramen in de gevels aan de zuidoost- en zuidwestzijde. Fase twee betrof in de tweede helft van 2009 het gebrandschilderde raam in de noordoostgevel. De derde fase gold de restauratie van het exterieur en van het interieur, waarbij de muren geïmpregneerd werden
met een vochtafstotend middel. Niet onvermeld mag blijven dat deze grafkapel een Rijksmonument is en tot de top van de Nederlandse grafcultuur behoort.



Overgenomen uit: Blijf mij nabij…, Auteur: P.M. Heijmink Liesert, archiefonderzoek, fotografie en tekstbijdrag en: Peter den Hartog, coördinatie: Co Baas. Uitgever: R.K. Heilige Michaël Schalkwijk en Tull en ‘t Waal.

Fotogalerij van vroegere eigendommen van familie De Wijkerslooth de Weerdesteyn in Wulven