Stichting Houtense Hodoniemen

Onderzoekt straatnamen, boerderijen, onroerend goed en adellijke families in Houten en omgeving

Familie Bosch van Drakestein (Van Nieuw-Amelisweerd)

Familiewapen Bosch van Drakestein. Bron: Wikipedia.Familiewapen Bosch van Drakestein. Bron: Wikipedia.

 

Naambetekenis

Het originele wapen van familie Bosch van Drakestein in zwart-wit. De wapenspreuk van de familie is 'Virtute et Labore', dat is het Latijns voor 'door deugd en arbeid'. Bron: Het Utrechts Archief 635 39.Het originele wapen van familie Bosch van Drakestein in zwart-wit. De wapenspreuk van de familie is 'Virtute et Labore', dat is het Latijns voor 'door deugd en arbeid'. Bron: Het Utrechts Archief 635 39.

Bos(ch) met bomen begroeid terrein; = woud.

Bron: VanDale.nl.

Bos(ch) een bundel, woud. In het Middelnederlands: busch, busk. In het Middeleeuws Latijns Bocus en de Romeinse vormen als Frans bois stammen uit het Germaans van een indogermaans basis  met de betekenis ‘zwellen’, waarvan ook het woord ‘boos’ komt. 

Bron: ETYMOLOGISCH WOORDENBOEK, Van Dale, 1993.

Drakensteyn (ook wel Drakestein, Drakenstein of Drakensteijn) is een kasteel en landgoed gelegen nabij Lage Vuursche, in de gemeente Baarn.

De oude geschiedenis van Drakensteyn is nauw Fverbonden met die van ridderhofstad Drakenburg bij Baarn, die in de negentiende eeuw is afgebroken. In 1360 is voor het eerst geschreven over een hofstede Drakesteyn, die in 1385 aan Frederik van Drakenburg werd beleend.


In 1634 werd Ernst van Reede de eigenaar van hofstede Drakensteyn. Zijn zoon Gerard liet in 1640 een nieuw, volledig symmetrisch achthoekig huis bouwen, mogelijk naar een ontwerp van Jacob van Campen. 


Detail van een kaart uit 1619, opgemaakt in het kader van een grenscorrectie tussen Holland en Utrecht, met de ronde heuvel die als grensmarkering diende. Rechts daarvan de toendertijd als boerderij gebruikte 'Waraers hofste'. Het huis Drakestein en het dorp Lage Vuursche moesten nog worden gebouwd. Bron: Nationaal Archief te Den Haag, VTH, 2583 (detail).Detail van een kaart uit 1619, opgemaakt in het kader van een grenscorrectie tussen Holland en Utrecht, met de ronde heuvel die als grensmarkering diende. Rechts daarvan de toendertijd als boerderij gebruikte 'Waraers hofste'. Het huis Drakestein en het dorp Lage Vuursche moesten nog worden gebouwd. Bron: Nationaal Archief te Den Haag, VTH, 2583 (detail).


Het huis werd erkend als ridderhofstad en Gerard werd ridder. In die dagen werd ook het dorp Lage Vuursche gebouwd. Ridder Gerard liet een kerk bouwen met een pastorie, een school, een molen en een herberg.


Kasteel Drakestein in 1959, gelegen in de Lage Vuursche. Bron: Beeldbank Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed en Wikipedia.nl (Drakestein).Kasteel Drakestein in 1959, gelegen in de Lage Vuursche. Bron: Beeldbank Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed en Wikipedia.nl (Drakestein).


Een draak is een groot mythisch wezen met een slangachtig of anderszins reptielachtig lichaam. De draak speelt wereldwijd een rol in mythologieën. Het geloof in deze wezens ontstond mogelijk door de geringe kennis, die oude culturen bezaten van de gigantische, prehistorische, 'draakachtige' reptielen. Het woord "draak" is afgeleid van het Griekse δράκων (drakōn), waarmee oorspronkelijk elk soort serpent werd aangeduid. Welke vorm de draak in de mythologie later ook aannam, hij bleef in essentie een slang.

Bron: Wikipedia.nl (Drakestein).

Draak (fabelachtig monster) Middelnederlands: drake. Latijns: draco wat de betekenis heeft slang of draak. Een slang wordt in het Nieuwe Testament beschreven als ‘van de duivel’, wat ook een veldteken is. Het woord slang is verwant met het Grieks: derkomai (aoristus edrakon) wat de betekenis heeft van ‘ik kijk, ik straal uit’.


Friedrich Johann Justin Bertuch Mitische, culturele draak uit 1806. Bron: Wikipedia Draak.Friedrich Johann Justin Bertuch Mitische, culturele draak uit 1806. Bron: Wikipedia Draak.


Een ander woord uit het Grieks hopodra, wat de betekenis heeft ‘van onder de wenkbrauwen uitkijkend’. Daar lijkt een element van ‘biologeren’ in die twee betekenis te zitten. Van de woorden derkomai (aoristus edrakon en hopodra). Bron: ETYMOLOGISCH WOORDENBOEK, Van Dale, 1993.

Wist je dat

de naam 'De Vuursche' de oud Nederlandse toponymische betekenis is van 

Vestigingsplaats bij de pijnbomen/pijnbomenbos en

de naam Baarn de oud Nederlandse toponymische betekenis is van 

Vestigingsplaats bij de bron


Pinus sylvestris Glenmuick (Pijnboom). Bron: Creative Commons Attribution-Share Alike 2.0 Generic license. https://commons.wikimedia.org/.Pinus sylvestris Glenmuick (Pijnboom). Bron: Creative Commons Attribution-Share Alike 2.0 Generic license. https://commons.wikimedia.org/.

 

Het Wapen van De Vuursche

Het wapen van De Vuursche is officieel nooit aan de Utrechtse gemeente De Vuursche toegekend. De gemeente maakte gebruik van het wapen van de ambachtsheerlijkheid De Vuursche, welke wel werd bevestigd door de Hoge Raad van Adel op donderdag 25 juli 1822. Het wapen bleef in gebruik tot De Vuursche op 8 september 1857 opging in de gemeente Baarn.


Wapen van De Vuursche. Bron: Wikipedia Wapen De Vuursche.Wapen van De Vuursche. Bron: Wikipedia Wapen De Vuursche.


Wapen van De Vuursche. Bron: Wikipedia Wapen De Vuursche.Wapen van De Vuursche. Bron: Wikipedia Wapen De Vuursche.



De gouden draak bovenop de Drakesteinfontein tegenover het station van 's-Hertogenbosch. Geschonken door Jhr. Paulus Jan Bosch van Drakestein. Bron: Wikipedia.De gouden draak bovenop de Drakesteinfontein tegenover het station van 's-Hertogenbosch. Geschonken door Jhr. Paulus Jan Bosch van Drakestein. Bron: Wikipedia.

Blazoenering

De blazoenering van het wapen luidde als volgt:

"Van lazuur, beladen met een St. Jansbeeld met het lam, staande op een terras, alles van goud."
De heraldische kleuren zijn lazuur (blauw) en goud (goud of geel).

Het lam links naast Johannes de Doper is het Lams Gods. Jezus stelt de neef van Johannes voor. In de bijbel wordt Jezus van Nazareth ook wel als beeltenis voorgesteld als het Lam Gods, dat geofferd wordt aan zijn vader. Als voorstelling voor het sterven aan het kruis vlak voor Pasen voor de zonde en vergeving aan alle mensen op aarde.

Verklaring

Op de site Nederlandse Gemeentewapens wordt geen verklaring gegeven. Maar de heerlijkheid De Vuursche was sinds 1085 in het bezit van de Utrechtse kapittel van Sint Jan. 

Gezicht op het dorp Lage Vuursche in het jaar 1731. Naar een tekening van L.P. Serrurier. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 200909.Gezicht op het dorp Lage Vuursche in het jaar 1731. Naar een tekening van L.P. Serrurier. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 200909.

Van 1085 tot het jaar 1580 (de tijd van de reformatie) was de heerlijkheid De Vuursche van het kapittel van St. Jan. De periode voor de reformatie was de heerlijkheid nog in het bezit gekomen van Sint Servaasabdij van Cistercienzerinnen Vrouwenklooster te Utrecht.

In 1780 wist Coert Simon Sander De Vuursche en Drakestein  in vrij eigendom te verkrijgen met toestemming van het Ridderschap van Utrecht van de St. Servaas abdij (Vrouwenklooster) te Utrecht.

Coert Simon Sander, waar geen portret van bekend is, kocht de heerlijkheid De Vuursche en kasteel Drakestein aan op vrijdag 19 november 1779 aan ten overstaan van de Utrechtse notaris Nico Buddingh. Die tevens schout in De Vuursche was.. Hierin was de erfpacht canon van het Vrouwenklooster meegenomen.

Een erfpacht canon was een weder helft bezit van Coert en het Sint Servaasabdij van Cistercienzerinnen Vrouwenklooster. Als men niet meer aan de erfpacht canon kon voldoen qua betaling, dan verviel het eigendom (vast- onroerend goed of ambachtsheerlijkheid) terug aan het Vrouwenklooster.


Gezicht op de herberg te Lage Vuursche, met rechts een doorrijschuur in het jaar 1731. Naar een terkening van L.P. Serrurier. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 200908.Gezicht op de herberg te Lage Vuursche, met rechts een doorrijschuur in het jaar 1731. Naar een terkening van L.P. Serrurier. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 200908.


Coert Simon Sander (1753-1805) was gehuwd met Maria Sara Johanna van Wesel. Sander had samen met haar uit dit huwelijk twee kinderen gekregen zoon Hendrik Coenraad Leonard Sander (+/-1791-1858) en dochter Geradina Gualtera Sara Maria Sander (+/-1793-1863). Sander overlijd op 2 maart 1805 op zijn kasteel Drakestein in De Vuursche.



Hierop verkopen de erfgename de ambachtsheerlijkheid en het kasteel via schout van De Vuursche en notaris te Utrecht Nico Wilhelmus Buddingh die de heerlijkheid al ruim 30 jaar eerder verkocht aan Simon Sander. Bij openbare veiling in de zomer van 1805 verkoopt Nico het kasteel en de heerlijkheid aan buurman en goede vriend Paulus Wilhelmus Bosch van Drakestein.

Wapen van Kasteel Drakestein vastgesteld door de Hoge Raad van Adel op donderdag 25 juli 1822. Na diverse briefwisselingen met de raad van Adel afkomstig van Paul Bosch op de datums: 22 maart 1815, 7 november 1820 en 13 juni 1822 kreeg Paul Bosch van Drakestein wat hij hebben wilde een wapen voor zijn kasteel Drakestein. Beschrijving wapen: Wapen van Kasteel Drakestein vastgesteld door de Hoge Raad van Adel op donderdag 25 juli 1822. Na diverse briefwisselingen met de raad van Adel afkomstig van Paul Bosch op de datums: 22 maart 1815, 7 november 1820 en 13 juni 1822 kreeg Paul Bosch van Drakestein wat hij hebben wilde een wapen voor zijn kasteel Drakestein. Beschrijving wapen: "Gedwarsbalkt van goud en rood van acht stukken, de roode balken beladen met daar 4, 3, en en 1 St. Andrieskruis van zilver". Wapen: Wikipedia.



De advertentie uit de Amsterdamsche Courant van dinsdag 18 juni 1805 met daarin gemeld de veiling door de Utrechtse notaris Nicolaas Wilhelmus Buddingh op woensdag 7 augustus 1805. Bron: Delpher.nl.De advertentie uit de Amsterdamsche Courant van dinsdag 18 juni 1805 met daarin gemeld de veiling door de Utrechtse notaris Nicolaas Wilhelmus Buddingh op woensdag 7 augustus 1805. Bron: Delpher.nl.


Pas in 1806 wordt Paul echt de eigenaar van de De Vuursche en Kasteel Drakestein. Dit gebeurt als de memories van successie van de vorige eigenaar Coert Simon Sander en zijn erfgenamen voor het Hof van Utrecht zijn bekrachtigd.


In de Haagse Courant van vrijdag 10 juli 1807 beschrijft een journalist van die krant de naam van Paul als Paulus Bosch van Drakestein. Bron: Delpher.nl.In de Haagse Courant van vrijdag 10 juli 1807 beschrijft een journalist van die krant de naam van Paul als Paulus Bosch van Drakestein. Bron: Delpher.nl.


In het jaar 1807 ruim twee jaar na Pauls aankoop van Kasteel Drakestein en De Vuursche legt hij bij buurman Nico Buddingh diverse tiende, pachten en huren vast met andere bewoners en grondbezitters in De Vuursche. Hierin gebruikt Paul Bosch nog altijd niet in zijn handtekening gebruik de naam Bosch van Drakestein. Buddingh gebruikt in zijn akten wel al de termen dat Paul Bosch Heer van Drakestein en Heer van De Vuursche is.


Het tweede gevonden krantenartikel van zaterdag 29 augustus 1807 waarin een journalist van de Rotterdamse Courant Paul Bosch beschrijft als Paulus Bosch van Drakestein. Bron: Delpher.nl.Het tweede gevonden krantenartikel van zaterdag 29 augustus 1807 waarin een journalist van de Rotterdamse Courant Paul Bosch beschrijft als Paulus Bosch van Drakestein. Bron: Delpher.nl.


In de jaren 1807 tot 1810 had Paul Bosch een inhoudelijk conflict met een grondbezitter wonende in De Vuursche. Die bewoner genaamd Jacob Staal beweerde over zijn 2,5 morgen land geen tiende te willen betalen. Staal beweerde nog 'nooit gehoord' te hebben van dat hij over zijn 2,5 morgen land tiend moest betalen. Zoals Staal gewend was van vroegere eigenaar van De Vuursche Coert Simon Sander die op dat stuk land geen tiende hief.


Op 14, 15 en 16 augustus 1805 zou een boedelverkoop zijn uit kasteel Drakestein behorend bij de toenmalige eigenaar van het kasteel Coert Simon Sander. Bron: Delpher.nl.Op 14, 15 en 16 augustus 1805 zou een boedelverkoop zijn uit kasteel Drakestein behorend bij de toenmalige eigenaar van het kasteel Coert Simon Sander. Bron: Delpher.nl.

 

De officiële aankoop akte van Paul Bosch van kasteel Drakestein en ambachtsheerlijkheid De Vuursche bij het officiële transport van de nazaten van Coert Simon Sander aan Paul Bosch op dinsdag 6 maart 1806. Bron: Het Utrechts Archief, 635, 2, 573.De officiële aankoop akte van Paul Bosch van kasteel Drakestein en ambachtsheerlijkheid De Vuursche bij het officiële transport van de nazaten van Coert Simon Sander aan Paul Bosch op dinsdag 6 maart 1806. Bron: Het Utrechts Archief, 635, 2, 573.


Bij twee andere kleine land eigenaren gaat een medewerker van het Hof van Utrecht Jan Both Hendriksen te rade die wel beweren altijd tiende over hun land betaald hebben aan de vroegere ambachtsheerlijkeseigenaar. Eind van het jaar 1810 leggen Paul en Staal bij notariële akte vast af te zien van een inhoudelijke rechtszaak. In het nadeel van Jacob Staal. Staal zal van een rechtszaak hebben afgezien omdat hij kort aan het einde van het jaar al overleed.


Op dinsdag 26 november 1805 werden uit de bossen van De Vuursche diverse zware bomen geveild voor werk- of brandhout. Bron: Delpher.nl.Op dinsdag 26 november 1805 werden uit de bossen van De Vuursche diverse zware bomen geveild voor werk- of brandhout. Bron: Delpher.nl.


Na vele tijd van onderzoek door stichting is ons wel duidelijk dat Paul Bosch de eerste jaren na zijn aankoop van Kasteel Drakestein en ambachtsheerlijkheid De Vuursche nog vele formele zaken afgerond wilde hebben voordat hij Van Drakestein achter zijn achternaam Bosch zou gaan zetten.


De officiële aankoopakte (voorkant) door Paul Bosch van kasteel Drakestein en ambachtsheerlijkheid De Vuursche bij het officiële transport van de nazaten van Coert Simon Sander aan Paul Bosch op dinsdag 6 maart 1806. Bron: Het Utrechts Archief, 635, 2, 574.De officiële aankoopakte (voorkant) door Paul Bosch van kasteel Drakestein en ambachtsheerlijkheid De Vuursche bij het officiële transport van de nazaten van Coert Simon Sander aan Paul Bosch op dinsdag 6 maart 1806. Bron: Het Utrechts Archief, 635, 2, 574.


Na het tekenen van de papieren bij Jan Both Hendriksen is zijn handtekening nog steeds P.W. Bosch. Vanaf 1 januari 1811 werd in de Nederlanden in die tijd een provincie onderdeel van de Franse Staat onder Keizer Napoleon de Burgerlijke Stand ingevoerd. Voortaan zou de bevolkings boekhouding via de overheid worden bijgehouden en niet via kerkelijk wegen. Kerk en Staat werden vanaf die tijd ook gescheiden. Op zaterdag 22 februari 1812 kwam Paul Bosch weer bij Buddings voor het ondertekenen van de zoveelste huur en pachtovereenkomst voor een hofstede genaamd Paddenburg die hij bezat in Baambrugge in de gemeente De Ronde Venen. Gelegen in het noordwesten van de provincie Utrecht. Bij dat moment is tot zover bekend dat Paul Bosch voor het eerst zijn handtekening zet met P.W. Bosch van Drakestein.


Handtekening van Paul Bosch als P.W. Bosch van Drakestein op zaterdag 22 februari 1811 ten overstaan van de Utrecht notaris N.W. Buddingh. Bron: Het Utrechts Archief, 34-4, U272C042 22-02-1811 nr. 104.Handtekening van Paul Bosch als P.W. Bosch van Drakestein op zaterdag 22 februari 1811 ten overstaan van de Utrecht notaris N.W. Buddingh. Bron: Het Utrechts Archief, 34-4, U272C042 22-02-1811 nr. 104.


Zoals eerder beschreven het formeel afronden van zakelijke belangen in De Vuursche, het juridische conflict met Jacob Staal uit De Vuursche, het burgemeesterschap (Maire) wat Paul pretendeerde in Utrecht en de invoering van de Burgerlijke Stand in het jaar 1811. Maakte dat Paul zich vanaf 1811 in zijn zakelijke ondertekeningen Paul Bosch van Drakestein ging noemen. Bij een burgemeesterschap van 1812 en 1813 moest een maire natuurlijke ook nog een goede achternaam hebben. Een met status uiteraard. En bij de het aangeven van je achternaam in 1811 voor de invoering van de Burgerlijke Stand was het natuurlijk ook mooi meegenomen dat je je achternaam ander kon laten inschrijven naar het bezit wat je toen had. Plus het feit dat je toekomstige familieleden altijd de achternaam beleven behouden van een vroeger stamvaderlijk bezit.

Bron: Het Utrechts Archief, 239-1, 252-449.

Heden 2020 alleen nog de Nieuw-Amelisweerd, De Vuursche en de Heeckeren (Goor, Prov. Gelderland) tak die nog hun achternaam Bosch van Drakestein hebben behouden.


Krantenbericht uit de Oprechte Haarlemsche Courant van donderdag 13 juni 1811 waarin de naam van Paul Bosch van Drakestein wordt vermeld. Bron: Delpher.nl.Krantenbericht uit de Oprechte Haarlemsche Courant van donderdag 13 juni 1811 waarin de naam van Paul Bosch van Drakestein wordt vermeld. Bron: Delpher.nl.


Bericht van de Maire (burgemeester in Franse Tijd in Utrecht) Bosch van Drakestein van vrijdag 8 juli 1812. Bron: Delpher.nl.Bericht van de Maire (burgemeester in Franse Tijd in Utrecht) Bosch van Drakestein van vrijdag 8 juli 1812. Bron: Delpher.nl.



Paulus Wilhelmus Bosch, die zich vanaf dat moment Bosch van Drakestein ging noemen was een vervend liefhebber van het opkopen van vroegere vast- en onroerende goederen van het kapittel van St. Jan. Hij woonde namelijk ook aan het Janskerkhof 17 in de binnenstad van Utrecht. Dit is de plek waar tot de zestiende eeuw de kanunniken van het kapittel zetelde in de Janskerk, die er thans nog staat.


Bericht van de Maire (burgemeester in Franse Tijd in Utrecht) Bosch van Drakestein van maandag 10 augustus 1812. Bron: Delpher.nl.Bericht van de Maire (burgemeester in Franse Tijd in Utrecht) Bosch van Drakestein van maandag 10 augustus 1812. Bron: Delpher.nl.


Paul zal zeker door zijn vriend Nico Buddingh zijn aangespoord om De Vuursche en Drakestein te kopen. Nico was overigens schout en gadermeester (belastinginner) van De Vuursche.

Nico en Paul zullen hierin een prettige samenwerking hebben gehad in het beheer van De Vuursche en kasteel Drakestein.


Kasteel en landgoed Drakestein vanuit de lucht gezien in 1995. Bron: Provincie Utrecht, Henk Bol.Kasteel en landgoed Drakestein vanuit de lucht gezien in 1995. Bron: Provincie Utrecht, Henk Bol.

 

De Vuursche

(heerlijkheid en gemeente) 

De Vuursche is een Nederlandse plaats in de gemeente Baarn in de provincie Utrecht. De Vuursche ligt in de Laagte van Pijnenburg, een laag deel van de Utrechtse Heuvelrug, dat het Utrechtse deel van de heuvelrug scheidt van Het Gooi.

Tot 1857 was De Vuursche een zelfstandige gemeente, die bestond uit het dorp Lage Vuursche en de buurtschap Hooge Vuursche en grensde aan Hilversum, Baarn en Soest.

 

Aankoop van de ambachtsheerlijkheid De Vuursche en Kasteel Drakestein door Paulus Wilhelmus Bosch van Drakestein op 07-08-1805.Aankoop van de ambachtsheerlijkheid De Vuursche en Kasteel Drakestein door Paulus Wilhelmus Bosch van Drakestein op 07-08-1805.


De heerlijkheid De Vuursche 

Kadasterkaart van het gedeelte Lage Vuursche in 1832. Bron: Rijkdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) te Amersfoort.Kadasterkaart van het gedeelte Lage Vuursche in 1832. Bron: Rijkdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) te Amersfoort.
Volgens Blijdenstijn is 'De Vuursche' een negende-eeuws toponiem, dat verwijst naar de gaspeldoorn (Ulex europaeus). Deze naam en tal van andere op en bij de Utrechtse Heuvelrug, bewijzen dat het gebied in die tijd nog geheel bebost moet zijn geweest.

De kelder van kasteel Drakestein in 1959. Bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) te Amersfoort, beeldbank.De kelder van kasteel Drakestein in 1959. Bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) te Amersfoort, beeldbank.


De Dorpsstraat in Lage Vuursche in 1959. Bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) te Amersfoort, beeldbank.De Dorpsstraat in Lage Vuursche in 1959. Bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) te Amersfoort, beeldbank.



De Vuursche was aanvankelijk een ambachtsheerlijkheid. Sinds 1085 behoorden de heerlijke rechten van De Vuursche aan het Utrechtse kapittel van Sint Jan. Later was de heerlijkheid De Vuursche in het bezit van de familie Bosch, tevens eigenaresse van kasteel Drakensteyn, die weer nauw verbonden is met die van ridderhofstad Drakenburg. De familie Bosch van Drakestein verkocht heerlijkheid en kasteel aan prinses Beatrix der Nederlanden.

Het belang van De Vuursche school in de venen, waar turf gestoken werd.

 

Gemeente De Vuursche

Trappenhuis van kasteel Drakestein in 1959. Bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) te Amersfoort, beeldbank.Trappenhuis van kasteel Drakestein in 1959. Bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) te Amersfoort, beeldbank.


De zolder van kasteel Drakestein 1959. Bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) te Amersfoort, beeldbank.De zolder van kasteel Drakestein 1959. Bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) te Amersfoort, beeldbank.



De gemeente De Vuursche ontstond in 1798, nadat in de Bataafse revolutie naar Frans voorbeeld in Nederlandse gemeenten werden ingesteld.


In de napoleontische tijd werd de gemeente De Vuursche korte tijd ingelijfd bij de gemeente Baarn. Die periode eindigde weer in 1813.

Op 25 juli 1822 werd aan de ambachtsheerlijkheid een wapen verleend. Dit werd tevens het gemeentewapen tot 1857.

In 1840 telde De Vuursche 19 huizen en 243 inwoners, waarvan 190 in Lage Vuursche en 53 in Hooge Vuursche. De oppervlakte bedroeg 880 ha..

Het linker koetshuis (Slotlaan 8) op het terrein van kasteel Drakestein in 1959. Bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) te Amersfoort, beeldbank.Het linker koetshuis (Slotlaan 8) op het terrein van kasteel Drakestein in 1959. Bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) te Amersfoort, beeldbank.


Kasteel Drakestein met links en rechts de koetshuizen gezien vanuit het westen in 1959. Bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) te Amersfoort, beeldbank.Kasteel Drakestein met links en rechts de koetshuizen gezien vanuit het westen in 1959. Bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) te Amersfoort, beeldbank.


Kasteel Drakestein vanuit het zuidwesten gezien op het terrein zelf in 1959. Bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) te Amersfoort, beeldbank.Kasteel Drakestein vanuit het zuidwesten gezien op het terrein zelf in 1959. Bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) te Amersfoort, beeldbank.


 

De Vuursche deel van de gemeente Baarn

Kadaster Minuutkaart uit oktober 1832 van de Lage Vuursche met het dorp De Vuursche en Kasteel Drakestein. Bron: Het Utrechts Archief, 8001 202-2.Kadaster Minuutkaart uit oktober 1832 van de Lage Vuursche met het dorp De Vuursche en Kasteel Drakestein. Bron: Het Utrechts Archief, 8001 202-2.


Het geringe aantal inwoners, met heel weinig kiesgerechtigden, was de doorslaggevende reden voor de samenvoeging met Baarn in het begin van de tweede helft van de negentiende eeuw. De Gemeentewet van Thorbecke van 1851 was de aanleiding. Het minimum aantal kiesgerechtigden om als gemeente zelfstandig te blijven was 25. De Vuursche had er maar 10. De gemeente Baarn zag op tegen de kosten van onderhoud van de kerk, de toren en de begraafplaats, maar nadat Gedeputeerde Staten hadden besloten, dat De Vuursche zijn eigen toren en kerkhof zou blijven onderhouden, was dit bezwaar van Baarnse zijde van de baan.


Gezicht op de voorgevel van kasteel Drakenstein met omringend groen te Lage Vuursche (gemeente Baarn) uit het westen in 1865. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 602786.Gezicht op de voorgevel van kasteel Drakenstein met omringend groen te Lage Vuursche (gemeente Baarn) uit het westen in 1865. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 602786.


De samenvoeging van de gemeenten De Vuursche en Baarn vond plaats in 1857. Een wetsvoorstel van die strekking was door de Tweede Kamer met een grote meerderheid, en door de Eerste Kamer met algemene stemmen, aangenomen. De beslissing werd gepubliceerd in het Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden van 13 juni 1857. Daarin is opgenomen de tekst van de wet die door Koning Willem III was uitgevaardigd. In artikel 1 werd bepaald: “De gemeenten Baarn en De Vuursche worden vereenigd” en in artikel 2 werd aangekondigd: “De vereenigde gemeente draagt den naam van Baarn”. In artikel 8 staat: “De wet is verbindend met den dag harer afkondiging”.

 

Boswachterij De Vuursche

Gezicht in het dorp Lage Vuursche met op de achtergrond een groot blokvormig huis in 1787-1788. Naar een tekening van K.F. Bendorp. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 200913.Gezicht in het dorp Lage Vuursche met op de achtergrond een groot blokvormig huis in 1787-1788. Naar een tekening van K.F. Bendorp. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 200913.


De bossen en natuurterreinen in de omgeving van Lage Vuursche zijn een onderdeel van het natuurgebied Utrechtse Heuvelrug – Noord. Ze zijn voor een deel particuliere landgoederen, voor een deel eigendom van Het Utrechts Landschap en voor een deel eigendom van Staatsbosbeheer. De laatste behoren tot de boswachterij De Vuursche. In deze boswachterij bevindt zich een heuvel in het landschap, 't Hooge Erf, die net als de Soester Eng en een heuvel ten oosten van Baarn, restanten zijn uit de ijstijd. 't Hooge Erf is het hoogste punt van het noordelijk deel van de Utrechtse Heuvelrug. In het gebied wisselen loofbossen en naaldbossen elkaar af. Er zijn veel koningsvarens te vinden.

Bron: Wikipedia: De Vuursche.


Eigenaren Kasteel Drakestein

In de Gouden Eeuw werd in de Laagte van Pijnenburg een groot aantal kastelen en landhuizen verbouwd en gebouwd, zoals Soestdijk, Kasteel de Hooge Vuursche, De Eult, Pijnenburg en Ewijckshoeve. Nadat Gerard van Reede in financiële moeilijkheden was gekomen, verkocht hij Drakensteyn op 20 december 1671 voor 27.300 gulden aan de Amsterdammer Joan Reynst, die het als zomerverblijf ging gebruiken.

Jhr. Frederik Lodewijk Herbert Jan Bosch van Drakestein (1799-1866) in ca. 1860. De tweede Heer van Drakestein en De Vuursche. Bron: Nederlands Instituut voor Kunstgeschiedenis, Den Haag.Jhr. Frederik Lodewijk Herbert Jan Bosch van Drakestein (1799-1866) in ca. 1860. De tweede Heer van Drakestein en De Vuursche. Bron: Nederlands Instituut voor Kunstgeschiedenis, Den Haag.

In de zeventiende en achttiende eeuw wisselde het kasteel enkele malen van eigenaar. Het huis was tot 1779 in het bezit van leden van de familie Godin. In 1780 vond een verbouwing plaats, waardoor het aanzicht van het huis veranderde. Hierbij werden de Ionische zuilen verwijderd. In 1805 werd Drakensteyn eigendom van mr. Paulus Wilhelmus Bosch, burgemeester van Utrecht. Het huis bleef 150 jaar in de familie, tot het in 1959 door Frederik Lodewijk Bosch van Drakestein aan prinses Beatrix werd verkocht. Zij liet het kasteel restaureren en trok er in 1963 in. Een in slechte staat verkerend ensemble van beschilderde linnen wandbespanningen, door Jurriaen Andriessen vervaardigd in 1780, werd toen verwijderd uit het interieur. Deze doeken, die lange tijd op de zolder van 

paleis Soestdijk werden bewaard, werden na enige tijd gerestaureerd en hangen tegenwoordig in Museum Van Loon in Amsterdam.

Jhr. Paulus Wilhelmus Bosch van Drakestein kocht Kasteel Drakestein (Slotlaan 8, 3749 AA Lage Vuursche) en de ambachtsheerlijkheid De Vuursche voor f. 75.000 gulden. Diverse hooi en weilanden in Eembrugge en Baarn (voor f. 2775 en f. 8400 gulden) werden op een veiling ten overstaan van de Utrechtse notaris Nicolaas Wilhelmus Buddingh op woensdag 7 augustus 1805 gekocht. Totaal ging het om een bedrag van f. 88.875 gulden.


Prinses Beatrix der Nederlanden op 

Kasteel Drakestein in 1959 tot 1963

Prinses Beatrix der Nederlanden in 1959. Foto: Harry Pot / CC BY (https://creativecommons.org/licenses/by/4.0) / commons.wikimedia.org.Prinses Beatrix der Nederlanden in 1959. Foto: Harry Pot / CC BY (https://creativecommons.org/licenses/by/4.0) / commons.wikimedia.org.


Kasteel Drakestein, al spiegelend in de slotgracht in april 1967. Bron: Het Nationaal Archief, beeldbank, Den Haag.Kasteel Drakestein, al spiegelend in de slotgracht in april 1967. Bron: Het Nationaal Archief, beeldbank, Den Haag.



Op maandag 15 juni 1959 werd ten overstaan van de Baarnse notaris Bernard Engelbert Koenderik Kasteel Groot Drakestein verkocht. Verkoper was Jhr. Fredrik Lodewijk Maria Bosch van Drakestein, wonende te Lage Vuursche te gemeente Baarn. Als aankopende partij was aanwezig Jhr. Cornelis Dedel in functie als handelde lasthebber Beatrix Wilhelmina Armgard, Prinses der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, Prinses van Lippe-Biesterfeld, wonende te Baarn op Paleis Soestdijk.


Kasteel Drakestein (Slotlaan 8, 3749 AA Lage Vuursche), het voorplein met de koetshuizen links en rechts in april 1967. Bron: Het Nationaal Archief, beeldbank, Den Haag.Kasteel Drakestein (Slotlaan 8, 3749 AA Lage Vuursche), het voorplein met de koetshuizen links en rechts in april 1967. Bron: Het Nationaal Archief, beeldbank, Den Haag.


Kasteel Drakestein met gebouwen, tuin, en bos, gelegen te Sectie F. nr. 714, groot 20 hectaren, 84 aren en 85 centiaren werd door verkoper Jhr. Frederik Lodewijk Maria Bosch van Drakestein in eigendom verkregen bij akte van scheiding op dinsdag 11 december 1956. Verleden voor notaris P.A.A.H. Graafland te Amsterdam, overgeschreven ten Hypotheekkantoren te Amersfoort op dinsdag 11 december 1956. Frederik Lodewijk erfde kasteel Drakestein van zijn vader Jhr. Paulus Jan Bosch van Drakestein, nadat hij overleden was te Baarn op maandag 7 november 1955 aan een beroerte. Het onroerend goed werd verdeeld tussen Frederik en zijn zus Jkvr. Maria Theresia Carmen Diana Catharina Bosch van Drakestein (1932-2017).


Lage Vuursche in maart 2003. Bron:1437-4658 nr-9 Fotografie Henk Bol in opdracht van de Provincie Utrecht.Lage Vuursche in maart 2003. Bron:1437-4658 nr-9 Fotografie Henk Bol in opdracht van de Provincie Utrecht.


Lage Vuursche en Kasteel Drakestein in maart 2003. Bron: 1440 4658 nr-11 Fotografie Henk Bol in opdracht van de Provincie Utrecht.Lage Vuursche en Kasteel Drakestein in maart 2003. Bron: 1440 4658 nr-11 Fotografie Henk Bol in opdracht van de Provincie Utrecht.



Prinses Beatrix kocht kasteel Drakestein voor maar liefst f. 300.000 gulden naar eigen vermogen.

 Beatrix zou er ruim drie jaar later in trekken.


Luchtfoto van kasteel Drakestein met het bijbehorende landschapspark en bos (Slotlaan 8) te Lage Vuursche (gemeente Baarn), vanuit het noordoosten in 1995. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 842203.Luchtfoto van kasteel Drakestein met het bijbehorende landschapspark en bos (Slotlaan 8) te Lage Vuursche (gemeente Baarn), vanuit het noordoosten in 1995. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 842203.


Luchtfoto van kasteel Drakestein met het bijbehorende landschapspark en bos (Slotlaan 8) te Lage Vuursche (gemeente Baarn), vanuit het zuidwesten in 1995. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 842202.Luchtfoto van kasteel Drakestein met het bijbehorende landschapspark en bos (Slotlaan 8) te Lage Vuursche (gemeente Baarn), vanuit het zuidwesten in 1995. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 842202.



Bron: Het Utrechts Archief: 1294, 9632 (1232), 1959 juni 9-1959 juni 20, 1231, deel: 94.


Gezicht over het gazon op de voorgevel van het kasteel Drakenstein met omringend park (Slotlaan 3-6, 9) te Lage Vuursche (gemeente Baarn) in 1925-1928. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 15155.Gezicht over het gazon op de voorgevel van het kasteel Drakenstein met omringend park (Slotlaan 3-6, 9) te Lage Vuursche (gemeente Baarn) in 1925-1928. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 15155.


Gezicht in het dorp Lage Vuursche met rechtsachter het huis Klein Drakenstein in 1781. Naar een tekening van J. Bulthuis. Dit huis heeft tegenwoordig het adres Kloosterlaan 4 te Baarn. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 107634.Gezicht in het dorp Lage Vuursche met rechtsachter het huis Klein Drakenstein in 1781. Naar een tekening van J. Bulthuis. Dit huis heeft tegenwoordig het adres Kloosterlaan 4 te Baarn. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 107634.


Een affiche van de verkoop van de heerlijkheid De Vuursche in 1805 (voorzijde). Bron: Het Utrechts Archief 635 9.Een affiche van de verkoop van de heerlijkheid De Vuursche in 1805 (voorzijde). Bron: Het Utrechts Archief 635 9.

  

Een affiche van de verkoop van de heerlijkheid De Vuursche in 1805 (achterzijde). Bron: Het Utrechts Archief 635 10.Een affiche van de verkoop van de heerlijkheid De Vuursche in 1805 (achterzijde). Bron: Het Utrechts Archief 635 10.


Tolweg naar De Vuursche en Drakestein in 1850, Bron: Het Utrechts Archief 635 22.Tolweg naar De Vuursche en Drakestein in 1850, Bron: Het Utrechts Archief 635 22.


Tolweg naar De Vuursche en Drakestein in 1850, Bron: Het Utrechts Archief 635 23.Tolweg naar De Vuursche en Drakestein in 1850, Bron: Het Utrechts Archief 635 23.


Gooiland en aangrenzende dorpen en heerlijkheden in zeventiende eeuw. Plaats Hilversum beneden op de foto richting het noorden gezien. Bron: Het Utrechts Archief 635 19.Gooiland en aangrenzende dorpen en heerlijkheden in zeventiende eeuw. Plaats Hilversum beneden op de foto richting het noorden gezien. Bron: Het Utrechts Archief 635 19.


Heerlijkheid De Vuursche in 1597 Bton: Het Utrechts Archief 635 18.Heerlijkheid De Vuursche in 1597 Bton: Het Utrechts Archief 635 18.


De bossen van bij het dorp Lage Vuursche in mei 2001 (1). Bron: Provincie Utrecht, Henk Bol.De bossen van bij het dorp Lage Vuursche in mei 2001 (1). Bron: Provincie Utrecht, Henk Bol.


Luchtfoto van het dorp Lage Vuursche in maart 2003. Rechtsonder van het midden kasteel Drakestein. Bron: Provincie Utrecht, Henk Bol.Luchtfoto van het dorp Lage Vuursche in maart 2003. Rechtsonder van het midden kasteel Drakestein. Bron: Provincie Utrecht, Henk Bol.


De bossen van bij het dorp Lage Vuursche in mei 2001 (2). Bron: Provincie Utrecht, Henk Bol.De bossen van bij het dorp Lage Vuursche in mei 2001 (2). Bron: Provincie Utrecht, Henk Bol.


De bossen bij het dorp Lage Vuursche in oktober 2003. Bron: Provincie Utrecht, Henk Bol.De bossen bij het dorp Lage Vuursche in oktober 2003. Bron: Provincie Utrecht, Henk Bol.


 

 

Gezicht op het omgrachte kasteel Drakestein bij Lage Vuursche (gemeente Baarn) uit het noorden, met in het midden de Slotlaan die leidt naar het dorp met de in 1657 gebouwde kerk in 1660-1670. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 135445.Gezicht op het omgrachte kasteel Drakestein bij Lage Vuursche (gemeente Baarn) uit het noorden, met in het midden de Slotlaan die leidt naar het dorp met de in 1657 gebouwde kerk in 1660-1670. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 135445.

 

Gezicht in het dorp Lage Vuursche in 1787-1788. Naar een tekening van K.F. Bendorp. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 200912.Gezicht in het dorp Lage Vuursche in 1787-1788. Naar een tekening van K.F. Bendorp. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 200912.

 

Gezicht in het dorp Lage Vuursche in augustus 1800. Naar een tekening van J. Andriessen. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 107635.Gezicht in het dorp Lage Vuursche in augustus 1800. Naar een tekening van J. Andriessen. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 107635.

 

Jhr. Paulus Wilhelmus Bosch van Drakestein

Origineel portret van Henriëtte Hofmann (1775-1839) in 1830. Geschilderd door de Utrechtse portretschilder Jan Lodewijk Jonxis (1789-1866). Portret bevindt zich in particulier bezit in Bussum (Noord-Holland).Origineel portret van Henriëtte Hofmann (1775-1839) in 1830. Geschilderd door de Utrechtse portretschilder Jan Lodewijk Jonxis (1789-1866). Portret bevindt zich in particulier bezit in Bussum (Noord-Holland).


Origineel portret van Jhr. Paulus Wilhelmus Bosch van Drakestein (1771-1834) in 1830. Geschilderd door de Utrechtse portretschilder Jan Lodewijk Jonxis (1789-1866). Portret bevindt zich in particulier bezit in Bussum (Noord-Holland).Origineel portret van Jhr. Paulus Wilhelmus Bosch van Drakestein (1771-1834) in 1830. Geschilderd door de Utrechtse portretschilder Jan Lodewijk Jonxis (1789-1866). Portret bevindt zich in particulier bezit in Bussum (Noord-Holland).



De portretten, die omstreeks 1830 zijn vervaardigd, hingen tot het voorjaar van 1840 in het huis van de familie Bosch aan het Janskerkhof 17. Vervolgens kwamen zij in het bezit van oudste zoon Willem Bosch. De portretten hingen vele jaren in zijn huis aan de Minrebroerderstraat 11 aan de muur. In de jaren zestig van de negentiende eeuw zullen de portretten zijn overbracht naar het landgoed Nieuw-Amelisweerd, waar de zoon van Willem Hendrik op zijn vroegere buitenverblijf voorgoed ging wonen tot aan zijn overlijden in 1914.


Een onbekende jonkvrouwe Bosch van Drakestein tussen 1860-1920. Bron: Nederlands Instituut voor Kunstgeschiedenis, Den Haag.Een onbekende jonkvrouwe Bosch van Drakestein tussen 1860-1920. Bron: Nederlands Instituut voor Kunstgeschiedenis, Den Haag.


Jkvr. Maria Gerardina Leontina Bosch van Drakestein (1850-1923), huwde in 1870 met Epimachus Jacobus Ignatius Carolus van Baerle. Maria was de enigste dochter van Jhr. Johannes Gerardus Bosch van Drakestein. Bron: Nederlands Instituut voor Kunstgeschiedenis, Den Haag.Jkvr. Maria Gerardina Leontina Bosch van Drakestein (1850-1923), huwde in 1870 met Epimachus Jacobus Ignatius Carolus van Baerle. Maria was de enigste dochter van Jhr. Johannes Gerardus Bosch van Drakestein. Bron: Nederlands Instituut voor Kunstgeschiedenis, Den Haag.



Tussen 1914 en 1929 waren de portretten in het bezit gekomen van Hendriks zoon Johan Bosch van Drakestein. Na zijn overlijden in 1929 kwam het roerend goed aan zijn echtgenote Lucie Serraris. Zij kocht in 1931 het huis Welgelegen aan de Ruysdaellaan 7 te Huis ter Heide in Zeist. Vanaf 1931 tot aan haar overlijden in 1951 zullen naar verloop van tijd de portretten in Huis ter Heide aan de wand zijn komen te hangen. Na 1951 bleef Huize Welgelegen een familie huis van de acht kinderen van Johan en Lucie.

In de jaren zestig of zeventig van de twintigste eeuw kwam het huis in eigendom van Louis Bosch van Drakestein. Hij was tot 1971 directeur van de VVV te Zeist. Tot aan zijn overlijden in 1982 hebben de portretten van Paul en Henriëtte bij de Ruysdaellan daar aan de muur gehangen.

Na die tijd tot op heden zijn portretten in het bezit van een erfgenaam van Louis en hangen ze nu al ruim 40 jaar bij een particulier aan de wand in Bussum.


Jhr. Paulus Wilhelmus Bosch van Drakestein, heer van Drakestein en De Vuursche.  Hij werd geboren op 13 november 1771 te Utrecht en overleed aldaar op 17 april 1834. Paulus was advocaat, politicus en grootgrondbezitter.

Bosch was lid van de familie Bosch en een zoon van de koopman Theodorus Gerardus Bosch (1726-1802) en Cornelia van Bijleveld (1746-1823). Paul Bosch van Drakestein heeft tot twee maal toe een request bij koning Willem I ingediend om in de (lage) adelstand te mogen worden verheven en wel in september 1816 en in september 1822.

Bij Koninklijk Besluit 's-Gravenhage op 10 december 1829 nr. 8 wordt Paulus Wilhelmus Bosch van Drakestein in de adelstand verheven tot jonkheer. Zijn kinderen en de daarop volgende generaties mogen vanaf dan de titel jonkheer of jonkvrouw gebruiken. 

Bij Koninklijk Besluit van 21 februari 1836 Nr. 103 werd besloten dat de negen kinderen van Paulus en Henriëtte zich voortaan Bosch van Drakestein mochten gaan noemen.

Bij aanpassing in het bevolkingsregister van de stad Utrecht op maandag 19 juni 1837 liet Jhr. Willem Bosch van Drakestein, tezamen met zijn broers, zussen, (achter) neven en nichtjes en daarop volgende generaties van de familie de naamsverandering vastleggen van familie Bosch naar familie Bosch van Drakestein.

Grachtenpand gelegen aan de Nieuwegracht nr. 5 die Cornelia van Bijleveld Wed. van Theodorus Gerardus Bosch aankocht op woensdag 15 januari 1806 aan van Jacobus Schroot en Anna Catharina Bettink. Cornelia bleef hier wonen van 1806 tot aan haar overlijden in 1823. Foto op zondag 6 september 2020, Sander. van Scherpenzeel. Beeld vanaf de rechterkant gezien.Grachtenpand gelegen aan de Nieuwegracht nr. 5 die Cornelia van Bijleveld Wed. van Theodorus Gerardus Bosch aankocht op woensdag 15 januari 1806 aan van Jacobus Schroot en Anna Catharina Bettink. Cornelia bleef hier wonen van 1806 tot aan haar overlijden in 1823. Foto op zondag 6 september 2020, Sander. van Scherpenzeel. Beeld vanaf de rechterkant gezien.


Grachtenpand gelegen aan de Nieuwegracht nr. 5 die Cornelia van Bijleveld Wed. van Theodorus Gerardus Bosch aankocht op woensdag 15 januari 1806 aan van Jacobus Schroot en Anna Catharina Bettink. Cornelia bleef hier wonen van 1806 tot aan haar overlijden in 1823. Foto op zondag 6 september 2020, Sander. van Scherpenzeel. Beeld vanaf de linkerkant gezien.Grachtenpand gelegen aan de Nieuwegracht nr. 5 die Cornelia van Bijleveld Wed. van Theodorus Gerardus Bosch aankocht op woensdag 15 januari 1806 aan van Jacobus Schroot en Anna Catharina Bettink. Cornelia bleef hier wonen van 1806 tot aan haar overlijden in 1823. Foto op zondag 6 september 2020, Sander. van Scherpenzeel. Beeld vanaf de linkerkant gezien.


De eeuwenoude Hofpoort gelegen aan de linkerkant van het pand Nieuwegracht nr. 5. In de negentiende eeuw de Runnenbaan geheten. Beeld van voren gezien. Foto op zondag 6 september 2020, Sander van Scherpenzeel.De eeuwenoude Hofpoort gelegen aan de linkerkant van het pand Nieuwegracht nr. 5. In de negentiende eeuw de Runnenbaan geheten. Beeld van voren gezien. Foto op zondag 6 september 2020, Sander van Scherpenzeel.



Pand Nieuwegracht (r) nr. 5 en de Hofpoort (l) gezien vanaf de Nieuwegracht (oneven zijde) op zondag 6 september 2020. Foto: Sander van Scherpenzeel.Pand Nieuwegracht (r) nr. 5 en de Hofpoort (l) gezien vanaf de Nieuwegracht (oneven zijde) op zondag 6 september 2020. Foto: Sander van Scherpenzeel.


Jhr. Willem Bosch van Drakestein was tussen april 1834, na het overlijden van vader en voor het overlijden van moeder Hofmann, in december 1839 familie oudste van het huis aan het Janskerkhof 17. Diverse malen trad hij op als oudste familie vertegenwoordiger in notariële zaken en andere zakelijke familie aangelegenheden. Willem bleef ook tot aan het overlijden van moeder Hofmann samen met haar op het Janskerkhof 17 wonen.

Bron: Het Utrechts Archief, 481-703-01 Utrercht 1837, akten.: 9.


Gezicht op de Nederlands Hervormde kerk te Lage Vuursche, uit het zuidoosten in 1740-1750. Naar een tekening van Hendrik Spilman. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer:	 200910.Gezicht op de Nederlands Hervormde kerk te Lage Vuursche, uit het zuidoosten in 1740-1750. Naar een tekening van Hendrik Spilman. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 200910.


Paulus Willem Bosch huwde in 1797 met Henriëtte Hofmann (1775-1839). Paulus Willem Bosch was in 1797 onder huwelijkse voorwaarden getrouwd met haar. In 1805 maakte het echtpaar Bosch-Hofmann een testament.

 

Uit dit huwelijk werden negen kinderen geboren.

In het begin van hun huwelijk woonde het echtpaar Bosch op de Voorstraat 85-87 te Utrecht, wat Paulus op 10 februari 1799 aankocht ten overstaan van notaris Pieter Jongeneel. In dit huis werd hun zoon Johannes Gerardus Bosch van Drakestein geboren in juli 1811 (BS Utrecht G- aktenr.4).

 


De Voorstraat 85 en 87 op 1 maart 2020. Foto: Sander van Scherpenzeel.De Voorstraat 85 en 87 op 1 maart 2020. Foto: Sander van Scherpenzeel.


Tijdens het bezoek van keizer Napoleon Bonaparte aan Utrecht, in oktober 1811, logeerde een rekestmeester uit zijn gevolg, belast met de Bruggen, Wegen en Polders, bij Bosch op de Voorstraat H 514 (Voorstraat 83). Bron: Huizenaanhetjanskerkhof.nl.


Kaart van het Janskerkhof en directe omgeving te Utrecht met daarop in Romeinse cijfers de klaustrale huizen aan het plein en tevens aangegeven de huisnummering in 1907 en de kadastrale nummers uit 1832. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 835019.Kaart van het Janskerkhof en directe omgeving te Utrecht met daarop in Romeinse cijfers de klaustrale huizen aan het plein en tevens aangegeven de huisnummering in 1907 en de kadastrale nummers uit 1832. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 835019.


Het deel van de binnenstad, waar Bosch en zijn echtgenote Hofmann woonde, was tot aan het eind van de zestiende eeuw in het bezit van het Rooms Katholieke kapittel en de kerk van St. Jan. 

Na de reformatie van 1580 kwamen de goederen in het bezit van de Staten van Utrecht. Benoemde kannuniken werden vanaf het begin van de zeventiende eeuw aangesteld om deze onroerende goederen van landerijen, huizen (claustrale huizen) en boerderijen te beheren. 

Voor het huis Janskerkhof 17 werd de claustraliteit in de loop van de zeventiende eeuw afgekocht.

Van 1791 tot 1811 was het huis het eigendom van Willem Arnout Leyssius (1769-1796). Hij huwde in 1790 met Frederica Geertruida van Westreenen van Themaat (1773-1845). Zij was een kleindochter van Jan Jacob van Westrenen en Johanna Catharina Mamuchet van Houdringe

Het echtpaar Leyssius kreeg twee kinderen, Maria Françoise Leyssius (1791-1864) en Pierre Frédéric Leyssius (1793-1846). Vanaf 1793 leefde het echtpaar gescheiden van tafel en bed.


vGezicht in de Dorpsstraat met rijen loofbomen en bebouwing te Lage Vuursche (gemeente Baarn) uit het zuiden; met rechts de voorgevels van de huizen Dorpsstraat 19-lager in 1925-1929. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 15091.


Voorgevel en zijgevel rechts van boerenwoning ten noordoosten van Lage Vuursche in mei 1915. Bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) te Amersfoort, beeldbank, documentnummer: 2542 (2).Voorgevel en zijgevel rechts van boerenwoning ten noordoosten van Lage Vuursche in mei 1915. Bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) te Amersfoort, beeldbank, documentnummer: 2542 (2).

Na het overlijden van Willem Arnout Leyssius in 1796, na een duel bij Oudwijk, zou het 15 jaar gaan duren voordat zijn erfgename na vele rechtszaken tot een eindafsluiting van zijn nalatenschap zou gaan komen.

In het begin van de negentiende (?1796-1811) eeuw woonde Petrus Leonardus van Heilmann van Stoutenburg (1755-1816) hier. Petrus huurde het huis van de erfgenamen van familie Leyssius. Hij was in 1789 gehuwd met Lucia Theresia van Lielaar (1752-1819), weduwe van Martinus Carolus van Beurden. In 1793 was Lucia Theresia van Lielaer, echtgenote van Petrus Leonardus Heilmann van Stoutenburg, die na de dood van haar vader Johannes Franciscus van Lielaar, beleend met de heerlijkheid Stoutenburg.

In oktober 1811 logeerde Prins van Neufchatel (Louis Alexandre Berthier) bij Heilmann. Louis maakte onderdeel uit van het gevolg van het bezoek van keizer Napoleon, die in die dagen Utrecht bezocht. Al het koninklijke personeel werd ondergebracht in diverse huizen in de stad.



Na de verdeling van de Leyssius / Van Westrenen goederen, waaronder ook het huis Janskerkhof 17 in december 1811, is het huis in bezit gebleven van een van de erfgenamen. 

Bij de geboorte van Johannes Gerardus Bosch van Drakestein in november 1813, woont het gezin Bosch volgens archivalia al aan het Janskerkhof.

Bron: Het Utrechts Archief, 34-4, U328a002, 1811, notaris Christiaan Sanderson.


Kasteel Drakestein aan de Slotlaan 8 te Lage Vuursche. Bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) te Amersfoort, beeldbank, documentnummer: ST-2.247.Kasteel Drakestein aan de Slotlaan 8 te Lage Vuursche. Bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) te Amersfoort, beeldbank, documentnummer: ST-2.247.


Bron en overgenomen van: Huizenaanhetjanskerkhof.nl Janskerkhof 17 en 17a.

Door nader archiefonderzoek, uitgevoerd door de stichting, is duidelijk geworden dat Paul Bosch van Drakestein zijn huis van de erfgename Leyssius /Van Westrenen heeft aangekocht in 1812.

Diverse pogingen zijn er al door de stichting ondernomen om erachter te komen waar de akte van aankoop zich bevindt. In de oudste kadastrale registraties van de stad Utrecht T22 Hypotheek Bewaarders (HUA), is in de boeken uit 1811 en 1838 niet op te maken dat Paul Bosch zijn huis kadastraal heeft laten registreren. Vermoedelijk heeft Paul Bosch het huis onderhands aangekocht begin 1812 van een van de erfgename Leyssius / Van Westrenen. Dit is gebeurt na de boedelscheiding in december 1811. Vrijwel zeker is dat Paul Bosch met zijn gezin in het jaar 1812 is verhuist van de Voorstraat naar het Janskerkhof 17.

Paul Bosch zou tot aan zijn overlijden in april 1834 hier wonen. Na het overlijden van Paul bleef zijn oudste zoon Willem met Henriëtte er nog enige jaren wonen, totdat ook Henriëtte overleed eind 1839. Hierna kwam het huis Janskerkhof 17 en 17a toe aan zijn dochter Elizabeth. Zij was met haar neef Jan Willem Hendrik Bosch gehuwd.


Kadastertekening uit februari 1888, dienstjaar 1889 van het perceel Janskerkhof 17 en 17A nadat deze door familie Bosch van Drakestein in 1887 verkocht was aan de gemeente Utrecht. Bron: Kadasterarchiefviewer (1832-1987).Kadastertekening uit februari 1888, dienstjaar 1889 van het perceel Janskerkhof 17 en 17A nadat deze door familie Bosch van Drakestein in 1887 verkocht was aan de gemeente Utrecht. Bron: Kadasterarchiefviewer (1832-1987).


Paulus Wilhelmus Bosch was een telg uit een katholieke familie, die door een uiterst voortvarende manier van zakendoen en een succesvolle huwelijkspolitiek zeer rijk waren geworden.


Gezicht op de Voorstraat in de periode 1908-1909. Links de Voorstraat 89 (de tegenwoordige City Bioscoop), daarnaast de Voorstraat 87 en 85 met rond 1900 de tram die nog door de Voorstraat reed. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer 2629.Gezicht op de Voorstraat in de periode 1908-1909. Links de Voorstraat 89 (de tegenwoordige City Bioscoop), daarnaast de Voorstraat 87 en 85 met rond 1900 de tram die nog door de Voorstraat reed. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer 2629.


Paulus ging Romeins en hedendaags recht studeren. Hij vestigde zich als advocaat en deed in 1795 met de Franse revolutie mee. Hij werd lid van de Provisionele Municipaliteit (gemeenteraad in de Franse Tijd) en was vervolgens tot 1803 tweede secretaris van de Raad van Rechtspleging.

Daarna was hij enkele jaren lid van de departementale rekenkamer. Naast zijn openbare functies nam hij deel aan het familiebedrijf en genoot hij inkomsten uit een uitgebreid bezit aan landbouwgrond en vastgoed.

Bosch was voortdurend bezig met het opkopen van landerijen, die patriciërs vanwege de ongunstige tijdsomstandigheden van de hand moesten doen. Sinds 1805 noemde hij zich, naar één van de aangeschafte ambachtsheerlijkheden, Bosch van Drakestein. Onder deze naam werd hij in 1808 lid van de vroedschap (stadscollege). Drie jaar later, in 1811, werd hij adjunct-maire onder mr. A. J. W. van Dielen.


Zegels van Paulus Wilhelmus Bosch van Drakestein (1771-1834) op de omslag van zijn olografisch testament, opgemaakt door notaris G.H. Stevens te Utrecht. Bron: Het Utrechts Archief 635 25.Zegels van Paulus Wilhelmus Bosch van Drakestein (1771-1834) op de omslag van zijn olografisch testament, opgemaakt door notaris G.H. Stevens te Utrecht. Bron: Het Utrechts Archief 635 25.


Buitenplaats Lage Vuursche Klein Drakenstein met beschermde tuinaanleg, opname uit 2012 aan de Kloosterlaan 4. Bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) te Amersfoort, beeldbank, documentnummer: 13624-53172.Buitenplaats Lage Vuursche Klein Drakenstein met beschermde tuinaanleg, opname uit 2012 aan de Kloosterlaan 4. Bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) te Amersfoort, beeldbank, documentnummer: 13624-53172.

Hij overleed in februari 1812 en na maanden touwtrekken werd Bosch van Drakestein als nieuwe
maire van Utrecht aangesteld van 1812 tot 1813. Bosch was in hoge mate gepousseerd (bevorderd)  door de prefect van het departement van de Zuiderzee, graaf De Celles. Deze prees in een brief aan Lebrun de ijver en de Fransgezindheid van zijn kandidaat en adviseerde geen acht te slaan (geen gehoor te geven) op de bezwaren, die tegen hem in Utrecht bestonden.

Hoe impopulair Bosch in zijn vaderstad was, bleek begin 1812 zeer duidelijk toen
hij gedeballoteerd (bij stemming afwijzen als lid) werd in de eliteclub Sic Semper. De weerzin van het Utrechtse patriciaat tegen Bosch van Drakestein had twee kanten.

1. Ten eerste was er de afkeer van deze parvenu (iemand met veel geld die zich beweegt in kringen waar hij door zijn komaf niet thuis hoort), die bovendien katholiek was.


Ontwerp voor een garage op het terrein van kasteel Drakestein (Slotlaan 8) in ca. 1960. Bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) te Amersfoort, beeldbank.Ontwerp voor een garage op het terrein van kasteel Drakestein (Slotlaan 8) in ca. 1960. Bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) te Amersfoort, beeldbank.


2. Ten tweede, de ongeremde Fransgezindheid van de man. Anders dan zijn voorganger, die steeds had geprobeerd de Franse maatregelen zo veel mogelijk te verzachten, had Bosch van Drakestein
slechts tot doel zijn superieuren (hoger geplaatste personen) naar zijn beste vermogens te dienen. Soms ging hij daarin zelfs verder dan vereist was (zijn vermogen te laten zien aan hogere personen, dan eigenlijk voor die tijd noodzakelijk was).

Na de terugtocht van de Fransen werd hij gevangen genomen, maar door Koning Willem I gerehabiliteerd (goede naam teruggegeven) en werd hij benoemd als lid van de Provinciale Staten van Utrecht van 1814 tot 1830. Ruim 4 jaar later, in april 1834, overleed Paulus Wilhelmus Bosch van Drakestein op 62-jarige leeftijd.


Interieur van een kamer in het voormalige claustrale (kanunnikenhuis) van St. Jan (Janskerkhof 17) te Utrecht in de periode 1790-1795 van familie Leyssius. Zo zou je een voorstelling kunnen maken hoe Jhr. Paulus Bosch van Drakestein en Henriëtte Hofmann tot 1839 in dit huis in weelde leefde samen met hun kinderen. Tussen 1800 en 1840 had Paulus zelfs schilderijen van Nederlandse meesters in huis hangen als Paulus Potter, Breugel, Jacob van Ruisdael en Moreelse. Huis is in 1886 gesloopt om plaats te maken voor een Openbare Lagere School. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer 35424.Interieur van een kamer in het voormalige claustrale (kanunnikenhuis) van St. Jan (Janskerkhof 17) te Utrecht in de periode 1790-1795 van familie Leyssius. Zo zou je een voorstelling kunnen maken hoe Jhr. Paulus Bosch van Drakestein en Henriëtte Hofmann tot 1839 in dit huis in weelde leefde samen met hun kinderen. Tussen 1800 en 1840 had Paulus zelfs schilderijen van Nederlandse meesters in huis hangen als Paulus Potter, Breugel, Jacob van Ruisdael en Moreelse. Huis is in 1886 gesloopt om plaats te maken voor een Openbare Lagere School. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer 35424.


Bronnen: Stilte na de storm- Utrecht in de eerste helft van de negentiende eeuw, Prof. Dr. R.E. de Bruin en Wikipedia.nl

Paulus was een groot liefhebber van het opkopen van het oude vast- en onroerend goed van het kapittel van St. Jan. Deze kwamen na het tekenen van het keizerlijke decreet door Napoleon, op 21 februari 1811, toe aan de Nederlandse Staat der Domeinen. Tussen 1819 en 1821 werden deze vroegere kapittel goederen verkocht per afslag. Bosch kocht onder andere De Proosdij en Landgoed de Hennekamp in Ede aan op 1 december 1819. Deze waren tot 1811 het eigendom geweest van het kapittel van St. Jan. Ook landerijen, die onderdeel uit maakten van de Erfpachtcanon van het kapittel, kocht hij graag op in de omgeving van Utrecht. De bedoeling was hierop te verdienen. Hij had dat na verloop van tijd zo groots opgebouwd, dat Bosch in de laatste jaren van zijn leven ervan kon rentenieren.

Misschien las Paulus in het eerst kwart van de negentiende eeuw wel de Gazette Utrecht. Een Utrechtse krant met een Franse naam. Gazette is Frans voor krant.


Overzicht van de immuniteit van St. Jan te Utrecht uit het zuiden gezien met in het midden het Janskerkhof met de Janskerk en rechts de Drift in 1604. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 39802.Overzicht van de immuniteit van St. Jan te Utrecht uit het zuiden gezien met in het midden het Janskerkhof met de Janskerk en rechts de Drift in 1604. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 39802.


Hierin stonden vrijwel alle aangeboden landgoederen en landerijen, die door de economisch ongunstige tijd op de vastgoedmarkt werden aangeboden. Een groot deel van deze goederen kocht Bosch aan in de loop van de tijd. Zo was hij actief in het familie vastgoedbedrijf en een van de grootste grootgrondbezitters uit zijn tijd in Utrecht.

Ook zou het goed mogelijk zijn geweest, dat Bosch regelmatig het een en het ander van zijn buurman hoorde over vast- en onroerend goed, wat op de markt zou komen. Zijn buurman was Nicolaas Wilhelmus Budding, een zeer vooraanstaand notaris, die begin negentiende eeuw met zijn kantoor in de binnenstad gevestigd was. Bosch was regelmatig te vinden bij Nicolaas op kantoor om een transactie te bekrachtigen of om een familie aangelegenheid vast te laten leggen.


Gezicht op het besneeuwde Janskerkhof te Utrecht uit het zuidwesten, met rechts op de achtergrond het Hotel des Pays Bas in 1859-1860. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 135060.Gezicht op het besneeuwde Janskerkhof te Utrecht uit het zuidwesten, met rechts op de achtergrond het Hotel des Pays Bas in 1859-1860. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 135060.


In de Utrechtsche Courant van 22 juli 1833 staat in advertentie 1410 het volgende te lezen:

"De Ondergeteekende betuigt bij deze den hartelijken dank aan allen, van welke hij de onderscheldene blijken van deelneming en belangstelling heeft mogen ontvangen gedurende zijne zeer ernstige ongesteldheid en aanvankelijke herstelling". P.W. Bosch van Drakestein

Utrecht 20. Julij 1833."

Hieruit kunnen we opmaken dat Paul in de zomer van 1833, ruim een jaar eerder, niet meer gezond was.


Portret van Nicolaas Wilhelmus Buddingh, notaris, schout en gadermeester (belastinginner) van De Vuursche te Baarn (1749-1835) en zijn echtgenote Anna van Royen (1754-1790) in 1790. Geschilderd door Christiaan van Geelen sr. (Utrecht 1755 - 1824 Utrecht). Jhr. Paulus Wilhelmus Bosch van Drakestein was de buurman en Nico en tevens goede vriend. Paul deed graag zaken bij hem. Zoals het regelen van familie aangelegenheden en het vastleggen van aankopen van vast- en onroerend goed. Bron: Centraal Museum Utrecht.Portret van Nicolaas Wilhelmus Buddingh, notaris, schout en gadermeester (belastinginner) van De Vuursche te Baarn (1749-1835) en zijn echtgenote Anna van Royen (1754-1790) in 1790. Geschilderd door Christiaan van Geelen sr. (Utrecht 1755 - 1824 Utrecht). Jhr. Paulus Wilhelmus Bosch van Drakestein was de buurman en Nico en tevens goede vriend. Paul deed graag zaken bij hem. Zoals het regelen van familie aangelegenheden en het vastleggen van aankopen van vast- en onroerend goed. Bron: Centraal Museum Utrecht.

 

Fragment van een verpondingsbiljet van een pand aan de Drift te Utrecht in 1811 die in eigendom was van Nico Buddingh. Hij was van zijn eigen onroerend goed ook de ontvanger op de verpondingen (belastingen) in 1ste Arrondisiment Refort Utrecht. In zijn eigen handschrift staat geschreven 'Nicolaas Wilhelmus Buddingh. Bron: SHH Archief.Fragment van een verpondingsbiljet van een pand aan de Drift te Utrecht in 1811 die in eigendom was van Nico Buddingh. Hij was van zijn eigen onroerend goed ook de ontvanger op de verpondingen (belastingen) in 1ste Arrondisiment Refort Utrecht. In zijn eigen handschrift staat geschreven 'Nicolaas Wilhelmus Buddingh. Bron: SHH Archief.


Na zijn overlijden in april 1834 liet Paul 1,5 miljoen gulden na aan zijn echtgenote en 9 kinderen.

In de Opregte Haarlemsche Courant van 26 juli 1834 staat het volgende te lezen:

Zegel van N.W. Buddingh, schout van De Vuursche. Bron: Het Utrechts Archief, 635 26.Zegel van N.W. Buddingh, schout van De Vuursche. Bron: Het Utrechts Archief, 635 26.

"Commissarissen en directeuren der Negotiatie ten lasten de Plantagien Waterland, Adrichem en Palkmeneribe en Surnimombo, gelegen in de Kolonie van Suriname, roepen bij deze op alle de Geinteresseerdens in de  gemelde Negotiatie om met hunne Aandeelen voorzien te compareren in den Doelen op de Garnalenmarkt op Donderdag den 31ste Julij eerstkomende, ten half twee uur, ten einden volgens art. A der op 20 december 1826 gearresteerde Conventie over te gaan tot de benoeming van eene nieuwe Commissaris, in plaats van de overleden Heer P.W. Bosch van Drakestein".

Uit deze krantenadvertentie kunnen we opmaken dat Paul Bosch ook commissaris was van een Negotiatie fonds. Zo'n beleggingsfonds was in de achttiende- en negentiende eeuw bedoeld om de koffieplantages in Zuid Amerika te ondersteunen. Mensen met veel geld staken dan 1000 gulden in het fonds als obligatie, waardoor de lokale koffieboeren in Suriname hun eigen koffieplantage konden runnen. De koffieboeren hadden bij zulke leningen hun plantage als onderpand, mochten ze aan hun betalingsverplichting niet meer kunnen voldoen.


Gezicht op de Janskerk aan het Janskerkhof te Utrecht uit het noorden in 1710-1730. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 37208.Gezicht op de Janskerk aan het Janskerkhof te Utrecht uit het noorden in 1710-1730. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 37208.


Er is in de tijd dat de stichting SHH Jhr. Paul Bosch van Drakestein en zijn echtgenote Henriette Hofmann en familieleden onderzoekt, iets opmerkelijks opgevallen.

Op zondag 29 december van het jaar 1805 laat het echtpaar ten overstaan van de Utrechtse notaris  Johan Fredrik Gobius Jr. een eerste testament opmaken. Hierin laat Paul Bosch opnemen, dat zijn oudste zoon (geboren op dat moment Willem Bosch van Drakestein 1853-1853) bij Pauls overlijden de ambachtsheerlijkheid De Vuursche en kasteel Drakestein zal vererven.

Ruim 29 jaar later, bij Pauls overlijden in april 1834, krijgt de een-na-oudste zoon Jhr. Frederik Lodewijk Herbert Jan Bosch van Drakestein (1799-1866) het kasteel en de ambachtsheerlijkheid. Oudste zoon Willem krijgt het huis en het landgoed Nieuw-Amelisweerd in plaats van kasteel Drakestein en de ambachtsheerlijkheid De Vuursche.

Over Pauls nalatenschap zal binnen het gezin Bosch wel wat overleg zijn geweest. Hierbij was het oorspronkelijk de bedoeling, dat Pauls bijzonderste bezit De Vuursche en Drakestein naar zijn oudste zoon Jhr. Willem Bosch van Drakestein zou zijn overgegaan. Ruim 29 jaar later zou dit toch anders uitkomen.

Volgens hetzelfde testament uit 1805 zou de tweede zoon het landgoed en huize de Sterrenberg in Soest en Zeist vererven. Hij zou 29 jaar later na het overlijden van Paul Jhr. Frederik Bosch van Drakestein het landgoed en huize de Sterrenberg hebben vererft. Maar dit werd bestemd voor zijn jongere broer Jhr. Karel Bosch van Drakestein.

Bron: Het Utrechts Archief 34-4, U260a014, 29-12-1805, aktn.: 100.

Derde zoon Jhr. Hendrik Willem Bosch van Drakestein (1805-1883) kreeg het huis en en landgoed Oud-Amelisweerd in Rhijnauwen, na Pauls overlijden, toebedeeld in april 1834.

Vierde zoon Jhr. Karel Bosch van Drakestein (1807-1860) kreeg het huis en landgoed de Sterrenberg in Zeist en Soest en de ambachtsheerlijkheid Reijerscop - Creuningen in Vleuten - De Meern.

Vijfde zoon Jhr. Johan Bosch van Drakestein (1811-1883) kreeg het huis en landgoed Bruxvoort in Bennekom en Ede in de provincie Gelderland.

Zesde zoon Jhr. Gerard Bosch van Drakestein (1813-1862) kreeg enkele boerderijen en andere landerijen in de regio Utrecht. Rond 1841 kocht hij het landgoed en huis Heeckeren in de gemeente Goor aan, waarna hij diverse van zijn goederen uit de regio Utrecht voegde bij zijn bezittingen bij het landgoed Heeckeren. Zoals boerderij De Koppel in Utrecht Lunetten zijn oudste broer Willem verkocht De Koppel aan Gerard het in jaar 1846. Boerderij De Grote Geer in Houten was al voor het jaar 1832 in het bezit van Gerard Willem.


Bevolkingsregisters Utrecht stad in 1813

Bij de eerste bevolkingsregistratie volgens de Franse wet in 1813, was het toenmalige huis van familie Bosch van Drakestein aan het Janskerkhof 17 en 17a geadresseerd aan de St. Jan nr. 8. Volgens het register staan de volgende personen op dit adres geregistreerd:

1. Paulus Wilhelmus Bosch van Drakestein (Maire = burgemeester) (41 jaar)

2. Henriëtte Hofmann (36 jaar)

3. Willem Bosch van Drakestein (14 jaar)

4. Frederik Lodewijk Hebert Jan Bosch van Drakestein (13 jaar)

5. Henriette Josephine Jacqueline Bosch van Drakestein (11 jaar)

6. Paulina Elisabeth Bosch van Drakestein (9 jaar)

7. Hendrik Willem Bosch van Drakestein (8 jaar)

8. Carolus Theodorus Johannes Bosch van Drakestein (6 jaar)

9. Elisabeth Petronella Bosch van Drakestein (4 jaar)

10. Johannes Gerardus Bosch van Drakestein (2 jaar)

11. M.E. van Bester (34 jaar) (Servante)

12. A. van Schaik (48 jaar) (Servante)

13. Cornelia van Heumen (35 jaar) (Servante)

14. Arnold Frippeluur (29 jaar) (Servante)


Gezicht op de voorgevel van het enigszins terugliggende voormalige claustrale huis (Janskerkhof 17) te Utrecht op 1 december 1886 net voor de sloop. Huis waar waar familie Bosch van Drakestein ruim 28 jaar gewoond heeft. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 30705.Gezicht op de voorgevel van het enigszins terugliggende voormalige claustrale huis (Janskerkhof 17) te Utrecht op 1 december 1886 net voor de sloop. Huis waar waar familie Bosch van Drakestein ruim 28 jaar gewoond heeft. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 30705.

 

Bevolkingsregisters Utrecht stad in 1823

 Bij de tweede bevolkingsregistratie volgens de Nederlandse wet in 1823, was het toenmalige huis van familie Bosch van Drakestein aan het Janskerkhof 17 en 17a geadresseerd aan in wijk H onder huisnummer 593. Volgens het register staan de volgende personen op dit adres geregistreerd:

1. Paulus Wilhelmus Bosch van Drakestein (Lid van de Provinciale Staten van Utrecht) (52 jaar)
2. Henriette Hofmann (46 jaar)
3. Willem Bosch van Drakestein (26 jaar) (advocaat)
4. Elisabeth Petronella Bosch van Drakestein (15 jaar)
5.  Johannes Gerardus Bosch van Drakestein (14 jaar)
6. Gerard Willem Bosch van Drakestein (11 jaar) 

Bevolkingsregisters Utrecht stad in 1829

Bij de derde bevolkingsregistratie volgens de Nederlandse wet in 1829, was het toenmalige huis van familie Bosch van Drakestein aan het Janskerkhof 17 en 17a geadresseerd aan in wijk H onder huisnummer 593. Volgens het register staan de volgende personen op dit adres geregistreerd: 

1. Jhr. Paulus Wilhelmus Bosch van Drakestein (58 jaar) 

2. Henriette Hofmann (50 jaar) 

3. Jhr. Willem Bosch van Drakestein (advocaat) (30 jaar) 

4. Jhr. Gerard Willem Bosch van Drakestein (student) (18 jaar) 

5. Frans van Gorcum (professioneel huisbediende) (23 jaar) 

6. Johanna Grootharden (keukenmeid) (50 jaar) 

7. Jansje La Ros (kamenier) (40 jaar) 

8. Wilhelmina Achthoven (werkmeid) (21 jaar) 

9. Peter van de Vloed (knecht) (36 jaar)


Bevolkingsregisters Utrecht stad in 1840

Bij de vierde bevolkingsregistratie volgens de Nederlandse wet in 1840, was het toenmalige huis van familie Bosch van Drakestein aan het Janskerkhof 17 en 17a geadresseerd aan in wijk H onder huisnummer 593. Volgens het register staan de volgende personen op dit adres geregistreerd:

1. Aletto Krafie (kamernier) (29 jaar)

2. Wilhelmina Achthoven (wekmeid) (31 jaar)

3. Hendriea Merkenhoff (keukenmeid) (32 jaar)

4. Frans Arts Jr. (huisknecht) (22 jaar)

Henriette Hofmann was de laatste van het gezin, die het huis aan het Janskekrhof verliet toen ze eind december 1839 overleed. Alleen het huispersoneel bleef bij de nieuwe bevolkingstelling van het jaar 1840.


Gezicht op de Openbare School (Janskerkhof 17) te Utrecht. Dit gebouw verving in 1887 het huis van familie Bosch van Drakestein. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 79105.Gezicht op de Openbare School (Janskerkhof 17) te Utrecht. Dit gebouw verving in 1887 het huis van familie Bosch van Drakestein. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 79105.

 

Aankoop landgoederen Nieuw-Amelisweerd en 

Oud-Amelisweerd

Portret van Jan Pieter van Wickevoort Crommelin (1763-1837). Bron: RKD – Nederlands Instituut voor Kunstgeschiedenis, Den Haag.Portret van Jan Pieter van Wickevoort Crommelin (1763-1837). Bron: RKD – Nederlands Instituut voor Kunstgeschiedenis, Den Haag.

Jhr. Paulus Wilhelmus Bosch van Drakestein kocht op zaterdag 24 augustus 1811 ten overstaan van de Utrechtse notaris Van Ommeren de landgoederen Nieuw- en Oud-Amelisweerd van mr. Jan Pieter van Wickevoort Crommelin.

Dit voor een totaal bedrag van f. 145.000 gulden.

Hierbij behoorden vele landerijen en hofsteden in Bunnik en Vechten, Rhijnauwen, Oud-Wulven en Maarschalkerweerd.

Jan Pieter had Nieuw- en Oud-Amelisweerd daarvoor in 1810 van Koning Lodewijk Napoleon gekocht. Dit was waarschijnlijk bedoeld om hem van dienst te zijn en destijds snel van zijn onroerend goed vermogens in de Nederlanden af te komen. Jan Pieter heeft in de periode dat hij Nieuw- en Oud-Amelisweerd in eigendom had nog geprobeerd de landhuizen te verhuren. Dit is naar alle waarschijnlijkheid niet gelukt, zo te zien is aan zijn korte eigendomsstaat.

Jan Pieter van Wickevoort Crommelin was President der Nationale Conventie, kanselier van het Koninkrijk Holland en lid van de eerste Kamer der Staatsraad.

Hij was gehuwd met Catharina van Lennep te Heemstede (Noord-Holland) op 24 oktober 1790.

Het echtpaar had 3 kinderen: Jan Pieter Adolf van Wickevoort Crommelin, Henri Samuel van Wickevoort Crommelin en Maria Catharina van Wickevoort Crommelin.


Handtekeningen van Jan Pieter Wickevoort Crommelin en Jhr. Paulus Wilhelmus Bosch van Drakestein onder de notariële akten voor notaris van Ommeren te Utrecht om de koop te bevestigen van Nieuw- en Oud-Amelisweerd op 26 augustus 1811. Bron: Het Utrechts Archief 34-4 Notarissen in de stad Utrecht U320b010 1811 Blz. 288 Aktenummer: 64.Handtekeningen van Jan Pieter Wickevoort Crommelin en Jhr. Paulus Wilhelmus Bosch van Drakestein onder de notariële akten voor notaris van Ommeren te Utrecht om de koop te bevestigen van Nieuw- en Oud-Amelisweerd op 26 augustus 1811. Bron: Het Utrechts Archief 34-4 Notarissen in de stad Utrecht U320b010 1811 Blz. 288 Aktenummer: 64.



Wapen van landgoed Nieuw-Amelisweerd vastgesteld door de Hoge Raad van Adel op donderdag 25 juli 1822. Na diverse briefwisselingen met de raad van Adel afkomstig van Paul Bosch op de datums: 22 maart 1815, 7 november 1820 en 13 juni 1822 kreeg Paul Bosch van Drakestein wat hij hebben wilde een wapen voor zijn landgoed Nieuw-Amelisweerd. Beschrijving wapen: Wapen van landgoed Nieuw-Amelisweerd vastgesteld door de Hoge Raad van Adel op donderdag 25 juli 1822. Na diverse briefwisselingen met de raad van Adel afkomstig van Paul Bosch op de datums: 22 maart 1815, 7 november 1820 en 13 juni 1822 kreeg Paul Bosch van Drakestein wat hij hebben wilde een wapen voor zijn landgoed Nieuw-Amelisweerd. Beschrijving wapen: "In goud drie zwarte hanen met roode lellen en kammen". Wapen: Wikipedia.


Wapen van landgoed Oud-Amelisweerd vastgesteld door de Hoge Raad van Adel op donderdag 25 juli 1822. Na diverse briefwisselingen met de raad van Adel afkomstig van Paul Bosch op de datums: 22 maart 1815, 7 november 1820 en 13 juni 1822 kreeg Paul Bosch van Drakestein wat hij hebben wilde een wapen voor zijn landgoed Oud-Amelisweerd. Beschrijving wapen: Wapen van landgoed Oud-Amelisweerd vastgesteld door de Hoge Raad van Adel op donderdag 25 juli 1822. Na diverse briefwisselingen met de raad van Adel afkomstig van Paul Bosch op de datums: 22 maart 1815, 7 november 1820 en 13 juni 1822 kreeg Paul Bosch van Drakestein wat hij hebben wilde een wapen voor zijn landgoed Oud-Amelisweerd. Beschrijving wapen: "Golvend gedwarsbalkt van acht stukken van goud en rood". Wapen: Wikipedia.



Bosch van Drakesteinlaan


Het Utrechtsch Nieuwsblad van 26 november 1953. Bron: krantenbank Het Utrechts Archief.Het Utrechtsch Nieuwsblad van 26 november 1953. Bron: krantenbank Het Utrechts Archief.

In 1953 en 1954 werd ten westen van het fort Lunet I aan de Koningsweg het uitbreidingsplan Krommerijn gerealiseerd.

Bij deze naoorlogse stadsuitbreiding werden diverse appartementen en huizenblokken gebouwd. Al in de jaren dertig van de twintigste eeuw was Utrecht in gesprek met het ministerie van Oorlog om in de omgeving van 'De Vier Lunetten op de Houtense Vlakte' te kunnen bouwen. Maar door de wet op de Verboden Kringen uit midden negentiende eeuw, was het bijna onbegonnen werk en ook verboden om binnen bepaalde afstanden van de Nieuwe Hollandse Waterlinie forten te bouwen.

Pas na het opheffen van de Kringenwet in 1952 kon Utrecht beginnen met zijn zo gewenste stadsuitbreiding aan de oostkant van de stad. Dit betrof dus het uitbreidingsplan Krommerijn.

Op 18 november 1953 werd bij besluit van de gemeentesecretaris J. de Lange en burgemeester Jhr. C.J.A. de Ranitz van de gemeente Utrecht de diverse straatnamen van het uitbreidingsplan Krommerijn vastegsteld. Het betrof de volgende straatnamen: Adriaen van Ostadelaan, Tamboersdijk, Kranenburgerweg, Kozakkenweg, Fransestraat, Bosch van Drakesteinlaan en het Lodewijk Napoleonplantsoen.

Het Utrechtsch Nieuwsblad van 26 november 1953 schreef over de nieuwe straatnamen van de stad het volgende:

STADSNIEUWS

Straatnamen in Krommerijnplan.

Burgemeester van wethouders van Utrecht hebben namen gegeven aan een aantal straten in het uitbreidingsplan Krommerijn.
De straat gelegen in het verlengde van de Adriaen van Ostadelaan, tot het punt waar deze afbuigt en zich voortzet evenwijdig aan de Rijksweg nr. 22, (Waterlinieweg) wordt eveneens Adriaen van Ostadelaan. De straat gaande van het einde van de Adriaen van Ostadelaan zoals hierboven omschreven, in ongeveer
zuidwestelijke richting evenwijdig aan de Rijksweg nr. 22 tot aan de Koningsweg, wordt Tamboersdijk. De straat, die van de Koningsweg, getekend van de spoorwegovergang af de eerste zijnstraat zal zijn in ongeveer noordoostelijke richting, wordt Kranenburgerweg.
De straat, die ten zuidoosten van de Kranenburgerweg evenwijdig daaraan zal lopen, zal Kozakkenweg heten.

Luchtfoto van het Lodewijk Napoleonplantsoen te Utrecht, uit het noordoosten; rechts de Bosch van Drakesteinlaan, de Fransestraat en de Kozakkenweg; op de achtergrond de Koningsweg in juni 2004. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 40072.Luchtfoto van het Lodewijk Napoleonplantsoen te Utrecht, uit het noordoosten; rechts de Bosch van Drakesteinlaan, de Fransestraat en de Kozakkenweg; op de achtergrond de Koningsweg in juni 2004. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 40072.

De straat, die gerekend van de Koningsweg af de eerste verbinding zal vormen tussen de Kranenburgerweg en de Kozakkenweg, evenals op deze
straat uitkomende toegangspaden tot woningblokken, wordt Fransestraat.
De straat, die ten noorden van de Fransestraat evenwijdig daaraan zal lopen, wordt Bosch van Drakesteinlaan.

De straten en de toegangspaden tot woningblokken aan te leggen op het terrein, begrensd door de Kozakkenweg, de Krommerijn, de Tamboersdijk en de Koningsweg,
krijgen de naam Lodewijk Napoleonplantsoen. De namen Tamboersdijk en Kranenburgerweg zijn historische benamingen. De eerste is gelijkduidend aan de in de volksmondbekende benamingen van een ongeveer daar gelegen landweg, terwijl de Kranenburgerweg is genoemd naar de buurtschap en  molen, vanouds bekend onder de naam ,,Kranenburg". Met de overige benamingen wordt de herinnering levendig gehouden aan de Franse tijd. Op 28 november 1813 kwamen de Kozakken te Utrecht en verlieten de Franse troepen de stad.
Jhr. mr. P.W. Bosch van Drakestein was burgemeester van Utrecht in de jaren 1812-1813. Lodewijk Napoleon was Koning van Holland van 1806-1810.


Gezicht op de Kromme Rijn te Utrecht, vanaf de spoorbrug in de Oostspoorlijn, na het verbreden van de rivier en het aanbrengen van nieuwe beschoeiing. Op de achtergrond de Waterloobrug omstreeks 1970-1971. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 45976.Gezicht op de Kromme Rijn te Utrecht, vanaf de spoorbrug in de Oostspoorlijn, na het verbreden van de rivier en het aanbrengen van nieuwe beschoeiing. Op de achtergrond de Waterloobrug omstreeks 1970-1971. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 45976.


Bron: Krantenbank Het Utrechts Archief, archief straatnaamcommissie, gemeente Utrecht, Alice Oosterhoff.

In de gemeente Amsterdam (Prov. Noord-Holland), om precies te zijn in het westen van de stad op de vroegere gemeentegrond van Sloten (1816-1921), bevindt zich het Bosch van Drakesteinpad.

Deze straatnaam is vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam op dinsdag 11 juli 2006.

In de gemeente 's-Hertogenbosch (Prov. Noord-Brabant) in de wijk De Kruiskamp is er een Commissaris Bosch van Drakesteinlaan. Deze is genoemd naar Jhr. Paulus Jan Bosch van Drakestein, die in de tweede helft van de negentiende eeuw Commissaris van de koning en later de koningin was van de provincie Noord-Brabant.

Deze straatnaam is vastgesteld bij raadsbesluit van de gemeente 's-Hertogenbosch op vrijdag 26 maart 1965.

Geschiedenis Landgoed Nieuw-Amelisweerd

Landhuis Nieuw-Amelisweerd op een zondagmiddag septemberdag in 2020 van dichtbij gezien richting het oosten. Foto: Sander van Scherpenzeel.Landhuis Nieuw-Amelisweerd op een zondagmiddag septemberdag in 2020 van dichtbij gezien richting het oosten. Foto: Sander van Scherpenzeel.


Koningslaan 1, 3 en 5

Het witgepleisterde in classicistische stijl opgetrokken buitenhuis, gelegen in het parkbos Amelisweerd is gebouwd tussen 1684 en 1707. Omstreeks 1860 heeft het huis het huidige aanzien gekregen. Bij het huis staan het koetshuis dat omstreeks 1750 is gebouwd en een schuurtje ui circa 1900.


Huize Nieuw-Amelisweerd in 1965 net na de verkoop aan de gemeente Utrecht. Bron: Het Utrechts Archief, beeldbank.Huize Nieuw-Amelisweerd in 1965 net na de verkoop aan de gemeente Utrecht. Bron: Het Utrechts Archief, beeldbank.


Geschiedenis

Nieuw-Amelisweerd is in oorsprong een middeleeuws huis, gebouwd op de waarden van de Kromme Rijn. Kort voor 1227 krijgt ridder Amelis van Werden (of de Insula), een stuk grond in leen ter ontginning van het kapittel van Oud-Munster te Utrecht. Naar deze ridder wordt het landgoed genoemd, dat al in de 14de eeuw wordt gesplitst in Oud- en Nieuw-Amelisweerd. Nieuw-Amelisweerd wordt ook Groenewoude genoemd naar Ernst van Groenewoude, die in 1380 met het goed wordt beleend. In 1538 wordt Nieuw-Amelisweerd tot ridderhofstad verklaard. Deze ridderhofstad was een vrij bescheiden omgracht middeleeuws huis van een bouwlaag op een hoge kelderverdieping. Het had een L-vormige plattegrond met drie door schoorstenen bekroonde zijtopgevels en enige aanbouwen in de binnenhoek. De toegang werd gevormd door een houten brug over de gracht.


Landhuis Nieuw-Amelisweerd op een zondagmiddag septemberdag in 2020 van verderaf gezien richting het oosten. Foto: Sander van Scherpenzeel.Landhuis Nieuw-Amelisweerd op een zondagmiddag septemberdag in 2020 van verderaf gezien richting het oosten. Foto: Sander van Scherpenzeel.


In het rampjaar 1672 werd Nieuw-Amelisweerd door de Franse troepen verwoest. Tussen 1682 en 1716 is Hendrik baron van Utenhove, kolonel der infanterie, de nieuwe eigenaar. Hij liet tussen 1684 en 1707 een nieuw huis bouwen, van een verdieping op een onderbouw met een zadeldak tussen tuitgevels. De brede frontgevel werd gedomineerd door een verhoogde middenpartij met pilasters. In plaats van een opvallende midden ingang had het huis twee eenvoudige deuren aan weerszijden van de middenpartij. Het omgrachte terrein met de fundamenten van de middeleeuwse ridderhofstad bleef voor het nieuwe huis liggen. Vermoedelijk liet Van Utenhove voor en achter het huis de eerste bossen aanleggen. In de loop van de 18de eeuw werd het huis met een lage etage verhoogd.

 

 

Gezicht op de brug over de Kromme Rijn ter hoogte van het huis Nieuw Amelisweerd bij Bunnik tussen 1812 en 1816. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 210063.Gezicht op de brug over de Kromme Rijn ter hoogte van het huis Nieuw Amelisweerd bij Bunnik tussen 1812 en 1816. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 210063.


In 1768 erfde Maria Jacoba gravin van Efferen Nieuw-Amelisweerd van haar man Hendrik van Utenhove. Zij hertrouwde in 1771 met Henri Maximilien de St. Simon, markies de Sandricourt. Na dit huwelijk ging Nieuw-Amelisweerd bij testamentaire beschikking van Hendrik van Utenhove, over op zijn neef Maurits Carel van Utenhove. Maria Jacoba van Efferen en haar tweede echtgenoot mochten op Nieuw-Amelisweerd blijven wonen. De markies de Sandricourt was een groot plantenliefhebber. Hij liet in het park o.a. de Sneeuwklokjeslaan aanleggen en zorgde voor de vroeg-landschappelijke parkaanleg, die nog ten grondslag ligt aan de huidige.

In 1808 werd door Maximiliaan Louis baron van Utenhove, zoon van Maurits Carel, Nieuw-Amelisweerd verkocht aan koning Lodewijk Napoleon. Van 1808 tot 1810 was Lodewijk Napoleon eigenaar van zowel Oud- als Nieuw-Amelisweerd. Nieuw-Amelisweerd was bestemd voor zijn manschappen, zelf verbleef hij op Oud-Amelisweerd. Bij beide buitenhuizen werden wijzigingen in Empire-stijl aangebracht, o.a. in de roedeverdeling van de vensters. Voor de tuinen werden door Alexandre Dufour allerlei grootse plannen ontworpen, die echter nooit zijn uitgevoerd. De koning kwam er nauwelijks, hij verbleef meestal op ‘t Loo. 


Gezicht op de Kromme Rijn met op de achtergrond de stad Utrecht uit het zuidoosten tussen 1780 en 1815. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 30791.Gezicht op de Kromme Rijn met op de achtergrond de stad Utrecht uit het zuidoosten tussen 1780 en 1815. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 30791.


In 1810 werden Oud- en Nieuw-Amelisweerd openbaar verkocht. Koper was J. P. Wickevoort Crommelin, mogelijk om de afgezette koning van dienst te zijn. Een jaar later verkocht hij beide Amelisweerden voor ƒ145.000,- aan Paulus Willem Bosch van Drakestein, burgemeester van         Utrecht. Na diens dood in 1834 werden beide verdeeld onder zijn zoons. Zijn kleinzoon Henricus Cornelis Bosch van Drakestein liet omstreeks 1860 het huis wit pleisteren volgens de laatste mode en met twee vleugels aan de achterzijde uitbreiden. In het park werden belangrijke wijzigingen aangebracht. In 1964 is Nieuw-Amelisweerd eigendom van de gemeente Utrecht geworden.


Kaart van de landgoederen Nieuw-Amelisweerd en Oud-Amelisweerd uit het jaar 1808. Kaart is tevens nog in het bezit van familie Bosch van Drakestein.Kaart van de landgoederen Nieuw-Amelisweerd en Oud-Amelisweerd uit het jaar 1808. Kaart is tevens nog in het bezit van familie Bosch van Drakestein.


De markies de Sandricourt was een groot plantenliefhebber. Hij liet in het park o.a. de Sneeuwklokjeslaan aanleggen en zorgde voor de vroeg-landschappelijke parkaanleg, die nog ten grondslag ligt aan de huidige, en werd het park voor publiek opengesteld. Het hoofdgebouw is in 1984 geschikt gemaakt voor zogenaamde Van Dam wooneenheden.

Het Parkbos

Nieuw-Amelisweerd lag in de 17de en begin 18de eeuw temidden van wei- en bouwland. Van de oorspronkelijke oerbossen en hei was door ontginning en houtkap niet veel overgebleven. Er lag aan de zuidzijde naast het hoofdgebouw een moestuin. Vermoedelijk omstreeks het midden van de 18de eeuw is hier het koetshuis annex tuinmanswoning en orangerie neergezet. Hendrik van Utenhove is waarschijnlijk begonnen met de aanleg van de eerste bossen. Een beschrijving uit 1772 vermeldt de aanwezigheid van boomaanplant, waartoe het sterrebos behoorde, gelegen voor het huis aan de overzijde van de Kromme Rijn, tegenwoordig het Markiezenbos genoemd naar Markies de Sandricourt.


Gezicht op het bos van Nieuw-Amelisweerd tussen Utrecht en Bunnik met daarvoor een vlak (heide)landschap in 1747. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 38021.Gezicht op het bos van Nieuw-Amelisweerd tussen Utrecht en Bunnik met daarvoor een vlak (heide)landschap in 1747. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 38021.


Deze aanleg met zijn drie lanen die in een punt samenkomen (zgn. patte d'oie-ganzevoet), behoort tot de geometrische periode in de tuinkunst. Een van deze lanen was gericht op de Domtoren. De middelste laan, de oorspronkelijke oprijlaan, die langs de zijkant van de oude ridderhofstad en langs het latere nieuwe huis voerde, werd gehandhaafd als toegangsweg. Parallel aan deze laan werd een zichtlaan toegevoegd in de as van het nieuwe huis. Dit is de nog bestaande Sneeuwklokjeslaan.


Catalogusnummer 38630Gezicht op de Kromme Rijn te Utrecht met twee boerderijen op de noordelijke oever, links een bruggetje over de uitmonding van de Oudwulvense Wetering en op de achtergrond de molen op de Bijlhouwerstoren en de Domtoren tussen 1757 en 1759. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 38630.


Kort na 1771 werd door Markies de Sandricourt het park uitgebreid met boomgroepen en bloemdragende heesters in de landschapsstijl die in opkomst was. De voor het huis gelegen vierkante gracht met fundering van de oude ridderhofstad werd gewijzigd in een ronde viskom, die in de 19de eeuw zou worden gedempt. Uit deze periode dateren waarschijnlijk ook de ronde vijver in het bos achter het huis, met restanten van naar verschillende kanten uit waaierende paden en de slingervijver. Dit evenals het eilandje (oorspronkelijk drie naast elkaar) in de Kromme Rijn ten zuidwesten van het huis. De Saint Simon is waarschijnlijk ook degene geweest, die de wilde hyacinten, sneeuwklokjes e.d. heeft geïntroduceerd, die we aantreffen in het parkbos. Omstreeks 1860 werd in opdracht van H .P.C. Bosch van Drakestein de tuin verder in landschapsstijl aangepast.


Gezicht in het bos van Nieuw-Amelisweerd tussen Utrecht en Bunnik met de Kromme Rijn ter hoogte van de toegangsbrug tot het huis, uit het noorden. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnnumer: 38020.Gezicht in het bos van Nieuw-Amelisweerd tussen Utrecht en Bunnik met de Kromme Rijn ter hoogte van de toegangsbrug tot het huis, uit het noorden. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnnumer: 38020.


De oprijlaan werd iets naar het noorden verlegd, zodat men met een bocht bij het huis uitkwam. De oude brug werd vervangen door de huidige en voorzien van decoratieve gietijzeren balustrades. Door het graven van een sloot tussen de Kromme Rijn en het Keukenwater ontstond een belangrijke zichtas op de Kromme Rijn en een eilandje, waarop een tuin in landschappelijke stijl werd aangelegd. Een brug gaf toegang tot dit eilandje. Vanuit het huis waren naar alle zijden uitzichten mogelijk. Omstreeks 1889 ontwierp de tuinarchitect L. Springer nog een uitbreiding voor het park ten zuiden van het huis, aan weerszijden van de Kromme Rijn. Het ontwerp werd niet letterlijk uitgevoerd.


Gezicht op het landgoed Nieuw-Amelisweerd te Bunnik in 1901. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 79896.Gezicht op het landgoed Nieuw-Amelisweerd te Bunnik in 1901. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 79896.


Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd het bos ernstig beschadigd. Het huis werd door de Duitsers ontruimd en de gietijzerenbrug opgeblazen. Later zou deze weer worden hersteld. In 1945 werd het gebied onder water gezet, waardoor een groot aantal beuken dood zijn gegaan. Bij de aanleg van de Rijksweg 27 door het westelijk deel van het parkbos is een deel gekapt en is de hoofdingang met de portierswoning (in 1978 gesloopt) komen te vervallen. De Sneeuwklokjeslaan is recentelijk hersteld en vormt de belangrijkste zichtas op het hoofdgebouw. Ten noorden van het parkbos ligt een weide-gebied met aan de Kromme Rijn de monumentale 17de eeuwse krukhuisboerderij ’De Boeije‘, oorspronkelijk een pachtboerderij bij Nieuw-Amelisweerd. Vanaf de boerderij loopt een pad naar het hoofdgebouw.


Portret van Louis Napoleon Bonaparte (1778-1846), koning van Holland (1806-1810), echtgenoot van Eugenie Hortense de Beauharnais (1783-1837). Schilderij bevindt zich in het Rijksmuseum te Amsterdam.Portret van Louis Napoleon Bonaparte (1778-1846), koning van Holland (1806-1810), echtgenoot van Eugenie Hortense de Beauharnais (1783-1837). Schilderij bevindt zich in het Rijksmuseum te Amsterdam.


Landgoed Nieuw-Amelisweerd of Groenewoude ingetekend in 1674 in het kaartenboek van het Leeuwenberg gasthuis te Utrecht. Amelisweerd was vanaf de zestiende eeuw tot aan 1722 in pacht bij het Leeuwenberg gasthuis. Eigendom van de 'Heer van Amelisweerd' was dus niet helemaal zijn eigendom. Bron: Het Utrechts Archief, 709, 2228.Landgoed Nieuw-Amelisweerd of Groenewoude ingetekend in 1674 in het kaartenboek van het Leeuwenberg gasthuis te Utrecht. Amelisweerd was vanaf de zestiende eeuw tot aan 1722 in pacht bij het Leeuwenberg gasthuis. Eigendom van de 'Heer van Amelisweerd' was dus niet helemaal zijn eigendom. Bron: Het Utrechts Archief, 709, 2228.



Beschrijving

Het U-vormige, witgepleisterde herenhuis ligt met de voorzijde naar de Kromme Rijn. De symmetrisch ingedeelde voorgevel is acht traveeën breed en voorzien van een licht risalerende middenpartij met twee brede schuifvensters, waarvoor een houten veranda is geplaatst. De veranda heeft een zwart/rode tegelvloer en dubbele houten ionische zuiltjes, die roeden bovenlichten  dragen. Tevens is de kroonlijst versierd met een tandlijst. Aan weerszijden van de veranda zijn twee schuifvensters, waartussen openslaande deuren met bovenlichten. Op de verdieping zien we acht 4-ruitsschuifvensters. Alle vensters zijn voorzien van Louvre-luiken.

De voorgevel krijgt extra nadruk door het sierpleisterwerk in de vorm van strekken, paneellisenen als hoekmarkering en een paneelfries onder de overdragende houten dakgoot, die gedragen wordt door voluut-klossen. De achtergevel is a-symmetrisch en heeft twee uitgebouwde hoekvleugels, waarvan de linker smaller en minder diep is dan de rechter. In het midden van de achtergevel is een ingang gemaakt. Op de verdieping is ter hoogte van het trappenhuis een drielichtsvenster aangebracht.


Gezicht op de achtergevel van het huis Nieuw-Amelisweerd (Koningslaan 1) te Bunnik in 1963. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 79895.Gezicht op de achtergevel van het huis Nieuw-Amelisweerd (Koningslaan 1) te Bunnik in 1963. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 79895.


Ten zuid-oosten van het hoofdgebouw staat het koetshuis, annex koetsiers- en tuinmanswoning. Aan de ene korte zijde van het rechthoekige gebouw bevindt zich de symmetrische witgepleisterde voorgevel van het koetshuis met twee dubbele koetshuis deuren in een toogveld. Hierboven is een dakhuis aangebracht met een zolderluik naar de hooizolder. Het dakhuis dat door de daklijst heen breekt is voorzien van een topgevel en een overdragend zadeldak, gedragen door houten schoren. Aan de andere zijde bevindt zich de symmetrische voorgevel van de tuinmanswoning, met een centraal geplaatste ingang, geflankeerd door een 18 de eeuws roeden schuifvenster. De linker lange zijgevel wordt onderbroken door de witgepleisterde voorgevel van de koetsierswoning, voorzien van imitatie vakwerk en een door de daklijst heen brekende topgevel met een zadeldak haaks op het hoofddak. 


Gezicht op het boswachtershuis Koningsweg 372-374 te Utrecht, bij de oprijlaan naar het huis Nieuw-Amelisweerd, kort voor de afbraak in 1978. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 825467.Gezicht op het boswachtershuis Koningsweg 372-374 te Utrecht, bij de oprijlaan naar het huis Nieuw-Amelisweerd, kort voor de afbraak in 1978. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 825467.


Nieuw-Amelisweerd in Tweede Wereldoorlog (WOII)

In de oorlog hebben de bossen van Oud- en
Nieuw-Amelisweerd ernstig geleden. Er zijn veel
bomen gekapt om als brandstof te dienen. Het
bos bood bescherming aan troepen en voorraden en werd daardoor het doelwit voor V 1's. Bovendien sloten de Duitsers in 1945 de Kromme Rijn af. als gevolg waarvan het bos  blank kwam te staan en veel bomen verdronken, waaronder hele kersenboomgaarden, 
Veel oude iepen werden getroffen door de iep-
ziekte.

Bron: Maandblad van Oud-Utrecht 1971, Jhr. Maurie Bosch van Drakestein.


De ingang tot de woning, die onderkelderd is, ligt hoger in een inpandig portiek en is via een trapje te bereiken. Tegen de rechter zijgevel was oorspronkelijk de orangerie, die in 1929 is gesloopt, aangebouwd. In het metselwerk van beide lange zijgevels zijn nog oude raamtracéringen zichtbaar. Vlakbij het koetshuis staat grenzend aan de voormalige moestuin een bergschuurtje, dat opgetrokken is in gele baksteen met horizontale banden in rode baksteen. Langs de rand van het zadeldak zijn gestoken windveren aangebracht. Het is deels in gebruik als schaft lokaal voor de tuinlieden en deels als schapenstal.

Bron: Bunnik Geschiedenis en Architect, Saskia van Ginkel-Meester, 1989, Kerckebosch Uitgeverij.


Bewoners Landgoed Nieuw-Amelisweerd in de zomer van 1849

Gemeente Rhijnauwen:

Verkoop Nieuw-Amelisweerd Maandag 13 april 1964 Utrechtsch Nieuwsblad P.18. Bron: Het Utrechts Archief, krantenbank.Verkoop Nieuw-Amelisweerd Maandag 13 april 1964 Utrechtsch Nieuwsblad P.18. Bron: Het Utrechts Archief, krantenbank.

Huisnummer: 10 ...Landgoed Nieuw-Amelisweerd

1.   Jhr. Willem Bosch van Drakestein ... 51 jaar (M) ... Lid van de gemeenteraad van Utrecht.

2.   Joanna Sara ten Hagen ... 47 jaar (V) ... (Geen).

3.   Jhr. Henricus Paulus Cornelis Bosch van Drakestein ... 10 jaar (M) ... Schoolleerling.

4.   Gerrit Verhoef ... 30 jaar (M) ... Koetsier.

5.   Alijda Schouten ... 25 jaar (V) ... Keukenmeid.

6.   Johanna Woudenberg ... 25 jaar (V) ... Werkmeid.

7.   Johanna Antonia van Rossum ... 23 jaar (V) ... Gouvernante of Bonne.

8.   Johanna Hermina ten Hagen ... 26 jaar (V) ... (Geen).

Huisnummer: 11 ... Landgoed Nieuw-Amelisweerd

1.   Antonnis van Kesteren ... 30 jaar (M) ... Tuinbaas.

2.   Johanna van Zijl ... 27 jaar (V) ... (Geen).

3.   Jacobus van Kesteren ... 3 jaar (M) ... (Geen).

4.   Geertruida van Kesteren ... 1 jaar (V) ... (Geen).

Bron: Regionaal Archief Zuid-Utrecht (RAZU), Wijk bij Duurstede. Toegang 218 Gemeentebestuur Rhijnauwen 1816-1857 (1919) (51).


Jhr. Henricus Paulus Cornelis Bosch van Drakestein

Portret van Jhr. Henricus Paulus Cornelis Bosch van Drakestein (1839-1914). Bron: RKD – Nederlands Instituut voor Kunstgeschiedenis, Den Haag.Portret van Jhr. Henricus Paulus Cornelis Bosch van Drakestein (1839-1914). Bron: RKD – Nederlands Instituut voor Kunstgeschiedenis, Den Haag.

Jhr. Henricus Paulus Cornelis Bosch van Drakestein. Geboren 31 december 1839 te Huize Nieuw-Amelisweerd, Bunnik (Utrecht) en overleden 17 augustus 1914 te Huize Nieuw-Amelisweerd te Bunnik (Utrecht).

Henricus was de zoon van Jhr. Willem Bosch van Drakestein, geboren op 15 augustus 1798 te Utrecht en overleden op 1 september 1853 op Huize Nieuw-Amelisweerd, Rhijnauwen Bunnik. Willem was de oudste zoon was Jhr. Paulus Wilhelmus Bosch van Drakestein.

Henricus moeder was Joanna Sara ten Hagen, geboren op 11 juli 1802 te Utrecht en overleden 8 maart 1863 te Huize Nieuw-Amelisweerd, Bunnik.

Henricus woonde met zijn ouders Willem en Johanna Sara Ten Hagen op de Minrebroederstraat 11.

Henricus was de kleinzoon van Jhr. Paulus Wilhelmus Bosch van Drakestein .

Henricus was lid van de Eerste Kamer der Staten Generaal en kamerheer in buitengewone dienst van koningin Wilhelmina.

Hij werd opgeleid in Katwijk aan de Rijn. Hij was hoogheemraad van 1870 tot 1901 en dijkgraaf van 1901 tot aan zijn overlijden van het Hoogheemraadschap de Lekdijk Bovendams.

In 1880 werd hij gekozen tot lid van de Provinciale Staten van Utrecht en op 11 november 1901 vaardigde dat college hem af naar de Eerste kamer der Staten Generaal. Hij werd benoemd tot Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw en hij bezat het onderscheidingsteken van de Orde van Sint-Gregorius de Grote.

Henricus trad de eerste keer in het huwelijk op 30 april 1861 te Utrecht met zijn nicht Henriëtta Carolina Cecilia Bosch van Drakestein, geboren op 8 juli 1838 te Utrecht.Zij is overleden  op 28 juli 1870 te Huize Nieuw-Amelisweerd, Bunnik (Utrecht) in de leeftijd van 32 jaar.

Henricus en Henriëtte kregen 5 kinderen:

Portret van Jkvr. Henriette Caroline Pauline Cecilia Bosch van Drakestein (1838-1870). Zij was de eerste vrouw van Henricus Paulus Cornelis Bosch van Drakestein. Bron: RKD – Nederlands Instituut voor Kunstgeschiedenis, Den Haag.Portret van Jkvr. Henriette Caroline Pauline Cecilia Bosch van Drakestein (1838-1870). Zij was de eerste vrouw van Henricus Paulus Cornelis Bosch van Drakestein. Bron: RKD – Nederlands Instituut voor Kunstgeschiedenis, Den Haag.

A.   Jhr. Willem Frederik Carel Bosch van Drakestein. Geboren 24 juni 1864 te Utrecht. Overleden 16 juni 1865 te Utrecht.

B.   Jhr. Johannes Ludovicus Paulus Bosch van Drakestein Zie voor verdere uitleg op deze pagina.

C.   Jkvr. Cecilia Henriette Leonie Marie Bosch van Drakestein. Geboren 24 februari 1867 te Huize Nieuw-Amelisweerd, Bunnik. Overleden op 1 november 1930 te Arnhem  (Gelderland). Zij werd 63 jaar. Cecila trouwde in 1889 met Jhr. Paulus Jozefus Aloysius Anacletus Maria van Nispen Tot Sevenaer. Geboren 13 juli 1856 te Arnhem. Overleden op 30 november 1944. Paulus was vrijheer van Kessenich en heer van Hunsel. Hij was lid van de Gedeputeerde Staten van Gelderland. Zij kregen 5 kinderen.

Een van hun zonen en diens zoon (achterkleinzoon van Henricus, Jhr. Paulus Carolus Ignatius Gerardus Maria van Nispen tot Sevenaer) vererven na het overlijden van Henricus in augustus 1914 alle losse landerijen en onroerende goederen van het landgoed Nieuw-Amelisweerd.

D.   Jhr. Hendrik Frederik Bosch van Drakestein. Geboren op 4 augustus 1868 te Huize Nieuw-Amelisweerd, Bunnik (Utrecht). Overleden op 3 april 1869 te Huize Nieuw-Amelisweerd.

E.   Jkvr. Caroline Augusta Bosch van Drakestein. Geboren op 9 juli 1870 te Huize Nieuw-Amelisweerd, Bunnik (Utrecht). Overleden op 10 oktober 1870 te Huize Nieuw-Amelisweerd.

Gezicht op de voorgevel van het Schiller Theater Minrebroederstraat 11 te Utrecht voor 1890 Wijk G nummer 300. In dit huis woonde vader en zoon Jhr. Willem en Henricus Bosch van Drakestein. Henricus verkocht het huis in 1874 aan een nieuwe eigenaar. Voor die tijd had er nog ruim 10 jaar dienstpersoneel van Nieuw-Amelisweerd gewoond. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 805140.Gezicht op de voorgevel van het Schiller Theater Minrebroederstraat 11 te Utrecht voor 1890 Wijk G nummer 300. In dit huis woonde vader en zoon Jhr. Willem en Henricus Bosch van Drakestein. Henricus verkocht het huis in 1874 aan een nieuwe eigenaar. Voor die tijd had er nog ruim 10 jaar dienstpersoneel van Nieuw-Amelisweerd gewoond. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 805140.

Jhr. Hendricus Bosch van Drakestein en zijn moeder Johanna Sara ten Hagen bleven na het overlijden van vader Jhr. Willem Bosch van Drakestein in 1853 op de Minrebroederstraat 11 wonen. Ruim 8 jaar later zou Johanna tezamen met haar dienstbode Wilhelmina Wisman op 16 mei 1861 definitief verhuizen naar Landgoed  Nieuw-Amelisweerd. 

Henricus zou na het vertrek van zijn moeder nog iets meer dan twee jaar in het huis blijven wonen. Hij verhuist van de Minrebroederstraat 11 op 2 juni 1863, om bij zijn moeder op het landgoed Nieuw-Amelisweerd te gaan wonen. Ruim 25 dagen later zou Henricus vrouw (nicht) Henriëtte Bosch van Drakestein, waar hij op 30 april 1861 mee in het huwelijk trad, verhuizen van de Minrebroederstraat 11 naar het landgoed Nieuw-Amelisweerd. Op 27 juni 1863 vond de verhuizing plaats. Het nieuwe echtpaar heeft zich hier definitief gevestigd.

Na deze tijd bleef het huis nog ruim 11 jaar dienst doen als dienstwoning voor het landgoed personeel.

Een beschrijving van twee dienstbodes, die er gewoond hebben aan de Minrebroederstraat 11:

1.   Willemijntje Wisman (geboren op 13 oktober 1838 te Zeist), gekomen op 21 mei 1863 en vertrokken op 12 december 1865 naar huis G444 heden Keizerstraat 4 te Utrecht. Zij is daar in dienst getreden als dienstbode.

2.   Elizabeth Engelina Simons (geboren op 19 november 1827 te Utrecht), gekomen op 22 april 1864 en vertrokken op 9 juni 1864 naar huis C863 in wijk C, een vroegere volksbuurt van Utrecht.

Het laatste dienstpersoneel, dat uit de Minrebroederstraat 11 weg ging, vertrok  op 16 april 1874.

Hierna verkocht Hendricus Bosch van Drakestein het pand in 1874 aan Jacob Gerard Rutgers, die er zich vestigde op 15 mei 1874 samen met zijn gezin.


Jhr. Henricus zittend in zijn kamer op Landgoed Nieuw-Amelisweerd te Bunnik tezamen met zijn tweede vrouw Marguérite Marie Elisabeth Jeanne Ghislaine van de Vin omstreeks 1910. Foto: Familie Bosch van Drakestein.Jhr. Henricus zittend in zijn kamer op Landgoed Nieuw-Amelisweerd te Bunnik tezamen met zijn tweede vrouw Marguérite Marie Elisabeth Jeanne Ghislaine van de Vin omstreeks 1910. Foto: Familie Bosch van Drakestein.


Henricus trad voor de tweede keer in het huwelijk op 28 mei 1872 te Brussel (België) met    Marguérite Marie Elisabeth Jeanne Ghislaine van de Vin. Zij werd geboren op 3 december 1846 te Brussel en overleed op 20 augustus 1929 te Arnhem (Gelderland). Zij was toen 82 jaar oud.


Jhr. Henricus (Hendrik of Henri) Bosch van Drakestein zittend aan een werktafel al rustig te lezen in zijn landhuis Nieuw-Amelisweerd omstreeks 1910. Foto: Familie Bosch van Drakestein.Jhr. Henricus (Hendrik of Henri) Bosch van Drakestein zittend aan een werktafel al rustig te lezen in zijn landhuis Nieuw-Amelisweerd omstreeks 1910. Foto: Familie Bosch van Drakestein.


Tot op de dag van vandaag hebben de nazaten van Henricus en Henriëtte Bosch van Drakestein  (kleinkinderen, achterkleinkinderen en de kinderen daar weer van) in de meeste gevallen in hun roep- of doopnaam de naam Ghislain of Ghislaine bijschreven gekregen in het bevolkingsregister. Dit verwijst naar de doopnaam van de tweede vrouw van Henricus Marguérite Marie Elisabeth Jeanne Ghislaine van de Vin.


Portret van Jhr. H.P.C. Bosch van Drakestein en zijn echtgenote M.M.E.J.G. Bosch van Drakestein-van de Vin in hun huis Nieuw- Amelisweerd. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 827533.Portret van Jhr. H.P.C. Bosch van Drakestein en zijn echtgenote M.M.E.J.G. Bosch van Drakestein-van de Vin in hun huis Nieuw- Amelisweerd. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 827533.


De naam Chislaine heeft een Franse betekenis en betekent 'belofte'.


Jhr. H.P.C. Bosch van Drakestein in 1876. Bron: Nederlands Instituut voor Kunstgeschiedenis, Den Haag.Jhr. H.P.C. Bosch van Drakestein in 1876. Bron: Nederlands Instituut voor Kunstgeschiedenis, Den Haag.


Jhr. H.P.C. Bosch van Drakestein in 1892. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 221257.Jhr. H.P.C. Bosch van Drakestein in 1892. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 221257.


Jhr. H.P.C. Bosch van Drakestein in 1907. Bron: GeheugenvanNederland.nlJhr. H.P.C. Bosch van Drakestein in 1907. Bron: GeheugenvanNederland.nl


Jhr. H.P.C. Bosch van Drakestein in 1905.Jhr. H.P.C. Bosch van Drakestein in 1905.


Diverse portretten van Jhr. Hendrik Bosch van Drakestein die op internet en diverse beeldbanken zijn te vinden.

Jhr. H.P.C. Bosch van Drakestein in 1909. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 104123.Jhr. H.P.C. Bosch van Drakestein in 1909. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 104123.


Jhr. Johannes Ludovicus Paulus Bosch van Drakestein

Jhr. Johannes Ludovicus Paulus Bosch van Drakestein omstreeks 1915.Jhr. Johannes Ludovicus Paulus Bosch van Drakestein omstreeks 1915.

Hij (zoon van Henricus) is geboren op 22 november 1865 te Bunnik op huize Nieuw-Amelisweerd. Van beroep was hij kunstschilder.

Johannes overleed op 9 november 1929 te Bunnik, op huize Nieuw-Amelisweerd. Hij werd 63 jaar oud.

Johannes trouwde op 14  februari 1900 te 's-Hertogenbosch met Jkvr. Lucie Adèle Cornélie Marie Serraris. Lucie werd geboren op 30 mei 1873 te 's-Hertogenbosch (Noord-Brabant). Zij overleed op 9 augustus 1952 te Wassenaar (Zuid-Holland). Lucie werd 79 jaar oud.

Johannes en Lucie woonden vanaf 1900 tot 1924 in Huize Groenwoude, Mereveldseweg 1A (Houten). Huize Groenewoude was onderdeel van het landgoed Nieuw-Amelisweerd (zie verderop deze pagina). Groenewoude kwam na een grenswijziging per 1 janauri 1954 in de gemeente Utrecht te liggen en kreeg het adres Mereveldseweg 1A. Voor die tijd was het huis geadresseerd aan de Mereveldseweg O102 te Houten.

Jkvr. Lucie Adèle Cornélie Marie Serraris. Echtgenote van Jhr. Johannes Ludovicus Paulus Bosch van Drakestein.Jkvr. Lucie Adèle Cornélie Marie Serraris. Echtgenote van Jhr. Johannes Ludovicus Paulus Bosch van Drakestein.

Johannes en Lucie kregen in totaal acht kinderen. Zij zouden na het overlijden van Johannes vanaf 1929 tot 1965 het landgoed in eigendom vererven.

Johannes en Lucie zijn beide begraven op de R.K. Begraafplaats aan de Christiaan Huijgenslaan te Soesterberg (Utrecht). Bron: Online-begraafplaatsen.nl

Lucie haar grootvader Jean Theodore Serraris (1787-1855) trad als militair in Franse dienst, vanaf 1815 in Nederlandse dienst en werd generaal-majoor. Hij werd in 1813 verheven tot Chevalier de l'Empire en bij Koninklijk Besluit van 8 oktober 1842 verheven in de Nederlandse adel.

1.   Jhr. Henri Alexandre Ghislain Theodore Bosch van Drakestein. Geboren op 27 mei 1901 in Houten, Huize Groenewoude. Overleden op 25 januari 1967 te Breda (Noord-Brabant). Hij werd 65 jaar. Hij trouwde de eerste keer in 1951 met Gerardina Aletta Vreeswijk (1913-1981). Zijn tweede huwelijk was in 1961 met Antonia Sophia Henriette de Beer. Zij is geboren op 3 april 1902 en overleden op 21 september 1987. Zij werd 85 jaar. Henri en Antonia zijn beiden begraven op de R.K. Begraafplaats aan de Christiaan Huijgenslaan te Soesterberg (Utrecht). Bron: Online-begraafplaatsen.nl, Genealogieonline.nl

Jkvr. Yvonne Caroline Marguerite Marie Ghislaine Bosch van Drakestein. Bron: boek Van Hollandse wereldbekering tot mondiale verbondenheid. Google Books.Jkvr. Yvonne Caroline Marguerite Marie Ghislaine Bosch van Drakestein. Bron: boek Van Hollandse wereldbekering tot mondiale verbondenheid. Google Books.

2.   Jkvr. Yvonne Caroline Marguerite Marie Ghislaine Bosch van Drakestein. Geboren op 13 april 1903 in Houten, Huize Groenewoude. Zij is overleden op 1 augustus 1994 te Combermere in Canada en is daar begraven. Zij werd 91 jaar. Functies van Yvonne: Oud-presidente van de Graal in Engeland, Vrouwe van Nazareth. Bron: Delpher.nl 03-08-1994.

3.   Jhr. René Paul Ignace Ghislain Bosch van Drakestein. Geboren 20 december 1904 in Houten, Huize Groenewoude (zie voor verdere uitleg deze pagina).

4.   Jhr. Louis Ignace Corneille Ghislain Marie Bosch van Drakestein. Geboren op 8 mei 1906 in Houten, Huize Groenewoude. Overleden op 26 janauri 1982 te Huis ter Heide (Utrecht).  Hij werd 75 jaar. Bron: Uwstamboomnonline.nl.

Louis trouwde op 14 januari 1947 te Bloemendaal met Johanna Francisca Maria Everard. Zij is geboren op 11 maart 1913 te Bloemendaal (Noord-Holland)  en overleden op 31 december 2003 te Zeist (Utrecht). Zij werd 90 jaar. Bron: Geneaweb.nl. 

Functies Louis: directeur VVV Zeist, reserve majoor cavalerie. Bron: Genealogieonline.nl. 

Louis en Johanna zijn beide begraven op de R.K. Begraafplaats aan de Christiaan Huijgenslaan te Soesterberg (Utrecht). Bron: Online-begraafplaatsen.nl. 

Kinderen:

Jhr. Louis Bosch van Drakestein tijdens zijn afscheid als directeur van de VVV Zeist. Bron: Zeister Historische Genootschap. Nieuwe Zeister Courant van 15 september 1971.Jhr. Louis Bosch van Drakestein tijdens zijn afscheid als directeur van de VVV Zeist. Bron: Zeister Historische Genootschap. Nieuwe Zeister Courant van 15 september 1971.

A.   Jhr. Paul Gislain Lucien Bosch van Drakestein. Geboren op 9 augustus 1952 te Huis ter Heide (Utrecht).

B.   Jhr. Lodewijk R. Bosch van Drakestein. Hij is geboren in 1956.

Bronnen: A en B Delpher.nl NRC Handelsblad 28-01-1982 A Delpher.nl Algemeen Handelsblad 11-08-1952 B Volkskrant.nl

 


5.   Jkvr. Jeanne Monica Ghislaine Bosch van Drakestein. Geboren 1 september 1907 in Houten, Huize Groenewoude (zie voor verdere uitleg deze pagina).

Jhr. Everard Willem Jacob van Weede (1912-2000). Heer van Dijkveld, Rateles, Lutteke en Weede. Uit: “Van macht naar folklore. Heerlijkheden in Zuid-Holland na de Franse Tijd. P. de Jong” en familie Van Weede.Jhr. Everard Willem Jacob van Weede (1912-2000). Heer van Dijkveld, Rateles, Lutteke en Weede. Uit: “Van macht naar folklore. Heerlijkheden in Zuid-Holland na de Franse Tijd. P. de Jong” en familie Van Weede.

6.   Jkvr. Caroline Beatrice Ghislaine Marie Bosch van Drakestein. Zij is geboren op 15 juni 1910 in Houten, Huize Groenewoude en overleden op 9 juli 1989 te Vugt (Noord-Brabant) in de leeftijd van 79 jaar. Caroline ging in ondertrouw in maart 1940 met Jhr. Everard Willem Jacob van Weede van Dijkveld te Dordrecht. 

Bron: Het Utrechts Archief.nl Utrechtsch Nieuwsblad 30-03-1940. Hij is geboren op 14 juli 1912 te Zeist, Utrecht en overleden op 30 maart 2000 te Baarn, Utrecht. Hij werd 87 jaar. Het paar trouwde op 19 april 1940 te Huize Nieuw-Amelisweerd, Bunnik (Utrecht). 

Bron: Burgerlijke Stand, gemeente Bunnik, Het Utrechts Archief.nl. Functies Everard: directeur N.V. 's-Hertogenbossche Brandwaarborg Mij. van 1841. 

Bron: Genealogieonline.nl. Caroline en Everard liggen begraven op het R.K. kerkhof van de Heilige Hartparochie. Mr. Loeffplein te Vugt (Noord-Brabant).

Kinderen:

A.   Jkvr. Lucia Adele Ilona Elisabeth Maria van Weede van Dijkveld. Geboren 1941 - Overleden 1941.

B.   Jkvr. Lucie I.B.H.M van Weede van Dijkveld. Geboren 15 oktober 1943 te 's-Hertogenbosch - Overleden 18 februari 2014 te Beesterzwaag.

C.   Jhr. Maurits van Weede van Dijkveld

D.   Jkvr. Ilona R.A.M.G. van Weede van Dijkveld

E.   Jhr. Winfried S.P.M. van Weede van Dijkveld. Geboren in 1944. Bron: TW

F.   Jhr. Steven R.K.M van Weede van Dijkveld

Bronnen: A - Genealogieonline.nl B, C, D,  E, F Delpher.nl NRC Handelsblad 10-07-1989 B, D, E, F Mensenlinq.nl Leeuwarder Courant.

Tekening 'Bomen in Nieuw-Amelisweerd', 1931: O.I. inkt op papier door Patrick Bakker (1910-1932). Patrick bracht graag zijn uren door op het landgoed Nieuw-Amelisweerd en was een goede vriend van Jhr. René Bosch van Drakestein. Tekening bevindt zich in privé bezit. Foto: Wikipedia.Tekening 'Bomen in Nieuw-Amelisweerd', 1931: O.I. inkt op papier door Patrick Bakker (1910-1932). Patrick bracht graag zijn uren door op het landgoed Nieuw-Amelisweerd en was een goede vriend van Jhr. René Bosch van Drakestein. Tekening bevindt zich in privé bezit. Foto: Wikipedia.

7.   Jhr. Maurice Auguste Marie Ghislain Bosch van Drakestein. Geboren op 22 september 1912 in de gemeente Houten, Huize Groenewoude en  overleden op 15 mei 1984 in Utrecht. Hij werd 71 jaar. Maurice verloofde zich in juni 1942 met Hilde M.J. Möller. 

Bron Delpher.nl De Limburger Koerier 26-06-1942. Hilde is geboren op 13 janauri 1920 in Nijmegen  (Gelderland)  en is overleden op 11 oktober 2004. Zij werd 84 jaar. 

Bron: brigittegastelancestry.com. Hij ging met haar in ondertrouw in juli 1944 en trouwde uiteindelijk in augustus 1944. Bron Delpher.nl Nieuwe Tilburgsche Courant 01-08-1944 en bron: Delpher.nl De Nieuwe Tilburgsche Courant 22-08-1944. 

Functies: econoom in 1954, secretaris Vereniging Het Grondbezit, Gratie- en Devotieridder Malthezer Orde. Bron: Genealogieonline.nl. Maurice en Hilde zijn beiden begraven op de R.K. Begraafplaats aan de Christiaan Huijgenslaan te Soesterberg (Utrecht). Bron: Online-begraafplaatsen.nl

Kinderen:

A.   Jhr. Lodewijk Bosch van Drakestein. Geboren in 1946. Bron: Google, FB, familie informatie.

B.   Jhr. Maurits C.H. Bosch van Drakestein.

C.   Jkvr. Ghislaine Jeanne Adrienne Bosch van Drakestein - Stratenus. Geboren op 1 juli 1949 te Utrecht. Bron: Kloek-genealogie.nl

D.   Jkvr. Reneé M.L.Th. Bosch van Drakestein - Lith de Jeude. Bron: Regionaal Archief Rivierenland te Tiel, archief 0415, 686 en FB

E.   Jkvr. Cecile Bosch van Drakstein. Geboren op 4 januari 1951 en  overleden op 25 december 2011. Bron: Online-familieberichten.nl.


Gezicht op de voorgevels van de huizen Oudenoord 73 links en lager te Utrecht. In 1950 woonde Jhr. Maurice A. M. G. Bosch van Drakestein op de Oudenoord 65. In 1941 zijn de woningen gebouwd en later gesloopt. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 68171.Gezicht op de voorgevels van de huizen Oudenoord 73 links en lager te Utrecht. In 1950 woonde Jhr. Maurice A. M. G. Bosch van Drakestein op de Oudenoord 65. In 1941 zijn de woningen gebouwd en later gesloopt. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 68171.


Gezicht op de flat aan het Fruinplantsoen te Utrecht anno 2019. Flat is gebouwd in 1966. Jhr. Maurice A. M. G. Bosch van Drakestein woonde de laatste jaren van zijn leven in deze flat aan het Fruinplantsoen 27. Bron: Google Maps Streetview.Gezicht op de flat aan het Fruinplantsoen te Utrecht anno 2019. Flat is gebouwd in 1966. Jhr. Maurice A. M. G. Bosch van Drakestein woonde de laatste jaren van zijn leven in deze flat aan het Fruinplantsoen 27. Bron: Google Maps Streetview.



Van Boetzelaer drie generaties, Carel Wessel Theodorus (1873-1956), Constant Wilhelm (1915-1996) en Floris (1951), heren van Asperen. Uit: “Van macht naar folklore. Heerlijkheden in Zuid-Holland na de Franse Tijd. P. de Jong” en familie Van Boetzelaer.Van Boetzelaer drie generaties, Carel Wessel Theodorus (1873-1956), Constant Wilhelm (1915-1996) en Floris (1951), heren van Asperen. Uit: “Van macht naar folklore. Heerlijkheden in Zuid-Holland na de Franse Tijd. P. de Jong” en familie Van Boetzelaer.

8.   Jkvr. Marguérite Maria Mathilde Octavia Ghislaine Bosch van Drakestein. Geboren op 6 mei 1915 in de  gemeente Houten, Huize Groenewoude en overleden op 2 oktober 2003 te Zwolle (Overijssel). Ze werd 88 jaar. Marguérite trouwde op 21 januari 1947 in Peking (China) met Baron Mr. Constant Wilhelm van Boetzelaer, Heer van Asperen. Geboren op 22 juni 1915, Batavia en overleden op 28 juli 1996. Hij werd 81 jaar. Functies: ambassaderaad, consul-generaal der Nederlanden te Frankfurt am Main, gevolmachtigd minister te Londen en chef directie Vo.

Kinderen:

A.   Coenraad Carel Vincent Baron van Boetzelaer. Geboren op 11 maart 1948 in Naking (China) en overleden op 11 maart 1950 in Den Haag (Zuid-Holland).

B.   Floris Baron van Boetzelaer van Asperen. Geboren op 4 januari 1951 in Washington (US).

C.   Pieter Alexander Baron van Boetzelaer. Geboren op 8 juli 1952 in Washington.

D.   Drs. Odilia Dorothée Barones van Boetzelaer. Geboren op 15 oktober 1953 in Washington.

Bronnen: onlinegenealogie.nl, brigittegastelancestry.com.

Marguérite en haar echtgenoot Constant met hun jongste zoon Coenraad liggen begraven op begraafplaats Den en Rust, Frans Halslaan in Bilthoven (Utrecht). Bron: Online-begraafplaatsen.nl.


Jhr. René Paul Ignace Ghislain Bosch van Drakestein

Jhr. René Paul Ignace Ghislain Bosch van Drakestein. Bron: Regionaal Archief Zuid-Utrecht (RAZU), gemeente archief Bunnik, jachtvergunningen.Jhr. René Paul Ignace Ghislain Bosch van Drakestein. Bron: Regionaal Archief Zuid-Utrecht (RAZU), gemeente archief Bunnik, jachtvergunningen.


Mevr. Marie-Anna Jacqueline Bosch van Drakestein-Brouwers (1925-1920). Echtgenote van Jhr. René Paul Ignace Ghislain Bosch van Drakestein. Foto: Website schutterij St. Georgius en St. Sebastianus Beesel.Mevr. Marie-Anna Jacqueline Bosch van Drakestein-Brouwers (1925-1920). Echtgenote van Jhr. René Paul Ignace Ghislain Bosch van Drakestein. Foto: Website schutterij St. Georgius en St. Sebastianus Beesel.



Jhr. René Paul Ignace Ghislain Bosch van Drakestein (zoon van Johannes). Hij werd geboren op 20 december 1904 in Houten.

René trouwde in april 1955 in Beesel met Mevr. Marie-Anna Jacqueline Brouwers. Zij kwam tussen 17 en 19 maart 1955 op het landgoed wonen. 

Mevr. Marie-Anna Jacqueline Brouwers - Bosch van Drakestein werd geboren op donderdag 16 oktober 1924 te Beesel, Limburg. Zij overleed op dinsdag 18 februari 2020, op 95 jarige leeftijd. Ze is begraven op de familiebegraafplaats Onze Lieve Vrouwekerkhof bij de Rooms Katholieke Carolus Borremeuskerk te Soesterberg op maandag 24 februari 2020.

Marie was ruim 45 jaar de douairière (weduwe van Jhr. René). Zij was de laatst nog levende nazaat, die met een van de acht Ghislaine kinderen van Johan Bosch van Drakestein getrouwd was geweest. De eerste Ghislaine overleed in 1967. Met alle aangetrouwde personen van de Ghislaines kwam er in het jaar 2020 een einde aan drie en vijftig jaar meerdere generaties, die betrokken zijn geweest bij de verkoop van het Landgoed Nieuw-Amelisweerd in 1964 aan de gemeente Utrecht.

Het echtpaar kreeg een zoon. Jhr. Jean-Marie Maurice François Ghislain Bosch van Drakestein is geboren op 17 maart 1956 in huize Nieuw-Amelisweerd te Bunnik.

Hun tweede zoon Jhr. René Ghislain Marie Paul Nicolas Bosch van Drakestein werd geboren eind maart 1957.

René was rentmeester van landgoed Nieuw-Amelisweerd en Oud-Amelisweerd, fruitteler en jager.
Hij is overleden op 3 april 1974 in Venlo. Hij werd 69 jaar oud. René is begraven op de R.K. Begraafplaats aan de Christiaan Huijgenslaan in Soesterberg (Utrecht). Bron: Online-begraafplaatsen.nl

René was na het overlijden van zijn vader Johannes tezamen met zijn broers en zussen de beheerder van het landgoed Nieuw-Amelisweerd. Als rentmeester over het landgoed beheerde hij het bos en runde het fruitbedrijf. Ook ging hij regelmatig op jacht.

Bron: Delpher.nl Trouw 20-04-1955.Bron: Delpher.nl Trouw 20-04-1955.

Sinds de jaren veertig van de twintigste eeuw had René ook het beheer over landgoed Oud-Amelisweerd. Het beheer voerde hij uit voor de familie Bosch van Oud-Amelisweerd.  René deed dit, omdat hij al permanent op Nieuw-Amelisweerd woonde en de situatie en de omgeving goed kende.  De laatste in familielijn die landgoed Oud-Amelisweerd in eigendom had, was Jkvr. Maria Thérèse Bosch van Oud-Amelisweerd. Zij trouwde op 20 april 1922 met Felix Hubert Maria Michiels van Kessenich.

Bron: Delpher.nl De Volkskrant 20-03-1956.Bron: Delpher.nl De Volkskrant 20-03-1956.

De familie woonde na de Tweede Wereldoorlog niet meer op Landgoed Oud-Amelisweerd.

Vanaf 1946 huurde de familie De Wijs woonruimte in huize Oud-Amelisweerd. Die situatie bleef ook zo na de verkoop in 1951 aan de gemeente Utrecht, zelfs tot 1989. In dat jaar overleed de weduwe mevr. Theodora de Wijs.
Het huis komt dan vier jaar in beheer van de Stichting Oud-Amelisweerd. Deze Stichting wist te voorkomen, dat bij de boedelverkoop van de meubels van de laatste bewoonster, niet het zeldzame Chinese behang per opbod verkocht werd.

Bron: Delpher.nl De Telegraaf 03-04-1957.Bron: Delpher.nl De Telegraaf 03-04-1957.

Voor die tijd had de gemeente Utrecht al het landgoed Rhijnauwen weten te verwerven in 1919-1920.

Van 1772 tot 1933 woonde de familie Strick van Linschoten van Rhijnauwen op landgoed Rhijnauwen.



Gezicht op de Achterdijk te Bunnik en Vechten, met links het huizenblok Achterdijk 10-lager op 17 november 1996. Gezien vanaf de spoorwegovergang in de Rijnspoorweg Utrecht - Arnhem. De huizen waren tot 1951 het eigendom van familie Bosch van Oud-Amelisweerd en waren in beheer bij Jhr. René Bosch van Drakestein. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 838509.Gezicht op de Achterdijk te Bunnik en Vechten, met links het huizenblok Achterdijk 10-lager op 17 november 1996. Gezien vanaf de spoorwegovergang in de Rijnspoorweg Utrecht - Arnhem. De huizen waren tot 1951 het eigendom van familie Bosch van Oud-Amelisweerd en waren in beheer bij Jhr. René Bosch van Drakestein. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 838509.


René woonde vanaf midden twintigste eeuw met zijn gezin en zijn zus Jkvr. Jeanne Monica Ghislaine Bosch van Drakestein en haar man Jhr. Reyndert Wittert van Hoogland op Nieuw-Amelisweerd.


Gezicht op het huis Klein Amelisweerd tussen Utrecht en Bunnik in 1729. Naar een tekening van L.P. Serrurier. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 201057.Gezicht op het huis Klein Amelisweerd tussen Utrecht en Bunnik in 1729. Naar een tekening van L.P. Serrurier. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 201057.

 

Gezicht in de buurtschap Vechten bij Bunnik tussen 1600 en 1725. Naar een tekening van Jan Stellingwerf. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 804902.Gezicht in de buurtschap Vechten bij Bunnik tussen 1600 en 1725. Naar een tekening van Jan Stellingwerf. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 804902.

 

Gezicht op het terrein bij Vechten waarop het kasteel Wiltenburg heeft gestaan in 1837-1838. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 202081.Gezicht op het terrein bij Vechten waarop het kasteel Wiltenburg heeft gestaan in 1837-1838. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 202081.

 

Gezicht op enkele huizen in de buurtschap Vechten (gemeente Bunnik) tussen 1900 en 1908. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 600110.Gezicht op enkele huizen in de buurtschap Vechten (gemeente Bunnik) tussen 1900 en 1908. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 600110.

 

Gezicht op de Provincialeweg/hoek Marsdijk met bebouwing te Vechten (gemeente Bunnik) uit het westen tussen 1905 en 1910. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 14657.Gezicht op de Provincialeweg/hoek Marsdijk met bebouwing te Vechten (gemeente Bunnik) uit het westen tussen 1905 en 1910. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 14657.

Jkvr. Jeanne Monica Ghislaine Bosch van Drakestein

'Te Utrecht is het huwelijk tusschen Jhr. mr. Wittert van Hoogland en jonkvrouwe Bosch van Drakestein plechtig ingezegend, - Het bruidspaar verlaat de Sint Martinuskerk, gevolg door de bruidsmeisjes, Jkvr. C.B.M.G Bosch van Drakestein en mej. F. Eyck van Zuylichem, en de bruidjonkers Jhr. H.J.M. van Asch van Wijck en jhr. O. Wittert van Hoogland, beiden in uniform. Daarachter jhr. P.J.A.A.M. van Nispen tot Sevenaer, oud-lid der Gedeputeerde Staten van Gelderland, die de bruid de kerk binnenleidde.' Bron Delpher.nl De Telegraaf 20-05-1932.'Te Utrecht is het huwelijk tusschen Jhr. mr. Wittert van Hoogland en jonkvrouwe Bosch van Drakestein plechtig ingezegend, - Het bruidspaar verlaat de Sint Martinuskerk, gevolg door de bruidsmeisjes, Jkvr. C.B.M.G Bosch van Drakestein en mej. F. Eyck van Zuylichem, en de bruidjonkers Jhr. H.J.M. van Asch van Wijck en jhr. O. Wittert van Hoogland, beiden in uniform. Daarachter jhr. P.J.A.A.M. van Nispen tot Sevenaer, oud-lid der Gedeputeerde Staten van Gelderland, die de bruid de kerk binnenleidde.' Bron Delpher.nl De Telegraaf 20-05-1932.


Koetsier met leden van de familie Bosch in de koets omstreeks 1900.Koetsier met leden van de familie Bosch in de koets omstreeks 1900.

Jkvr. Jeanne Monica Ghislaine Bosch van Drakestein werd geboren op 1 september 1907 te Huize Groenewoude in de gemeente Houten. Zij overleed op 17 mei 1989 in Valkenswaard (Noord-Brabant) en werd 81 jaar.

Op 18 mei 1932 trouwde Jkvr. Jeanne Monica Ghislaine Bosch van Drakestein op 24 jarige leeftijd met Jhr. Reyndert Willem Carel Godard Adriaan Wittert van Hoogland. Hij is geboren op 1 januari 1906 in 's-Gravenhage (Zuid-Holland) en is overleden op 19 november 2004 in Valkenswaard  (Noord Brabant). Hij werd 98 jaar.

Functies van Reyndert: Oud-chef Vliegdienst K.N.I.L.M. in Batavia, Oud-hoofdinspecteur K.L.M. en oud-commandant op de vliegbasis Twente (Luitenant Kolonel Vlieger). Bron: Genealogieonline.nl

Het echtpaar kreeg 5 kinderen:

Portret van Jkvr. Ghislaine Genevieve Marie Wittert van Hoogland. Bron: RKD – Nederlands Instituut voor Kunstgeschiedenis, Den Haag.Portret van Jkvr. Ghislaine Genevieve Marie Wittert van Hoogland. Bron: RKD – Nederlands Instituut voor Kunstgeschiedenis, Den Haag.

A.   Jhr. Godard Frederik Reyndert Oscar Wittert van Hoogland, geboren op 24-03-1933 te Utrecht. Overleden op 9 juli 2009 te 's-Gravenhage, Zuid-Holland. Hij werd 76 jaar.
B.   Jhr. Lodewijk Everard Reyndert Godart Wittert van Hoogland, geboren op 26-11-1934 te Utrecht.
C.   Jkvr. Reyndert Monica Lucia Christina Wittert van Hoogland, geboren op 01-07-1936 te Utrecht. Overleden op 13 juni 1999. Zij werd 62 jaar.
D.   Jkvr. Reyndert Wilhelmina Renee Yvonne Maria Wittert van Hoogland,  geboren op 20-01-1938 te Utrecht.
E.   Jkvr. Ghislaine Genevieve Marie Wittert van Hoogland, geboren op 18-09-1941 in Batavia.

Bron: Historischcentrumleeuwarden.nl Parenteel van Cammingha, Pieter van (Heer van AMELAND/grietman Leeuwarderadeel en Tietjerksteradeel/olderman van Leeuwarden/als Pieter Kaminga op de lijst van edelen van Leeuwarderadeel op 05-01-1505) en Genealogieonline.nl

Jeanne Monica en haar echtgenoot Reyndert en hun oudste dochter Monica Lucia liggen begraven op de R.K. Begraafplaats aan de Christiaan Huijgenslaan te Soesterberg, Utrecht. Bron: Online-begraafplaatsen.nl.


Portret van Jhr. Reyndert Willem Carel Godard Adriaan Wittert van Hoogland (1906-2004), Jkvr. Jeanne Monica Ghislaine Bosch van Drakestein (1907-1989) en Jkvr. Monica Lucia Christine Wittert van Hoogland (1936-1999), op de achtergrond huis Nieuw-Amelisweerd in Bunnik. Jeanne Monica Bosch van Drakestein is de zus van Jhr. René Paul Ignace Ghislain Bosch van Drakestein. Bron: RKD – Nederlands Instituut voor Kunstgeschiedenis, Den Haag.Portret van Jhr. Reyndert Willem Carel Godard Adriaan Wittert van Hoogland (1906-2004), Jkvr. Jeanne Monica Ghislaine Bosch van Drakestein (1907-1989) en Jkvr. Monica Lucia Christine Wittert van Hoogland (1936-1999), op de achtergrond huis Nieuw-Amelisweerd in Bunnik. Jeanne Monica Bosch van Drakestein is de zus van Jhr. René Paul Ignace Ghislain Bosch van Drakestein. Bron: RKD – Nederlands Instituut voor Kunstgeschiedenis, Den Haag.


Portret van Jhr. René Bosch van Drakestein (1931) - Pastel. Door Patrick Bakker (1910-1932). Patrick was een goede vriend van René. Patrick schilderde graag op het landgoed Nieuw-Amelisweerd.Portret van Jhr. René Bosch van Drakestein (1931) - Pastel. Door Patrick Bakker (1910-1932). Patrick was een goede vriend van René. Patrick schilderde graag op het landgoed Nieuw-Amelisweerd.

Vanaf midden jaren zestig besloten de Ghislaines hun landgoed ook te verkopen aan de gemeente Utrecht. Waarschijnlijk zal één van de redenen zijn geweest dat de meeste van de kinderen van Ludovicus al ruim in de zestig waren in die tijd. René was tezamen met zijn broers en zussen tussen 1900 en 1910 geboren. De laatste reden was ook dat de gemeente Utrecht zat te azen op het laatste stuk grondgebied aan de oostkant van de stad.

Voor het jaar 1954 behoorde de Lanen van Nieuw-Amelisweerd toe tot het grondgebied van de gemeente Houten, Oud-Wulven/Maarschalkerweerd.

Vanaf 1 janauri 1954 werd om de stad een grote grond annexatie uitgevoerd. Zo werd het noordelijk deel van de gemeenten Jutphaas en Houten bij Utrecht gevoegd. Tevens werd de gemeente Zuilen opgeheven en ook bij de stad gevoegd. Utrecht wilde voor die tijd al heel graag uitbreiden naar de oostkant. Maar werd hierdoor ook belemmerd door het ministerie van Oorlog.

Gezicht op de Koningsweg te Utrecht, uit het noordwesten, vóór de verbreding, met het bruggetje over de Oud-Wulverbroekwetering en daarachter het viaduct in de Rijksweg 22. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer 43389.Gezicht op de Koningsweg te Utrecht, uit het noordwesten, vóór de verbreding, met het bruggetje over de Oud-Wulverbroekwetering en daarachter het viaduct in de Rijksweg 22. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer 43389.

De vier Lunetten op de Houtense Vlakte die liggen aan de Koningsweg en het Houtensepad hadden vanaf de negentiende eeuw tot midden twintigste eeuw te maken met de Verboden Kringen Wet. In deze wet stond dat erin van dat soort kringen rondom forten van de Nieuwe Hollandse Waterlinie niet, nauwelijks tot beperkt gebouwd mocht worden. Voor het geval de vijand uit het oosten kwam moest het landschap leeg gemaakt worden qua huizen en bosschage, zodat er een ruime vlakte was om de vijand te beschieten of te zien aankomen.

Gemeente Utrecht was al in de jaren dertig voor de Tweede Wereld Oorlog in gesprek met het ministerie van Oorlog om verdere uitbreiding aan de zuidoost kant van de stad te verwezenlijk. In de omgeving van de Gansstraat en Koningsweg in Utrecht Tolsteeg.


De 4 Lunetten op de Houtense Vlakte omstreeks 1900.De 4 Lunetten op de Houtense Vlakte omstreeks 1900.


In de diverse dossiers die zijn opgebouwd over de aankoop van het landgoed staat te lezen dat Nieuw-Amelisweerd werd aangekocht door de gemeente Utrecht in het kader van de volkshuisvesting. Iets was in die jaren daarna niet echt is gebleken, omdat er bijna geen huizen op het grondgebied van het landgoed werden gebouwd. Wel werd de rijksweg A27 erop aangelegd vanaf 1982. Dit leverde zeer veel protest op.

Tot op heden wordt door groenwerkers van de gemeente Utrecht, die werken op de landgoederen, Maria Bosch van Oud-Amelisweerd  genoemd als de 'Freule'.


Verkoop Landgoed Nieuw-Amelisweerd in 1964

Landgoed Nieuw-Amelisweerd in 1964 vlak voor de gemeente Utrecht het landgoed voor 2,5 miljoen gulden van familie Bosch van Drakestein (Ghislaine) kocht met alle percelen en vastgoed. De rode vlakken waren de landerijen, die in het bezit van de gemeente Utrecht waren. De  groene vlakken werden aangekocht van de familie.


Landgoed Nieuw-Amelisweerd op de plattegrond van de gemeente Utrecht. Voor de verkoop in 1964 door familie Bosch van Drakestein (Ghislaine).Landgoed Nieuw-Amelisweerd op de plattegrond van de gemeente Utrecht. Voor de verkoop in 1964 door familie Bosch van Drakestein (Ghislaine). Bron: Het Utrechts Archief.

 

Kadasterkaart van de gemeente Houten/Oud-Wulven en Bunnik/Rhijnauwen uit de periode 1920-1921 van de aan te kopen landerijen door de gemeente Utrecht van Jhr. Johan Bosch van Drakestein van Nieuw-Amelisweerd. Landerijen had de gemeente Utrecht nodig voor de ontwikkeling van Sportpark De Grote Kuil, vanaf 1929 Sportpark Maarschalkerweerd geheten. Koop van landerijen ging niet door. Pas in april 1964 zou de gemeente Utrecht het landgoed aankopen. Bron: Het Utrechts Archief, 1007-3.Kadasterkaart van de gemeente Houten/Oud-Wulven en Bunnik/Rhijnauwen uit de periode 1920-1921 van de aan te kopen landerijen door de gemeente Utrecht van Jhr. Johan Bosch van Drakestein van Nieuw-Amelisweerd. Landerijen had de gemeente Utrecht nodig voor de ontwikkeling van Sportpark De Grote Kuil, vanaf 1929 Sportpark Maarschalkerweerd geheten. Koop van landerijen ging niet door. Pas in april 1964 zou de gemeente Utrecht het landgoed aankopen. Bron: Het Utrechts Archief, 1007-3.

 

In rood gearceerd landerijen van boerderij De Boeye tot de tweede helft van de twintigste eeuw een pachtboerderij van het landgoed Nieuw-Amelisweerd en de gemeente Utrecht. In rood gearceerd in erfpacht uitgegeven land en boerderij aan het begin van de jaren tachtig van de twintigste eeuw.. Bron: Het Utrechts Archief, 1007-3.In rood gearceerd landerijen van boerderij De Boeye tot de tweede helft van de twintigste eeuw een pachtboerderij van het landgoed Nieuw-Amelisweerd en de gemeente Utrecht. In rood gearceerd in erfpacht uitgegeven land en boerderij aan het begin van de jaren tachtig van de twintigste eeuw.. Bron: Het Utrechts Archief, 1007-3.

 

Exploitatie- en jaarrekening van Landgoed Nieuw-Amelisweerd

In het voorjaar van 2019 heeft Stichting Houtense Hodoniemen via een veilingwebsite stukken uit het familiearchief van Bosch van Drakestein Ghislaine weten aan te kopen. Het betreft twee kaartjes van het landgoed tussen Utrecht aan de westkant (links) met in het midden het Houtense Maarschalkerweerd/Oud-Wulven en (rechts) in het oosten de gemeente Bunnik en Vechten/Rhijnauwen. Een kaartje is origineel zoals je hieronder ziet. Het tweede kaartje is van overtrekpapier en laat het eerste kaartje zien, maar dan met potlood ingetekende lijnen.

Bij de aankoop zat een geschreven exploitatierekening met toelichting en een jaarrekening betreffende het jaar 1953, met daarin de pachten van opbrengst en andere vaste lasten. Tevens aan het eind erin opgemaakt de Winst en Verliesrekening. De kaartjes en documenten werden geschreven en opgemaakt  door de rentmeester van Nieuw-Amelisweerd, Jhr. René Bosch van Drakestein.


Kaartje van het landgoed Nieuw-Amelisweerd uit 1953 ingetekend door Jhr. René Bosch van Drakestein. Ingekleurd met potlood en stift. Diverse gebieden hebben ook namen. De rijkssnelweg A27 was in 1953 ook alvast even ingetekend om te kijken hoe deze in de achtertuin van NIeuw-Amelisweerd kwam te liggen. De oranje U letters verwijzen naar het Sectie gedeelte van Kadastraal Utrecht. Het grondgebied wat in 1954 bij Utrecht ging horen voordat deze bij het grondgebied van Houten toe behoord had. Kaart: Archief St. Houtense Hodoniemen.Kaartje van het landgoed Nieuw-Amelisweerd uit 1953 ingetekend door Jhr. René Bosch van Drakestein. Ingekleurd met potlood en stift. Diverse gebieden hebben ook namen. De rijkssnelweg A27 was in 1953 ook alvast even ingetekend om te kijken hoe deze in de achtertuin van NIeuw-Amelisweerd kwam te liggen. De oranje U letters verwijzen naar het Sectie gedeelte van Kadastraal Utrecht. Het grondgebied wat in 1954 bij Utrecht ging horen voordat deze bij het grondgebied van Houten toe behoord had. Kaart: Archief St. Houtense Hodoniemen.


Stempel van familie Bosch op de acterkant van het kaartje. Diverse archiefstukken in de 20ste eeuw werden door de familie Bosch gestempeld met hun naam. Zowel van de Drakestein Nieuw-Amelisweerdse tak als de Bosch van Oud-Amelisweerd tak. In Het Utrechts Archief zijn nog stukken te vinden bestempeld door leden van de Oud-Amelisweerdse tak.Stempel van familie Bosch op de acterkant van het kaartje. Diverse archiefstukken in de 20ste eeuw werden door de familie Bosch gestempeld met hun naam. Zowel van de Drakestein Nieuw-Amelisweerdse tak als de Bosch van Oud-Amelisweerd tak. In Het Utrechts Archief zijn nog stukken te vinden bestempeld door leden van de Oud-Amelisweerdse tak.



De oranje U letters verwijzen naar het Sectie gedeelte van Kadastraal Utrecht. Het grondgebied dat in 1954 bij Utrecht ging horen, voordat deze bij het grondgebied van Houten toe behoord had.

Stempel van familie Bosch op de achterkant van het kaartje. Diverse archiefstukken in de 20ste eeuw werden door de familie Bosch gestempeld met hun naam. Zowel van de Drakestein Nieuw-Amelisweerdse tak als de Bosch van Oud-Amelisweerd tak. In Het Utrechts Archief zijn nog stukken te vinden bestempeld door leden van de Oud-Amelisweerdse tak.



Fragment van de exploitatierekening van Landgoed Nieuw-Amelisweerd uit 1953.Fragment van de exploitatierekening van Landgoed Nieuw-Amelisweerd uit 1953.


In de 'Medelingen van het Dagelijks Bestuur' van Nieuw-Amelisweerd wordt over het jaar 1953 het volgende geschreven:

Dat er sinds de zomer van 1952 vijf familie bijeenkomsten zijn geweest met notaris Graafland. Dat buitenstaanders onder U des te meer rede afvragen, waarom zij van enige bericht gespeend zijn gebleven. Over de kwestie die momenteel in het brandpunt van de belangstelling staat het lot van Nieuw-Amelisweerd. Echter waren erop dat moment geen nieuwe ontwikkelingen te vertellen.


Kaart van de zuidoostelijk hoek van Landgoed Nieuw-Amelisweerd in 1898 werd door Henricus Bosch een ontwerp gemaakt met bomen voor in de lege weilanden tussen de Koningslaan en de Kromme-Rijn. Ontwerp L. Springer. Bron: Amelisweerd en Rhijnauwen Cultuurhistorisch onderzoek Albers Adviezen Historische Parken Utrecht. Kaart: Familiearchief Bosch van Drakestein.Kaart van de zuidoostelijk hoek van Landgoed Nieuw-Amelisweerd in 1898 werd door Henricus Bosch een ontwerp gemaakt met bomen voor in de lege weilanden tussen de Koningslaan en de Kromme-Rijn. Ontwerp L. Springer. Bron: Amelisweerd en Rhijnauwen Cultuurhistorisch onderzoek Albers Adviezen Historische Parken Utrecht. Kaart: Familiearchief Bosch van Drakestein.


Notaris Bernardus Gertrudes van Heyst (1821-1890). Notaris in Wijk bij Duurstede van 1859 tot 1890. Foto: Regionaal Archief Zuid-Utrecht (RAZU) Familiearchief Van Heyst 12, 84.Notaris Bernardus Gertrudes van Heyst (1821-1890). Notaris in Wijk bij Duurstede van 1859 tot 1890. Foto: Regionaal Archief Zuid-Utrecht (RAZU) Familiearchief Van Heyst 12, 84.


Notaris Henricus Jacobus (H.J.) van Heyst (1856-1949) Zoon van B.G. van Heyst. Hij was huisnotaris van familie Bosch van Drakestein en Strick van Linschoten en was gevestigd te Wijk bij Duurstede. Van 1890 tot 1930 was Hendrik werkzaam. Foto: Nederlands Instituut voor Kunstgeschiedenis, Den Haag.Notaris Henricus Jacobus (H.J.) van Heyst (1856-1949) Zoon van B.G. van Heyst. Hij was huisnotaris van familie Bosch van Drakestein en Strick van Linschoten en was gevestigd te Wijk bij Duurstede. Van 1890 tot 1930 was Hendrik werkzaam. Foto: Nederlands Instituut voor Kunstgeschiedenis, Den Haag.


Johanna Clasina van Mariënhoff (1826-1891). Echtgenote van Bernardus Gerardus van Heyst. Haar vader was de voorganger van notaris Bernard van Heyst. Henricus Jacobus van Mariënhoff (1792-1869). Foto: Regionaal Archief Zuid-Utrecht (RAZU) Familiearchief Van Heyst 12, 84.Johanna Clasina van Mariënhoff (1826-1891). Echtgenote van Bernardus Gerardus van Heyst. Haar vader was de voorganger van notaris Bernard van Heyst. Henricus Jacobus van Mariënhoff (1792-1869). Foto: Regionaal Archief Zuid-Utrecht (RAZU) Familiearchief Van Heyst 12, 84.



Henricus Jacobus van Mariënhoff (1792-1869). Notaris te Wijk bij Duurstede. Schoonvader van notaris Bernardus Gerardus van Heyst. Foto: Regionaal Archief Zuid-Utrecht (RAZU) Familiearchief Van Heyst 12, 119A.Henricus Jacobus van Mariënhoff (1792-1869). Notaris te Wijk bij Duurstede. Schoonvader van notaris Bernardus Gerardus van Heyst. Foto: Regionaal Archief Zuid-Utrecht (RAZU) Familiearchief Van Heyst 12, 119A.

Konden ze op de vorige familievergadering nog mededelingen doen over de verhuur of eventuele verkoop met Veilig Verkeer (Heren Roëll en Wijngaarden van Rees (W. v. R.). Sinds die tijd waren we in gesprek met de notaris en W. v. R.. Van Rees gaf aan dat hij eerst een begroting moest maken voor de eventuele verbouwing en inrichting (met centrale verwarming) van het landhuis. 

De begroting moest opgemaakt worden, voordat Van Rees budget kon aanvragen bij de Koninklijke in Engeland om daar een poging te wagen het benodigde geld los te krijgen. Begin december zouden we hierover bericht krijgen. Alleen hebben we dat tot op heden niet ontvangen.

Via de notaris en later via een advertentie in Elsevier werden andere bronnen aangeboord. Ook met deze reflectanten voerden we gesprekken. Tot een bod en dus tot een rede om u in te lichten is het nog steeds niet gekomen.

Van een serieuze reflectant, een zekere Muntz uit Rotterdam, verwachten we per 31 mei een bod. Zo staan nog steeds de zaken op Nieuw-Amelisweerd.



Detail van de kadasterkaart (OAD Oorspronkelijke Aanwijzende Tafel - 1811-1832) van de gemeente Oud-Wulven (1811-1858) zoals de situatie op 1 oktober 1832 was. Erop ingetekend de Lanen van Nieuw-Amelisweerd lopend tot aan de Koningsweg. Links het noordelijkste stukje Mereveldseweg wat ooit bij de gemeente Houten hoorde (1858-1954). In 1832 nog opgeschreven als 'Utrechtseweg'. Bron: Beeldbank Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, Amersfoort.Detail van de kadasterkaart (OAD Oorspronkelijke Aanwijzende Tafel - 1811-1832) van de gemeente Oud-Wulven (1811-1858) zoals de situatie op 1 oktober 1832 was. Erop ingetekend de Lanen van Nieuw-Amelisweerd lopend tot aan de Koningsweg. Links het noordelijkste stukje Mereveldseweg wat ooit bij de gemeente Houten hoorde (1858-1954). In 1832 nog opgeschreven als 'Utrechtseweg'. Bron: Beeldbank Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, Amersfoort.


Nieuw-Amelisweerd 

1. Pachten

Hendrik Cornelis (H.C.) van Scherpenzeel (1876-1955) koopman uit Bunnik, omstreeks 1905. Hij had diverse landerijen in Bunnik en omgeving in eigendom. Hij pachten diverse kersenboomgaarden in Bunnik en Vechten (oa van Familie Strick van Linschoten van Rhijnauwen. Bij de diverse houtverkopingen die twee keer per jaar op Nieuw-Amelisweerd werden gehouden kocht Hendrik (Henk) vaak bossen hout op. Vooral in de tijd van Jhr. Johan Bosch van Drakestein. Foto: Familie archief Van Scherpenzeel/Van Alphen.Hendrik Cornelis (H.C.) van Scherpenzeel (1876-1955) koopman uit Bunnik, omstreeks 1905. Hij had diverse landerijen in Bunnik en omgeving in eigendom. Hij pachten diverse kersenboomgaarden in Bunnik en Vechten (oa van Familie Strick van Linschoten van Rhijnauwen. Bij de diverse houtverkopingen die twee keer per jaar op Nieuw-Amelisweerd werden gehouden kocht Hendrik (Henk) vaak bossen hout op. Vooral in de tijd van Jhr. Johan Bosch van Drakestein. Foto: Familie archief Van Scherpenzeel/Van Alphen.

In december jl. ontvingen de Grondkamers  richtlijnen waarin  de normen voor de hoogste toelaatbare pachtprijzen aanzienlijk werden verhoogd. Door Woutje werd per 1 Mei herziening van de pachtcontracten van Zomer en Van Wiggen aangevraagd en hoewel de officiele uitslag herziening  nog niet is ontvangen, kan er wel op worden gerekend, dat beiden samen ruim F. 2500,-  meer pacht zullen moeten gaan betalen.

2. Opbrengsten fruit

Deze was in totaal rond F. 2000,- lager dan in 1952. Volgens mededelingen van Wout, heeft de koelcelvoorraad in 1953 een zeer behoorlijke prijs opgebracht en belooft ook 1954, vooral daar enige nieuwe stukken (land v. Zomer) nu gaan opbrengen, een goed jaar te worden.

3. Hout

Deze post is ruim F. 7000,- hoger dan in 1952. Dat jaar was uitzonderlijk laag, omdat er geen grienden gehakt waren. Ook 1954 zal weer een behoorlijke opbrengst geven, daar een aanzienlijk aantal kaprijpe reuzen het veld moesten ruimen voor reeds ingepote jeugd (uit eigen kweek).

Zeeland 4. Pacht

Ook hier konden we de pachtcontracten aanzienlijk worden verhoogd. Stallaert kwam van F. 4500,- op F. 6000,- en de rest van F. 4550,- op F. 6250,-. In het voorjaar werd door Louk en Wout een inspectie langs het Zeeuws bezit gemaakt en in overleg met rentmeester Staal konden enige nodige voorzieningen (voortvloeiend uit de watersnood 1953) worden geregeld.

Algemeen 5. Opbrengst effecten

Dit betreft de opbrengst van vóór de verdeling. Inmiddels heeft Louk de familieportefeuille, die hij destijds met lede ogen zag plunderen, weer tijdelijk kunnen vullen met van de belasting terugontvangen gelden.


Fragment uit de notariële akte van notaris H.J. van Heijst uit 1919 waarin Hendrik Cornelis van Scherpenzeel 208 bossen hout koopt voor 19 en 20 gulden. Bron: Regionaal Archief Zuid-Utrecht (RAZU) 288 240.Fragment uit de notariële akte van notaris H.J. van Heijst uit 1919 waarin Hendrik Cornelis van Scherpenzeel 208 bossen hout koopt voor 19 en 20 gulden. Bron: Regionaal Archief Zuid-Utrecht (RAZU) 288 240.


6. Taxatiekosten Nieuw-Amelisweerd en Zeeland

Dit betreft de taxatie door Staal en de commissie Grijns ten behoeve van de successie (conform het advies van de notaris op de laatste familie vergadering).

Belastingen

In de belastingzaken begint een klein beetje schot te komen. Per 1 april 1954 had Louk definitieve aanslagen (waarop overigens weer bezwaarschriften zijn ingediend) tot een bedrag van F. 14.000,- gekregen.

Jhr. René Bosch van Drakestein bij de voordeur van huize Nieuw-Amelisweerd in 1964. Hij sluit symbolisch de deur voordat hij het landgoed aan de gemeente Utrecht verkocht. Foto gemaakt door een journalist van De Telegraaf. Bron: krantenknipsel uit het Nationaal Archief.Jhr. René Bosch van Drakestein bij de voordeur van huize Nieuw-Amelisweerd in 1964. Hij sluit symbolisch de deur voordat hij het landgoed aan de gemeente Utrecht verkocht. Foto gemaakt door een journalist van De Telegraaf. Bron: krantenknipsel uit het Nationaal Archief.

Toelichting op de Mededelingen volgens SHH:

Na het overlijden van Jhr. Johannes Bosch in 1929 woonde zijn weduwe Jkvr. Lucie Adèle Cornélie Marie Serraris tot 1951 met haar kinderen in het landhuis Nieuw-Amelisweerd. Uit de vertrek- en inkomens staten van de gemeente Bunnik is op te maken, dat diverse leden van de familie regelmatig vertrokken of weer kwamen inwonen in het landhuis. Lucie vetrok op 12 april 1951 uit het landhuis, waarna ze naar Zeist verhuisden om aan de Ruysdaellaan 7 te Huis ter Heide te gaan wonen. In 1952 te Wassenaar kwam ze te overlijden.

In punt 5 van de Opbrengsten Effecten maakt de familie Bosch duidelijk dat na het overlijden van Lucie de verdeling van de diverse roerende goederen van het huis in 1952 in gang is gezet. De Belastingdienst was zoals het staat beschreven in punt 6 niet mals in de te innen successie na het overlijden van Lucie met daarbij de taxatiewaarde van Nieuw-Amelisweerd en de onroerende goederen in Zeeland.

Ook is duidelijk op te maken, dat de broers en zussen na het overlijden van hun moeder waren begonnen het Landgoed Nieuw-Amelisweerd te verkopen na ruim 22 jaar van familiebeheer (1929-1951). Toch zou het nog tot 1964 duren, voordat het landgoed aan de gemeente Utrecht zou worden verkocht. Het komt  erop neer, dat na ruim 35 jaar er een einde kwam aan het familie bezit Bosch van Drakestein Ghislaine van Nieuw-Amelisweerd. In totaal had de familie Bosch het landgoed Nieuw-Amelisweerd ruim 153 jaar in bezit gehad (1811-1964).

De Lanen van Nieuw-Amelisweerd in 1955. Linksonder Huize Groenewoude. Bron: Kadaster.De Lanen van Nieuw-Amelisweerd in 1955. Linksonder Huize Groenewoude. Bron: Kadaster.

Landgoed Oud-Amelisweerd werd in 1951 verkocht aan de gemeente Utrecht. Vermoedelijk dat Jkvr. Maria Thérèse Bosch van Oud-Amelisweerd al zag dat haar vroegere buurvrouw naar Zeist vertrok en haar kinderen het landgoed Nieuw-Amelisweerd te koop zetten in hetzelfde jaar. Het is nog niet duidelijk, waarom het nog ruim 13 jaar heeft geduurd voordat de gemeente Utrecht de portemonnee trok en ook Nieuw-Amelisweerd kocht voor 2,5 miljoen gulden. Dat moeten we nog uitzoeken.



Vastgoed op Landgoed Nieuw-Amelisweerd

De diverse huisnummers die aan panden zijn gegeven toen deze nog binnen de rode lijn bij de gemeente Houten behoorden tussen 1858 en 1954. Voor 1858 bij de gemeente Oud-Wulven/Maarschalkerweerd. De letter O staat voor de wijknummering Oud-Wulven. Bron: Gemeente Houten.De diverse huisnummers die aan panden zijn gegeven toen deze nog binnen de rode lijn bij de gemeente Houten behoorden tussen 1858 en 1954. Voor 1858 bij de gemeente Oud-Wulven/Maarschalkerweerd. De letter O staat voor de wijknummering Oud-Wulven. Bron: Gemeente Houten.


Huisnummering van het landgoed in  Maarschalkerweerd/Houten/Oud-Wulven voor 1 januari 1954

Huisnummeringskaart van panden die tot 31 december 1953 bij de gemeente Houten behoorden en na 1 januari 1954 bij de gemeente Utrecht gingen behoren (behorend binnen de rode lijn). Bron: Gemeente Houten.Huisnummeringskaart van panden die tot 31 december 1953 bij de gemeente Houten behoorden en na 1 januari 1954 bij de gemeente Utrecht gingen behoren (behorend binnen de rode lijn). Bron: Gemeente Houten.


Koetshuis aan de Koningslaan 1a, 3 en 5 te Bunnik 

Koetshuis van landgoed Nieuw-Amelisweerd op 8 september 1997 aan Koningslaan 3, het koetshuis werd gebouwd in 1740. Hier zijn de zussen, actrices Carice van Houten en Jelka van Houten een deel van hun jeugd opgegroeid. Moeder Margje Stasse woont er nog. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 117160.Koetshuis van landgoed Nieuw-Amelisweerd op 8 september 1997 aan Koningslaan 3, het koetshuis werd gebouwd in 1740. Hier zijn de zussen, actrices Carice van Houten en Jelka van Houten een deel van hun jeugd opgegroeid. Moeder Margje Stasse woont er nog. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 117160.


Koetshuis van landgoed Nieuw-Amelisweerd in de winter van 1901 aan Koningslaan 3-5. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 79893.Koetshuis van landgoed Nieuw-Amelisweerd in de winter van 1901 aan Koningslaan 3-5. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 79893.


Koetshuis van landgoed Nieuw-Amelisweerd op 8 september 1997 aan Koningslaan 5. Hier woonde van 1958 tot 2015 het echtpaar Gert en Fiep Hoogstraten. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 117159.Koetshuis van landgoed Nieuw-Amelisweerd op 8 september 1997 aan Koningslaan 5. Hier woonde van 1958 tot 2015 het echtpaar Gert en Fiep Hoogstraten. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 117159.


Carice van Houten (Geboren: 5 september 1976). Bron: Thom Hoffman / nummer19 / CC BY https://creativecommons.org/licenses/by/3.0) / commons.wikimedia.org.Carice van Houten (Geboren: 5 september 1976). Bron: Thom Hoffman / nummer19 / CC BY https://creativecommons.org/licenses/by/3.0) / commons.wikimedia.org.


Jelka van Houten (Geboren: 1 september 1978). Bron: nummer19 management / CC BY (https://creativecommons.org/licenses/by/3.0) / commons.wikimedia.org.Jelka van Houten (Geboren: 1 september 1978). Bron: nummer19 management / CC BY (https://creativecommons.org/licenses/by/3.0) / commons.wikimedia.org.


 

Boswachterswoning aan het Jaagpad O96

Aan de Kromme Rijn in Maarschalkerweerd Utrecht aan het Jaagpad 96 staat de uit 1920 daterende boswachterswoning. Hier woonde de boswachter, om toezicht te houden op het bos van Nieuw-Amelisweerd. 

Het inunderen van de Houtense Vlakte in het begin van de Eerste Wereldoorlog in 1914-1918. Gebied ten westen van het landgoed Nieuw-Amelisweerd. Bron: Nationaal Archief.Het inunderen van de Houtense Vlakte in het begin van de Eerste Wereldoorlog in 1914-1918. Gebied ten westen van het landgoed Nieuw-Amelisweerd. Bron: Nationaal Archief.

In 1921 woonde boswachter Jan van Steenbergen er. Op een later tijdstip boswachter Cornelis Kraag.

Op 1 januari 1954 kwam Maarschalkerweerd na de grondannexatie in de gemeente Utrecht te liggen. Maarschalkerweerd behoorde van 1 januari 1818 tot 1 januari 1858 bij de vroegere gemeente Oud-Wulven, waarna Maarschalkerweerd van 1858 tot 1954 precies 96 jaar bij de gemeente Houten behoorden. Het Jaagpad langs de Kromme Rijn had wel geteld vijf huizen, die ook mee gingen naar de gemeente Utrecht. Een daarvan was dit huis, geadresseerd aan het Jaagpad O96. De O staat voor de vroegere wijkindeling van de vroegere gemeente Oud-Wulven. De H staat voor de gemeente Houten. In de loop van de jaren vijftig en zestig van de twintigste eeuw, zijn de overige boerderijen aan het Jaagpad aan een andere weg komen te liggen of geadresseerd.

Dit huis in Maarschalkerweerd staat sinds 1954 anno 2020 al ruim 65 jaar geadresseerd aan het Jaagpad 96. De wijkletter O is er dan wel vanaf. De gemeente Utrecht heeft er nog nooit een ander huisnummer aan gegeven. Misschien wel een kleine monumentale huisnummer herinnering. Voor degene, die dat dan nog niet wisten. 

 Bij het overgaan van de boswachterswoning naar de gemeente Utrecht per 1 januari 1954, woonde Hendrik van Pouderoijen er met zijn echtgenote Martina van Brakel en hun drie zonen en dochter in het huis.

Bewoners tussen 1930 en 1954 in de boswachterswoning aan het Jaagpad O96:

1.   1930 - ... (Wed.) A. Miltenburg

2.   ... - ... T. Miltenburg

3.   ... - 1954 H.W. van Pouderoijen.

Gezicht over de Kromme Rijn te Utrecht met links de boswachterswoning Jaagpad 96, uit het zuiden gezien in 1975. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 31358.Gezicht over de Kromme Rijn te Utrecht met links de boswachterswoning Jaagpad 96, uit het zuiden gezien in 1975. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 31358.


Een pad naast een rivier of wetering werd vooral in de zeventiende eeuw gebruikt om schuit te jagen. Door middel van een paard die was gespannen aan een touw, verbonden aan de schuit. Zo kon men goederen of personen naar Utrecht of Wijk bij Duurstede vervoeren. Het personenvervoer was in die tijd alleen weggelegd voor de rijken. Wegen waren in die tijd in de winter zeer slecht begaanbaar. Bij regen of strenge winters kon men beter per schuit naar de stad gaan dan over de weg. Deze waren vrijwel altijd onbegaanbaar, vanwege de blubber en modder. Grootschalig wegonderhoud kende men nog niet zo behalve de zandpaden, die destijds door de Staten van Utrecht werden beheerd. De zandpaden kennen we in onze tijd nog terug in de hedendaagse provinciale wegen in Utrecht.


Gezicht op de voormalige boswachterswoning Jaagpad 96 te Utrecht op 8 september 1997. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 117161.Gezicht op de voormalige boswachterswoning Jaagpad 96 te Utrecht op 8 september 1997. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 117161.


Gezicht op de voormalige boswachterswoning Jaagpad 96 te Utrecht op 8 september 1997. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 117162.Gezicht op de voormalige boswachterswoning Jaagpad 96 te Utrecht op 8 september 1997. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 117162.


 

Boerderij Maarschalkerweerd

(toenmalig) aan de Koningsweg 364 en 366 / O97


In 1904 liet Jkvr. Ewoudina Louisa Elisabeth van Rappard ten westen van het landhuis Nieuw-Amelisweerd in het Houtense Maarschalkerweerd/Oud-Wulven een nieuwe pachtboerderij bouwen. Boerderij Maarschalkerweerd heeft nooit als onroerend goed bij het landgoed behoord, maar maakt op deze website wel onderdeel uit van het complete geschiedenisverhaal van wat wij willen vertellen over deze omgeving.

Toenmalige geadresseerd aan de wijk O (van Oud-Wulven O56, O60, O71 en O97). 

Na de bouw kwam Jacobus van Hal er met zijn echtgenote Antonia de Kruijf wonen. Hiervoor woonde Jacobus met zijn gezin en twee zonen en dochters in het huis Oud-Wulven O52. Zijn oudste zoon Hendrik van Hal was koetsier. Zijn andere zoon Hendrik van Hal was dienstbode. We nemen aan dat beiden op het landgoed actief waren in deze functie. Jacob van Hal overleed op 3 september 1906.

Op 11 september 1899 kwam Anthonius Miltenburg met zijn echtgenote Petronella Diks en vier zonen en acht dochters er wonen.

Op 1 januari 1914 is het huisnummer veranderd in Oud-Wulven O60 en woont Anthonius Miltenburg er nog steeds.

Op 1 januari 1921 is het huisnummer veranderd in Oud-Wulven O71 en woont Anthonius Miltenburg er nog steeds. Na het overlijden van Antonius op 3 november 1938 ging Petronella Diks in de boswachterswoning aan het Jaagpad O96 wonen.

Op 1 januari 1930 is het huisnummer veranderd in Oud-Wulven O97 en woont Willem de Haan met zijn echtgenote Johanna Geertruida de Korver, inwonende moeder en Willems drie zonen en twee dochters in de boerderij. Als op 1 januari 1954 het Maarschalkerweerd en de boerderij over gaan op het gemeentelijk grondgebied van Utrecht, woont Willem met zijn echtgenote en twee andere familieleden op de boerderij.

Op 11 oktober 1911 verkocht Jkvr. Ewoudina van Rappard boerderijen De Grote Kuil en Maarschalkerweerd met landerijen in Maarschalkerweerd aan de gemeente Utrecht. Tot aan haar overlijden in 1915 zou zij het huurrecht op de boerderijen blijven behouden. Na haar overlijden verliepen de verpachtingen via de gemeente Utrecht.

Door de latere dreiging van de aanleg van rijksweg A27, die met zijn tracé op de plek zou komen te liggen van waar ooit de boerderij stond, kwam de slopershamer eind jaren zeventig van de twintigste eeuw steeds dichterbij voor de boerderij.


Hermeting van landerijen in Maarschalkerweerd in 1955 na de annexatie tot de gemeente Utrecht. Links boerderij Maarschalkerweerd aan de Koningsweg 364, rechtsboven de boswachterswoning aan het Jaagpad O96. Bron: Kadasterarchiefviewer 1832-1987.Hermeting van landerijen in Maarschalkerweerd in 1955 na de annexatie tot de gemeente Utrecht. Links boerderij Maarschalkerweerd aan de Koningsweg 364, rechtsboven de boswachterswoning aan het Jaagpad O96. Bron: Kadasterarchiefviewer 1832-1987.


De in de buurt gelegen boerderij Mereveld aan de Mereveldseweg 2 was al in 1982 gesloopt. Eerder was de hooiberg van de boerderij verloren gegaan door brand. Huize Groenewoude was in 1976 door Rijkswaterstaat gekocht van de gemeente Utrecht en in 1978 gesloopt. Net als de vroegere portierswoningen van het landgoed aan de Koningsweg 372 en 374, die in dezelfde periode gesloopt werd.


In de periode 1905 - 1910 kwam de gemeente Utrecht overeen met Jhr. Hendrik Bosch van Drakestein om dammen te mogen gebruiken in de bermsloten van de Koningsweg en op het grondgebied van het landgoed Nieuw-Amelisweerd. Ook ter hoogte van de toegangsweg naar boerderij Maarschalkerweerd van familie Van Rappard. Bron: Het Utrechts Archief, 1803.In de periode 1905 - 1910 kwam de gemeente Utrecht overeen met Jhr. Hendrik Bosch van Drakestein om dammen te mogen gebruiken in de bermsloten van de Koningsweg en op het grondgebied van het landgoed Nieuw-Amelisweerd. Ook ter hoogte van de toegangsweg naar boerderij Maarschalkerweerd van familie Van Rappard. Bron: Het Utrechts Archief, 1803.


Boerderij Maarschalkerweerd aan de Koningsweg 364 - 366 wist het nog tot de voorjaarsdagen van maart 1982 uit te houden, voordat deze door de slopershamer van Rijkswaterstaat ten prooi zou vallen.

Op woensdag 10 maart 1982 kreeg de toenmalige bewoner, de heer H.J.J. Uphof op huisnummer 366, de aanzegging van de gemeente Utrecht om de boerderij op termijn te verlaten, omdat Rijkswaterstaat een aanvang wilde maken met de sloop van de boerderij. Tevens moest het werkterrein voor de aanleg van de snelweg uitgebreid en ingericht worden. Op donderdag 18 maart 1982 kreeg de heer Uphof nog een brief, waarin de directeur van de Dienst Ruimtelijke Ordening stelde dat het perceel bezit van de Staat der Nederlanden was geworden en vertrek uit boerderij Maarschalkerweerd echt noodzakelijk was.

Iets meer dan vijf jaar later op woensdag 29 oktober 1986 werd het nieuwe tracé van de rijksweg A27 tussen knooppunt Lunetten en Rijnsweerd geopend. Waar ooit de prachtige gebouwen van het landgoed stonden, is nu voor altijd het geraas van motorisch verkeer te horen.


Gezicht op het eerste autoverkeer tijdens de opening van de A27 te Utrecht vanuit het zuiden; rechts Nieuw-Amelisweerd op woensdag 29 oktober 1986. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 79787.Gezicht op het eerste autoverkeer tijdens de opening van de A27 te Utrecht vanuit het zuiden; rechts Nieuw-Amelisweerd op woensdag 29 oktober 1986. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 79787.


Gezicht op het eerste autoverkeer tijdens de opening van de A27 te Utrecht vanuit het zuiden; rechts Nieuw-Amelisweerd op woensdag 29 oktober 1986. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 79786.Gezicht op het eerste autoverkeer tijdens de opening van de A27 te Utrecht vanuit het zuiden; rechts Nieuw-Amelisweerd op woensdag 29 oktober 1986. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 79786.


 

Portierswoning, (toenmalige) Koningsweg 372 en 374

Gezicht op de portierswoning van Nieuw-Amelisweerd Koningsweg 372-374 te Utrecht gezien vanuit het westen in 1975. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 60534.Gezicht op de portierswoning van Nieuw-Amelisweerd Koningsweg 372-374 te Utrecht gezien vanuit het westen in 1975. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 60534.


Gezicht op de portierswoning aan de Koningsweg 372 en 374, uit het westzuidwesten; in het midden de ingang van het landgoed Nieuw Amelisweerd in juni 1978. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 60535.Gezicht op de portierswoning aan de Koningsweg 372 en 374, uit het westzuidwesten; in het midden de ingang van het landgoed Nieuw Amelisweerd in juni 1978. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 60535.


Gezicht op de Koningsweg te Utrecht met rechts de plaats van de afgebroken portierswoning Koningsweg 372 en374, tijdens het opruimen van het puin, vanuit het westzuidwesten gezien; in het midden de inrijpalen met daarachter de oprijlaan van Nieuw-Amelisweerd in oktober 1978. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 60536.Gezicht op de Koningsweg te Utrecht met rechts de plaats van de afgebroken portierswoning Koningsweg 372 en374, tijdens het opruimen van het puin, vanuit het westzuidwesten gezien; in het midden de inrijpalen met daarachter de oprijlaan van Nieuw-Amelisweerd in oktober 1978. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 60536.


Gezicht op de plaats van de portierswoning Koningsweg 372 en 374 stond te Utrecht, na het slopen, tijdens het afvoeren van het puin, uit het zuidwesten; links de oprijlaan van het landgoed Nieuw-Amelisweerd en rechts een van de inrijpalen. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 60537.Gezicht op de plaats van de portierswoning Koningsweg 372 en 374 stond te Utrecht, na het slopen, tijdens het afvoeren van het puin, uit het zuidwesten; links de oprijlaan van het landgoed Nieuw-Amelisweerd en rechts een van de inrijpalen. Bron: Het Utrechts Archief, catalogusnummer: 60537.



De portierswoning aan de Koningsweg 372 en 374 is in oktober 1978 gesloopt ten behoeve van de aanleg van de snelweg A27. Deze werd pas in 1986 in gebruik  genomen. Vermoedelijk is de woning in de zeventiende eeuw gebouwd. Bij de invoering van het kadaster op 1 oktober 1832 staat de woning op de kaart van de gemeente Oud-Wulven al ingetekend. 


Landgoed Nieuw-Amelisweerd in 1940-1950. Marinus (Ries) Balk (geboren: 24 januari 1910) met zijn echtgenote Johanna (Anna) Maria Kok (geboren: 19 augustus 1910). Ries en Anna kwamen in 1939 in de portierswoning aan de Koningsweg O100 wonen. Ries was jachtopziener op het landgoed. Na verloop van tijd ging het echtpaar aan de Huppeldijk wonen te Utrecht. De daar begonnen zandwinning heette 'Het Gat van Balk'. Bron: familiearchief Peter de Klein.Landgoed Nieuw-Amelisweerd in 1940-1950. Marinus (Ries) Balk (geboren: 24 januari 1910) met zijn echtgenote Johanna (Anna) Maria Kok (geboren: 19 augustus 1910). Ries en Anna kwamen in 1939 in de portierswoning aan de Koningsweg O100 wonen. Ries was jachtopziener op het landgoed. Na verloop van tijd ging het echtpaar aan de Huppeldijk wonen te Utrecht. De daar begonnen zandwinning heette 'Het Gat van Balk'. Bron: familiearchief Peter de Klein.


In 1921 woonde in de portierswoning aan de Koningsweg O74 (Kadastraal bekend als perceel 360, sectie D, gem. Houten) dhr. W.J. van Ettekoven. Op een later moment dhr. S Verweij. Bij het opmaken van de nieuwe adresregisters van de gemeente Houten in 1930 werd het adres van de portierswoning gewijzigd binnen de wijk Oud-Wulven aanduiding O van Koningsweg O74 naar Koningsweg O100.


Bij het overgaan van de woning naar de gemeente Utrecht op 1 januari 1954 wordt de woning bewoond door Marinus Kalk (25-09-1897) en zijn echtgenote Alida Schmidt (14-12-1895). Het adres in 1954 was toen Koningsweg O100. Na 1 januari 1954 is de portierswoning geadresseerd geraakt in de gemeente Utrecht aan de Koningsweg 372 en 374.

Bewoners van de portierswoning van

landgoed Nieuw-Amelisweerd:

1.   1930 - ... S. Verweij

2.   ... - ... H. Maatman

3.   ... - ... J.v.d Hoek

4.   ... - ... Wed. G.J v. d. Hoek

5.   1939 - ... Marinus Balk

6.   ... - 1954 Marinus Kalk

Buste van koning Lodewijk Napoleon tijdens een tentoonstelling in de het vroegere Museum Oud-Amelisweerd in december 2016. Foto: Sander van Scherpenzeel.Buste van koning Lodewijk Napoleon tijdens een tentoonstelling in de het vroegere Museum Oud-Amelisweerd in december 2016. Foto: Sander van Scherpenzeel.



Clubhuisje van de politiehondendressuur vereniging wat tot 1982 achter de portierswoning stond in het bos van Nieuw-Amelisweerd. De vereninghuurde dit huisje ruim 45 jaar waarvan de laatste jaren voor f. 15-, gulden per jaar betaald werd aan Jhr. René Bosch van Drakestein. Hier is het huisje vlak voor de sloop nog op de foto gezet voordat de rijksweg A27 hier overeen aangelegd zou worden. Bron: Amelisweerd 'De weg van de meeste weerstand'.Clubhuisje van de politiehondendressuur vereniging wat tot 1982 achter de portierswoning stond in het bos van Nieuw-Amelisweerd. De vereninghuurde dit huisje ruim 45 jaar waarvan de laatste jaren voor f. 15-, gulden per jaar betaald werd aan Jhr. René Bosch van Drakestein. Hier is het huisje vlak voor de sloop nog op de foto gezet voordat de rijksweg A27 hier overeen aangelegd zou worden. Bron: Amelisweerd 'De weg van de meeste weerstand'.


Het andere politiehondendressuur huisje wat tot 1982 bij het landgoed Nieuw-Amelisweerd behoorde vlak voor de sloop voor de aanleg van de rijksweg A27. Bron: Amelisweerd 'De weg van de meeste weerstand'.Het andere politiehondendressuur huisje wat tot 1982 bij het landgoed Nieuw-Amelisweerd behoorde vlak voor de sloop voor de aanleg van de rijksweg A27. Bron: Amelisweerd 'De weg van de meeste weerstand'.


Hondendressuur parcours in in de jaren 70 in de bossen van landgoed Nieuw-Amelisweerd. bron: Het Gelders Archief, 1145.Hondendressuur parcours in in de jaren 70 in de bossen van landgoed Nieuw-Amelisweerd. bron: Het Gelders Archief, 1145.


De griendbossen van landgoed Nieuw-Amelisweerd in de jaren 70. Amelisweerd kende diverse griendbossen zoals het Markiezenbos, Meerveldsegriend en platluis. Hier is een hutgebouwd van wilgentenen voor het trainen door de Utrechtse hondendressuurclub die voor f. 15 gulden het terrein en het clubhuisjes van Jhr. René Bosch van Drakestein huurde en pachten. Bron: Het Gelders Archief, 1145.De griendbossen van landgoed Nieuw-Amelisweerd in de jaren 70. Amelisweerd kende diverse griendbossen zoals het Markiezenbos, Meerveldsegriend en platluis. Hier is een hutgebouwd van wilgentenen voor het trainen door de Utrechtse hondendressuurclub die voor f. 15 gulden het terrein en het clubhuisjes van Jhr. René Bosch van Drakestein huurde en pachten. Bron: Het Gelders Archief, 1145.


Een griendbos van het landgoed Nieuw-Amelisweerd in de jaren 70 waar men bezig is met het bouwen van de hut van wilgentakken. Bron: Het Gelders Archief, 1145.Een griendbos van het landgoed Nieuw-Amelisweerd in de jaren 70 waar men bezig is met het bouwen van de hut van wilgentakken. Bron: Het Gelders Archief, 1145.


Hut van wilgentakken gebouwd door hondentrainers van de politiehonden dressuurclub die het terrein op het Landgoed Nieuw-Amelisweerd huurde. Bron: Het Gelders Archief, 1145.Hut van wilgentakken gebouwd door hondentrainers van de politiehonden dressuurclub die het terrein op het Landgoed Nieuw-Amelisw